6 oktober, 2018 | Auteur: Katja Keuchenius | Beeld: Ayda Brinkmann | Trefwoord: nederland

Samenwerken in de Achterhoek: niet alleen de overheid achter het stuur

In de Achterhoek bereiden ze zich voor op een krimpende bevolking in 2030. Niet meer alleen de overheid voert er beleid uit, wat vooral op rampspoed is gebasseerd. Maar juist ondernemers, organisaties en bewoners zien er de kansen van in. Met nieuwe samenwerkingen pakken zij het probleem aan.

Een oude man in een rolstoel kijkt trots om zich heen als hij met een grote schaar een lint doorknipt. Hij is de voorste in een lange stoet rolstoelen en wandelaars van Wandelen op Wielen. De driedaagse gaat vanmiddag van start op het dorpsplein van Beltrum. De basisschool aan de linkerkant van de weg is net uitgelopen. In het verzorgingstehuis aan de overkant is de warme lunch al netjes opgeruimd. Jong en oud kunnen allebei mee. Perfect voor een van de doelen van de driedaagse: verschillende leeftijdsklassen in Beltrum verbinden. Dat lijkt enigszins te lukken. Basisschoolkinderen, veertigplussers en senioren zijn allemaal goed vertegenwoordigd. Maar er is een leeftijdsgroep die ontbreekt: de tiener, twintigers en begin dertigers.

Het is een bekend probleem in de Achterhoek. Jongeren trekken weg uit de stad en komen pas rond hun veertigste weer terug om zichzelf en de kinderen wat meer ruimte en rust te geven. Althans: áls ze al terugkomen. De kranten staan vol met de problemen die deze ‘krimp’ oplevert. Geen voorzieningen, geen werkgelegenheid, geen bruisende jongerencultuur. En daardoor nog minder jonge mensen, nog minder voorzieningen en nog minder werkgelegenheid. Een neerwaartse spiraal dus. Wat een ellende.

Niks krimp

Zo hoeft het niet, zeggen sommige Achterhoekers. Krimp is niet alleen rampspoed, maar biedt ook kansen. Maar dan wel het liefst zónder het woord krimp. Pas over tien jaar wordt een afname van het bevolkingsaantal verwacht. Laten we dus niet op de ellende vooruitlopen, dacht een paar lokale ondernemers. “Laten we liever focussen op aantrekkelijke samenwerkingen!”

Het is Hans Suurmond, kennismakelaar Wonen in de Achterhoek, die de Achterhoekse ondernemers citeert. Hij werkt voor de organisatie die op hun initiatief werd opgezet. De ‘Achterhoekboard’ is al een tijdje in actie, maar werd deze zomer officieel geïnstalleerd. “De ondernemers wilden niet meer alleen de overheid aan het stuur, die de afgelopen jaren ‘krimp’ vooral als probleem op de kaart zette.” Daar wordt de regio immers weinig aantrekkelijk van. Voortaan moesten naast de Overheid daarom ook twee andere O’s aan de beleidstafel aanschuiven: Ondernemers en Organisaties. De drie O’s bespreken samen de grote opgaven van de Achterhoek en starten allerlei projecten. De board ondersteunt de uitvoering, zodat niet steeds het wiel opnieuw hoeft te worden uitgevonden.

Onder de drie O’s zitten geen bewoners. Zijn die dan geen essentieel onderdeel van de betrokkenen in de Achterhoek? “Jawel, maar bewoners hebben we bewust niet ingekaderd”, zegt Suurmond. “Dat zou op gespannen voet staan met de creativiteit die je juist bij bewoners ziet. We willen dat zij komen met initiatieven en aan zelfregie doen. In veel dorpen gaan bewoners nu met elkaar in gesprek om te kijken hoe de toekomst eruit moet zien. Daar komen mooie projecten uit voort. Een dorpshuis met een aangrenzende voetbalkantine bijvoorbeeld.”

Bij papa en mama op de bank

Suurmond noemt ook Beltrum. Dat is niet vanwege de Wandelen op Wielen-brigade die vanmiddag door het dorp trekt, langs keurig opgelijnde groene bakken en doorzichtige vuilniszakken voor elke voordeur. Het dorp kent vooral één grote opgave om jongeren te behouden. Dat heeft minder te maken met voorzieningen, werkgelegenheid en cultuur dan met iets nog essentiëlers: huisvesting. Huizen staan nauwelijks te koop en dát jaagt jongeren het dorp uit. Bas Hommelink, voorzitter van het Kulturhus, houdt zich er veel mee bezig. Het Kulturhus staat midden op het dorpsplein en geldt als verbinder tussen bewoners en organisaties. Sinds de verrijzing van het Kulturhus aan het dorpsplein in 2014 maken nu bijvoorbeeld de basisschool, het verzorgingstehuis en de kerk gebruik van elkaars ruimtes. Slim ruimtegebruik is ook mogelijk op de woningmarkt, ontdekte Hommelink. Hij wil vooral meer doorstroming op gang brengen. “Minstens dertig jongeren in het dorp zitten bij papa en mama op de bank te wachten tot er iets vrijkomt.”

Die woningnood bleek tijdens een informatieavond over wonen, die door tientallen jongeren werd bezocht. Toen het Kulturhus vervolgens extra bijeenkomsten inplande voor gesprekken tussen jonge en oudere bewoners, kwam al snel de kern van het probleem bovendrijven: ouderen hielden woningen voor jongeren bezet. Nieuwe woningen bijbouwen mag namelijk niet zomaar in de Achterhoek. Omdat er naar verwachting mínder huizen nodig zijn in 2030, besloten samenwerkende gemeenten om niet te veel woningen meer toe te voegen. Ze willen niet bouwen voor leegstand.

Samen bouwen

Sommige senioren uit Beltrum overwogen al te vertrekken uit hun grote huizen met bovenverdieping, niet meer zo handig met een verhoogd risico op ongelukken. Ze hadden zelfs al plannen om passender woningen te bouwen op de plek van een oud schoolgebouw dat na een fusie in 2008 stof staat te verzamelen. Met de wens van de jongeren als stok achter de deur startten een aantal senioren al snel een CPO-project -Collectief Particulier Opdrachtgeverschap. De gesprekken tussen jong en oud leverden bovendien goede argumenten voor de goedkeuring van de gemeente om te bouwen. Wellicht komt er zelfs nog een financiële tegemoetkoming of leenmogelijkheid voor jongeren die de liquide middelen missen om verouderde huizen te moderniseren.

“Zo’n initiatief is volstrekt ondenkbaar als je het alleen vanuit de overheid had gedaan”, denkt Suurmond. “Deze oplossing werkt omdat mensen met elkaar in gesprek kwamen.” Hetzelfde idee zijn ze nu aan het kopiëren in andere dorpen in de gemeente Berkelland. “De komende jaren willen we dit op tien plekken uitrollen.”

Dit artikel is tot stand gekomen met steun van het Fonds Bijzonder Journalistieke Projecten en de Lira Startsubsidie voor jonge journalisten.

Dit artikel is onderdeel van het dossier De kansen van Krimp. Andere artikelen over groeiende sociale ongelijkheden tussen Nederlandse krimpgebieden en de Randstad, en over welke kansen krimp biedt, verschijnen ook op Small Stream Media.

Doneren

Door deze investering zorg ik ervoor dat de maker de volgende journalistieke productie realiseert.







Draag bij aan onafhankelijke makers

Onafhankelijke journalistiek begint bij makers die de tijd nemen om te luisteren, onderzoeken en verhalen menselijk te maken. Bij Small Stream Media staan die makers centraal: dichtbij, betrokken en vrij van commerciële druk. Met jouw bijdrage kunnen zij blijven publiceren, verbanden leggen en nieuwe stemmen laten horen. Je helpt eerlijke verhalen boven water te krijgen die anders onzichtbaar blijven. Draag bij aan onafhankelijke makers en bouw mee aan een platform waar kwaliteit, vertrouwen en impact voorop staan voor iedereen die betrokken is.