12 oktober, 2012 | Auteur: Rose Heliczer | Beeld: Owen Richards | Trefwoord: nederland
Admiral Fallow: Ontluikende liefde en Schotse scheldpartijen
Admiral Fallow, een vijfkoppige band uit Glasgow, trad afgelopen maand op in de kleine zaal van Paradiso. In mei dit jaar kwam hun tweede album Tree Bursts in Snow uit, een folkpop album vol poetische hoogstandjes. In het nummer Guest of the Governement bijvoorbeeld, maakt zanger Louis Abbott een terugkerende vergelijking tussen Alice in Wonderland en gedesillusioneerde mensen die hun droom om beroemd te worden tevergeefs najoegen.
Tree Bursts in the Snow is in een relatief korte tijdsspanne gemaakt: de band was in 2011 zoveel aan het touren met When Boots Met My Face (uitgekomen in 2010) dat er nog maar weinig liedjes af waren toen ze in november dat jaar de studio indoken. Ze waren echter zó content met het resultaat dat dat opleverde, dat ze geen extra tijd hebben genomen om nog meer aan de liedjes te sleutelen. In 2012 begon direct een grote tour, waarin ze behalve Amerika en Canada afgelopen maand ook (voor het eerst) Amsterdam aandeden.

Voor een eerste optreden van een onbekende band in de kleine zaal van Paradiso, is de zaal goed gevuld met voornamelijk twintigers. Een halve meter naast de setlist staat een tree bier. Admiral Fallow opent met Tree Bursts, het openingsnummer van het nieuwe album. De stemmencombinatie van de Noord-Engelse Sarah Hayes en de Schotse Louis Abott is vanwege de mengelmoes aan accenten interessant om naar te luisteren. Abott is trots op zijn Schots, hij verbloemd dan ook geen moment zijn accent.
In het nummer dat volgt (Subbuteo, naar een vingervoetbalspel), haalt Hayes haar dwarsfluit tevoorschijn en een ander bandlid neemt zijn klarinet. Samen met onder andere drums en twee gitaren werkt het nummer van het indringende "Hello my chum (kameraad, red.), its me and I'm bangin on your door" toe naar een explosieve chaos van muziekinstrumenten, waar duidelijk veel plezier aan beleefd wordt.
Als Abott aankondigt dat er een paar dancy songs aankomen, en het publiek daar niet erg enthousiast op reageert, veronderstelt hij dat zijn fans meer van deprimerende liedjes houden. Ze zouden zich geen zorgen moeten maken: die liedjes zijn daarna weer aan de beurt. "You miserable bastards." voegt hij eraan toe en begint te spelen.
Maar niet alleen het publiek als groep krijgt het te verduren. Wanneer een jongen naar achteren loopt na een liedje krijgt hij "Boring cunt," naar zijn hoofd geslingerd. In werkelijkheid is het een behoorlijk liefelijk publiek. Veel stelletjes luisteren aandachtig en houden elkaar extra stevig vast als Abott bijvoorbeeld "You sleep like a kid…. and it cuts me up when we fight, and go to bed, facing opposite sides" zingt (Dead Against Smoking).
Om de mensen in de zaal mee te laten zingen met Isn't this World Enough gebruikt Abott openlijk een trucje. Hij maakt de zaal wijs dat het Duitse publiek, waar hij afgelopen weekend voor speelde, helemaal niet goed zong. Of dit publiek dat beter kan? Het trucje werkt. Na één keer oefenen brult de niet al te gevulde kleine zaal luidkeels de opgedragen zin naar het podium.
Een van de sterkste nummers van dit album is Old Balloons, waarin Abott met zijn gekwetste lichtblauwe ogen "Sometimes it feels like trying to breath trough a pillow" toebijt. Het nummer riekt naar vervlogen jaren en vergane glorie.
Na afloop worden er veel cd's en platen gesigneerd in het donkere merchandise hoekje van de kleine zaal. Daarna vertrekt de band richting vliegveld: twee dagen later begint hun grote Amerika/Canada toer, met als eerste bestemming Chicago.