14 april, 2020 | Auteur: Joep Temminck | Beeld: Joep Temminck | Trefwoord: nederland
Rijk in de Vogelaarwijk #3: Heechterp-Schieringen
Heechterp-Schieringen is een volkswijk in Leeuwarden en in 2007 benoemd tot Vogelaarwijk. Sindsdien is er veel veranderd. De meeste bewoners lijken tevreden te zijn met hun leefomgeving. Toch is het imago nog steeds niet erg goed. Als je Heechterp-Schieringen googelt, zie je vooral negatieve berichtgeving waaruit lijkt dat er niet veel verbeterd is, of misschien zelfs verslechterd is sinds 2017. Er wordt geschreven dat ‘de vogelaarwijken terug zijn’ en dat er sprake is van overmatig drugsgebruik, vervuiling op straat en hoogoplopende ruzies. In hoeverre klopt deze berichtgeving, en wat zorgt ervoor dat Heechterp niet van zijn stempel af lijkt te komen?
In het wijkcentrum zitten Fridus van den Berg en Petra Talsma, ze doen er beide vrijwilligerswerk en zetten zich op verschillende manieren in voor de wijk. Petra is opgegroeid in Heechterp-Schieringen en woont er nu weer sinds achttien jaar. Voordat de term Vogelaarwijk bestond kreeg Petra vaak scheve blikken als ze vertelde waar ze vandaan kwam, terwijl ze zelf als kind het nooit heeft ervaren als een achterstandswijk.
Fridus woont sinds er 1981 in en heeft de ontwikkeling bewust meegemaakt. De wijk is ontstaan uit woningnood na de tweede wereldoorlog. Er is veel hoogbouw omdat er in een kort tijdsbestek veel woningen gebouwd moesten worden. In het begin was het er populair, omdat de nood voor een woning groot was, met een voor die tijd vooruitstrevend winkelcentrum wat mensen uit heel Friesland trok. De omslag kwam toen er meer woningaanbod kwam en de mensen met geld ergens anders gingen wonen.
Incidenten
Volgens Fridus en Petra valt het reuze mee met de incidenten, maar als er iets voorvalt dan springt de media er direct op. Fridus vertelt dat de politie zegt dat er in de nabijgelegen wijk Camminghaburen veel vaker incidenten zijn. Petra woont in een portiekflat en bij haar in de straat wonen een aantal drugsdealers. Dit gaf Petra een onveilig gevoel toen ze er net woonde. “Veel van hen hebben vuurwapens omdat ze in die business zitten. Stel iemand heeft een rekening te vereffenen met je buurman en ze staan ineens bij jou voor de deur.”
Inmiddels heeft ze geen angst meer en is ze tot de conclusie gekomen dat je er geen last van hebt zolang je je ook niet met hen bemoeit. Fridus vindt echter dat het belangrijk is om dingen die je elke dag ziet niet als normaal te beschouwen. Petra wilt daarentegen vreedzaam kunnen leven en heeft dus niet de behoefte haar buurtgenoten aan te geven. Verklikken is uit den boze. Dat is wat Heechterp lijkt te typeren: alles gebeurt achter gesloten deuren. Dit geldt niet alleen voor drugshandel, maar zelfs voor huiselijk geweld belt Petra niet meer: “Je krijgt op de duur een naam, want iedereen die beschermt elkaar en dan ben jij de verrader. Ik woon hier, dus wil mijn buurtgenoten wel te vriend houden.” En als de politie dan wel gebeld wordt, komen ze vaak niet volgens Petra: “Want het is Heechterp.’’
Qua overlast valt het volgens de bewoners ook reuze mee. Fridus is jarenlang jongerenwerker geweest en hij ziet het als golfbewegingen: Af en toe heb je een groepje jongeren van dezelfde leeftijd die met elkaar voor wat overlast zorgen, maar tegen de tijd dat ze de stad ontdekken is dat ook weer voorbij. Volgens Fridus en Petra gaat het meestal niet verder dan kinderachtig gedrag, zoals het ingooien van een ruitje. Door zijn werkzaamheden bij het wijkcentrum weet Fridus ook wie de jongeren zijn en waar ze wonen, dat maakt het gemakkelijker om ze aan te spreken. Het ‘ons kent ons’ gehalte is erg groot. Fridus heeft echt binding met de wijk, maar door het grote verloop van bewoners geldt dit lang niet voor alle bewoners. Een probleem dat al een lange tijd heeft gespeeld, is het vele grofvuil op straat Zelfs naast werkende vuilcontainers die er staan. Door het feit dat er extra ophaaldiensten voor het vuil komen wordt de negatieve tendens groter. Het lijkt alsof de bewoners gemakzuchtig worden ‘omdat het toch wordt opgehaald’. Er was daarom een project gestart met twee open containers voor extra afval van de bewoners, maar ook dat hielp niet, omdat er twee keer brand is gesticht.
Verschillen
Petra merkt op dat er een groot verschil is in mentaliteit tussen de oudere en jongere bewoners: “We proberen zo veel, maar het helpt niet.” Fridus denkt dat de oplossing zou zijn als de handhavers sneller een boete kunnen geven aan mensen die het vuil zomaar dumpen. Nu moet er in de zak bewijs zitten dat het afval van de desbetreffende mensen is, het bewijs mag alleen maar gevonden worden door de handhavers en de bon moet aan de persoon zelf moeten worden overhandigd en mag niet in de brievenbus. Logischerwijs doen de meeste mensen dan ook niet open als de handhaving aan de deur staat. Hierdoor kan het gedrag voortgezet worden. Fridus is dan ook van mening dat in plaats van een container weghalen, de gemeente met oplossingen mag komen zoals containers die niet zo makkelijk in de fik te zetten zijn als de open containers: “We moeten gaan kijken naar wat wel werkt om het probleem op te lossen in plaats van elke keer dezelfde middelen inzetten.”
Fridus houdt zich al 35 jaar bezig met de ontwikkelingen in Heechterp. Hij heeft er heel lang jongerenwerk gedaan, wat er destijds heftig aan toe kon gaan. Later is hij zich meer gaan bezighouden met activiteiten in het wijkcentrum. In die tijd waren er nog 2 sociaal culturele werkers, 1 opbouwwerker en een maatschappelijk werker. Toen was het veel makkelijker om sturing te geven. Dit is ook te merken aan contacten met bijvoorbeeld de huurdersvereniging. De lijntjes zijn veel minder kort dan voorheen. Fridus zit momenteel bij het wijkpanel. Het wijkpanel krijgt op jaarbasis 18.000 euro om aanvullende dingen te doen, denk aan de aanleg van een schelpenpad door de groenvoorziening of een nieuw speelattribuut. Onlangs is er een bloemen- en fruitpluktuin aangelegd.
Maar wat is er nu daadwerkelijk veranderd na het predikaat Vogelaarwijk? De keuze was: investeren in woningen óf meer investeren op het sociale aspect zodat de verbetering meer op de mensen zelf dan op hun woningen zou komen te liggen. Er is voor gekozen voor meer gespecialiseerde zorg voor de bewoners van Heechterp-Schieringen en dat ging de goede kant op, tot de galerijen van de flats begonnen te rotten. Er moest toen zo veel aan de woningen gedaan worden dat ze plat moesten. Het geld moest toen in de nieuwe woningen geïnvesteerd worden in plaats van de persoonlijke ontwikkeling van de bewoners. Het positieve wat is overgehouden aan de stempel Vogelaarwijk is dat het wel is gelukt om bij meer woningen dan voorheen achter de voordeur te komen.