28 november, 2007 | Trefwoord: china
De Chinese Nuon en Essent overtuigen 5
De 'Big 5’ zijn de vijf grootste elektriciteitsbedrijven van China, zeg maar de Chinese variant van Nuon en Essent. Het grootste bedrijf heeft 55 Giga Watt (GW) aan elektrisch vermogen in beheer. Ter vergelijking, in heel Nederland staat nog geen 20 GW.
De Chinese economie groeit als kool, dat weet iedereen nu wel. Die economie heeft goedkope arbeid nodig (voorlopig zijn er nog genoeg mensen beschikbaar) en energie. Als de economie zoals nu met 10 procent per jaar groeit, betekent dit dat de opgewekte elektriciteit óók met 10 procent moet groeien. Ze hebben in China in totaal 600 GW aan elektriciteitscentrales en dus moet er ieder jaar 60 GW bij, ofwel ruim drie keer het totale Nederlands vermogen, ofwel iedere week een fikse (1 GW) centrale.
Op bezoek bij een kolencentrale
Deze week ben ik naar een dergelijke kolencentrale gegaan. De grootste in het noorden van China bij de stad Zhangjiakou op zo’n 200 kilometer van Peking. De grote, brede torens naast de fabriek stoten grote wolken waterdamp uit en zorgen ervoor dat de centrale afkoelt.
De vier enorme schoorstenen braken de uitlaatgassen van de centrale uit met stoffen als stikstofdioxide, zwaveldioxide en roet. Deze stoffen zorgen voor de luchtvervuiling in grote delen van China, voor zure regen op een derde van het Chinese grondgebied (en daarbuiten) en voor veel vroegtijdige doden onder de Chinese bevolking.
Ook stoten deze schoorstenen koolstofdioxide (CO2) uit, het belangrijkste broeikasgas dat voor klimaatverandering zorgt. En daarmee wordt het ‘kolen’-probleem van China een wereldwijd en ook Nederlands probleem.
De kolencentrale is direct naast een dorpje gebouwd en een doordringende ‘steenkolen- en zwavelgeur' hangt over de huizen. De verhalen van de dorpelingen zijn een mix van positieve en negatieve geluiden. Een boer vertelt dat hij hiervoor alleen werkte in de lente en in de zomer op het land. Nu werkt hij in de herfst en winter bij de centrale voor extra inkomsten. Zijn leven is beter geworden. Wel heeft hij last van zijn longen.
Andere dorpelingen vertellen over te weinig compensatie die zij gekregen hebben voor het land waar de kolencentrale op staat. En over corruptie van lokale overheidsfunctionarissen die niets voor hen doen, maar wel steeds rijker lijken te worden.
Indrukwekkende verhalen die voor mij echter moeilijk te verifiëren zijn, al stroken ze met vele verhalen die ik gelezen en gehoord heb. Wel kan ik met mijn eigen ogen zien hoe het hele dorp (en ook de verbouwde mais) onder een dikke laag kolenstof ligt en kan ik de centrale duidelijk ruiken.
Energie [R]evolutie
Gelukkig kan het anders. De economie kan groeien zonder dat er zoveel meer kolencentrales bij moeten komen. Door slimmer om te gaan met energie en door energie met schone energiebronnen op te wekken, kan China een meer duurzame ontwikkeling doormaken. De Energie [R]evolutie van Greenpeace ( www.energyblueprint.info) is een scenario die laat zien dat dit mogelijk is.
Ook de hoogste Chinese leiders lijken deze kant op te willen. Tijdens het vijfjaarlijkse congres van de communistische partij afgelopen oktober is in de statuten bijgeschreven dat gewerkt moet worden met een ‘wetenschappelijk kijk op ontwikkeling’. Volgens president Hu kan daarmee een meer duurzame groei doorgemaakt worden.
De ‘Big 5’ dus
Die Big 5 zullen dus minder moeten gaan investeren in kolencentrales en meer in schone energiebronnen. Maar hoe kan Greenpeace dat nu eens voor elkaar krijgen? De bedrijven zijn enorm. Bovendien is Greenpeace (sowieso alle non-gouvernementele organisaties) vrij onbekend.
Greenpeace heeft eens gepraat met het Ministerie van Buitenlandse Zaken over het Chinese importbeleid van fout hout (houtkap wat leidt tot vernietiging van tropisch regenwoud). De ambtenaren wilden graag weten wat de illegale organisatie Greenpeace (Greenpeace heeft geen officiële registratie als Chinese NGO) hen ging vertellen over illegale houtkap. En daarmee was de ‘dialoog’ voorbij.
Een zelfde reactie verwachten we bij deze bedrijven en dus zal een directe discussie moeilijk worden. Wat dan? Want we laten ons natuurlijk niet zomaar uit het veld slaan. Eén van de ideeën is de media op te zoeken om te laten zien wat voor milieuschade deze bedrijven veroorzaken en dat er alternatieven zijn, maar dat is natuurlijk een behoorlijke uitdaging. De media zijn óf in handen van de staat of worden nauwgezet gecontroleerd door de staat. Zal Greenpeace de ruimte krijgen kritische verhalen te vertellen of steken de ‘Big 5’ daar via de staat een stokje voor?
Analyse van de huidige situatie laat zien dat de staat, met name de centrale overheid, ook niet altijd even blij is met de ‘Big 5’. De centrale overheid zou graag zien dat de ‘Big 5’ meer in schone energiebronnen investeren en dat ze wat efficiënter omgaan met energie. Het lijkt er dus op dat daar wel wat ruimte zit voor Greenpeace om mee te werken.
Maar wat dan? Een kolencentrale blokkeren is zeker te heftig. Maar kunnen we bij de kantoren van deze bedrijven folders met informatie uitdelen aan de werknemers? Of kunnen we de media uitnodigen als we een brief met onze zorgen en suggesties aanbieden? Of kunnen we de film van Al Gore ‘An inconvenient truth’ projecteren op een scherm tegenover het kantoor?
Discussies hierover met collega’s zijn interessant zowel voor mij als voor hen en heel leerzaam omdat ze me veel vertellen over wat zij denken dat mogelijk is in China. Belangrijkste conclusie is eigenlijk dat we weten dat we wel een brief kunnen sturen en niet een centrale kunnen blokkeren, maar dat alles ertussen een groot grijs gebied is. We gaan er nog veel over praten en hebben besloten al doende te leren. We beginnen voorzichtig en kijken dan hoe de ‘Big 5’, de media en de centrale overheid reageren. En dan misschien een stapje verder.
Hutongs en baijiu
Tussen al deze afwegingen door is er genoeg kans om China te ervaren. Bijvoorbeeld als ik weer eens een nieuwe route fiets van mijn huis naar mijn werk en langs één van de traditionele, oude hutongs kom. Hutongs zijn straatjes waar de Chinezen aan wonen, met vaak vrij veel bomen, gedeelde WC’s buiten het huis en vele kleine eettentjes.
En afgelopen zaterdag was ik uitgenodigd om het één-jarig huwelijksjubileum te vieren van een collega. Trouwen is in China heel normaal en om, zoals ik, alleen samen te wonen komt eigenlijk niet veel voor. Een belangrijke reden hiervoor is de wet die stelt dat een kind niet geregistreerd kan worden als de ouders niet getrouwd zijn. En om een illegaal Chineesje in Peking op de wereld te zetten is niet ideaal.
Het huwelijk werd vorig jaar voltrokken, maar zonder veel poespas. Nu was het tijd voor een feest. 'Lucky me', want vorig jaar was ik hier nog niet natuurlijk. Als Chinezen feest vieren betekent dat vooral gezellig bij elkaar komen en ETEN! Zo ook bij dit feest. In een mooi traditioneel gebouw met binnenplaats (courtyard houses) zaten de gasten aan vier grote, mooi versierde tafels.
Het bruidspaar, met vooral de bruid in een mooie uitdossing, liet met een projector foto’s van zichzelf zien en vertelde hoe hun liefde begonnen was. Daarna kregen gasten de kans om een anekdote te vertellen, gevolgd door een toast. Gelukkig kon ik kiezen uit bier of wijn en stond er geen Baijiu op tafel. Baijiu is de Chinese variant op de Nederlandse jenever of Russische wodka, erg sterk, niet zo lekker en uit ervaring weet ik dat je er dagen later nog last van kan hebben.
Toen kwam het eten! Gang na gang werd binnengedragen en ik heb het al eerder gezegd, het Chinese eten is heerlijk en heeft niets met de afhaalchinees in Nederland te maken. Tijdens het eten geef je jouw cadeau aan het echtpaar. Meestal een rode enveloppe met geld als tegemoetkoming voor de kosten van feest. Ik vond een fiets wel zo toepasselijk voor mijn Chinese Greenpeace collega in Peking!