10 mei, 2012 | Beeld: Alex Wolf | Trefwoord: turkije
Het doorbreken van een Turks taboe
“Ik houd van mijn afkomst, maar die mannelijke trots kan een Turkse vrouw kapot maken”, aldus een vrouw die haar man verliet wegens huiselijk geweld. Het is een onderwerp dat in de gemeenschap nauwelijks bespreekbaar is, maar wel iets dat velen overkomt. Turken hangen niet graag de vuile was buiten. Hulporganisaties uit Turkije en Nederland slaan steeds meer de handen ineen om huiselijk geweld tegen te gaan.
In Nederland komt 36 procent van de allochtone vrouwen in aanraking met huiselijk geweld, tegenover twintig procent van de autochtone bevolking. In Turkije spreekt men zelfs van vijftig procent van de vrouwen. De landen lopen tegen verschillende problemen aan in de aanpak om het geweld tegen te gaan. Zo is in Turkije de hulpverlening veel te kleinschalig en slecht geregeld. In Nederland zijn er veel meer mogelijkheden, maar zijn er problemen op het gebied van cultuurverschillen. Nederlandse hulpverleners vinden het soms moeilijk om de Turkse cultuur te begrijpen. Om elkaar te helpen zijn hulporganisaties van beide landen een samenwerkingsverband aangegaan.
Ivonne Fong Pien Joe zet voor Stichting Wende in Den Haag projecten op die speciaal gericht zijn op de verschillende groepen allochtonen. Zij is nauw betrokken bij het Turks-Nederlandse samenwerkingsverband. Volgens Ivonne is het begrijpen en respecteren van cultuurverschillen de sleutel naar betere hulpverlening. Een groot probleem in de Turkse cultuur is volgens haar dat milde vormen van huiselijk geweld gewoon geaccepteerd zijn. Ivonne: “Als een man zijn vrouw een klap per week geeft, kijkt niemand daar raar van op. Het probleem is dat als ze die grens over gaan, er vaak geen weg meer terug is. Het geweld gaat van kwaad tot erger.”
Hoge verwachtingen
Turkije heeft een zeer collectivistische maatschappij. Turken stellen het belang van de gemeenschap boven dat van het individu. De man staat centraal in de gemeenschap. Dit betekent dat er vanuit de familie erg hoge verwachtingen voor hem zijn. Bovendien zijn Turken gewend om hun problemen binnenshuis te houden. Het naar buiten brengen van problemen gaat immers gepaard met gezichtsverlies tegenover de directe omgeving.
Idil Soycheckin runt in Ankara een blijf-van-mijn-lijfhuis en coördineert de Turkse kant van het samenwerkingsverband. Idil: “Mijn land is bezig met moderniseren. Maar Turkse vrouwen moderniseren over het algemeen sneller dan mannen. Dit veroorzaakt druk bij mannen om ‘hun vrouwen’ in gareel te houden. Dit is echt een probleem van deze tijd. Vrouwen voelen de druk van de wereld om te emanciperen, terwijl de mannen de druk van conservatieve waarden vanuit de familie voelen. Dit levert veel frictie op, wat vaak gepaard gaat met geweld.”

Iemand die dit aan den lijve heeft ondervonden is Gül (36). Zij kwam zeventien jaar geleden naar Nederland en trouwde met een man die hier al een aantal jaar woonde. Hij was een familievriend en ze kende hem sinds haar jeugd: “Ik hield echt van hem en wilde graag met hem in Nederland komen wonen.” De eerste drie jaar in Nederland ging alles goed en al snel kregen ze een baby. Maar in Nederland kwam Gül erachter dat ze meer wilde dan thuis zitten met haar kind. Gül miste haar sociale leven in Turkije en had genoeg van het kleine wereldje waar ze in Nederland in terecht was gekomen. “Ik wilde graag kinderleidster worden in een kinderdagverblijf, maar toen ik dit voorstelde aan mijn man, leerde ik zijn zwarte kant kennen.” Hoe meer Gül zich onttrok aan de mening van haar echtgenoot, hoe gewelddadiger hij werd. “Uiteindelijk had hij mij waar hij wilde hebben. Thuis, bang, op de bank.” Het was een buurvrouw die Gül zag lopen met een blauwe plek op haar voorhoofd die haar wees op de mogelijkheden om hulp te krijgen.
Inmiddels is Gül gescheiden van haar man en woont ze met haar zoon in Rotterdam. Het doet haar veel pijn om terug te denken aan haar ex-man, want ze mist hem nog steeds. “Het is zo raar hoe iemand kan veranderen, omdat hij denkt dat mensen slecht over hem zullen praten. Hij was bang dat hij het lachertje van de familie zou worden als ik ging werken. Ze zouden hem zien als een man die niet voor zijn vrouw kan zorgen. Ik ben uiteindelijk bij hem weggegaan, omdat ik het niet kon verkroppen dat hij al die mensen boven mijn welzijn plaatste. Ik houd van mijn afkomst, maar die mannelijke trots kan een Turkse vrouw kapot maken.”
Ondergeschikte rol vrouw
Idil: “Wat mij opviel toen ik in Nederland was, was dat veel Nederlanders denken dat huiselijk geweld typisch een islamitisch probleem is. Maar daar heeft het niets mee te maken. Het is een cultureel probleem. In elk machistisch land is huiselijk geweld een groot probleem, bijvoorbeeld ook in Spanje en Italië.” Idil stelt dat het islamitische geloof nooit als reden wordt aangegeven voor huiselijk geweld, door de vrouwen die ze helpt. Volgens haar is negen van de tien keer de ondergeschikte rol van de vrouw de boosdoener.
In de Turkse patriarchale samenleving worden vrouwen en kinderen nog steeds als eigendom van de man gezien. Het is erg moeilijk om deze denkwijze te veranderen. Het is bekend dat immigranten vaak nog sterker vasthouden aan hun cultuur dan wanneer ze in het land van oorsprong zouden wonen. Dat versterkt de problemen. Daar komt bij dat de Turkse gemeenschap in Nederland enorm op zichzelf gericht is en weinig invloed van de Nederlandse cultuur toelaat.
In Turkije is ongelijkheid tussen mannen een vrouwen een flinke kwestie. Zo blijkt uit de Gender Gap Index, die gelijkheid tussen mannen en vrouwen in verschillende landen meet. Turkije staat op plaats 122 van de 135 landen op deze lijst uit 2011. Ter vergelijking, Nederland staat op de zeventiende plaats en Jemen sluit de lijst af op plaats 135. Cijfers over Turkije stellen dat maar liefst 52 procent van de vrouwen slachtoffer is van huiselijk geweld. Bovendien zijn er in het land op 72 miljoen inwoners slechts rond de honderd vrouwenopvanghuizen.
Te direct
Ondanks het feit dat het in Turkije slecht gesteld is op het gebied van huiselijk geweld, richt Ivonne Fong Pien Joe zich veel op het land om erachter te komen hoe ze het beste met Turkse slachtoffers hiervan kan omgaan: “In Nederland is het erg belangrijk dat het beestje een naam heeft. Zo benoemen wij het vrij snel en proberen we het meteen op te lossen. Voor Turken is deze aanpak vaak te direct. We moeten dus subtieler met deze zaken omgaan.”
Idil Soycheckin beaamt dit, ook zij moet in Turkije uitkijken dat ze de mannen niet teveel tot boeman maakt. “Veel vrouwen accepteren het geweld gewoon, omdat ze van hun man houden. Zij willen van ons geen feministische praatjes over ‘voor jezelf kiezen’, want zij kennen geen andere wereld dan de wereld waarin je de vrouw bent van een man. Wij moeten hier respect voor hebben en accepteren dat het voor die vrouwen bijna altijd het uitgangspunt is om weer terug te komen bij haar man. Dit betekent natuurlijk niet dat we ze niet moeten helpen, maar er is wel een andere benadering nodig.”
Onder de indruk
Volgens Idil leidt juist het naast elkaar leggen van de verschillende aanpakken tot een succesvolle samenwerking. Soycheckin: “Wij wijzen de Nederlanders erop dat zij op een andere manier Turkse vrouwen moeten benaderen en kunnen verklaren waarom huiselijk geweld zo’n probleem is in onze samenleving. Wij waren weer erg onder de indruk van de organisatiegraad van de Nederlandse hulpverlening. Wij leren dus hoe wij onze hulpverlening moeten coördineren en hoe we goede netwerken kunnen opzetten.
De hulpverlening op het gebied van huiselijk geweld in de Turkse gemeenschap zal in de toekomst dan ook vooral neer komen op voorlichting. Ivonne wil het geweld uitroeien waar het begint, bij de ideeën. “Het klinkt misschien erg clichématig maar educatie is wederom de sleutel naar succes. Zowel voor de cliënten als voor de hulpverleners.”