29 september, 2008 | Auteur: Geesje van Haren | Trefwoord: nederland
Oorlogsmisdadigers moeten snel het land uit
Justitie gaat hard optreden tegen vermeende oorlogsmisdadigers die in Nederland verblijven. Er zijn zo’n 350 migranten die op grond van artikel 1-F van het Vluchtelingenverdrag worden verdacht van oorlogsmisdaden. Bijna 30 procent mag voorlopig blijven in afwachting van hun asielaanvraag, maar 250 anderen zullen het land samen met hun gezin zo snel mogelijk moeten verlaten verlaten.
Meer dan tien jaar worstelde het ministerie van Justitie met 1-Fers. Bewijslast voor hun misdaden is moeilijk te vinden, zij kunnen dus moeilijk worden veroordeeld. Maar ook kunnen zij niet goed worden uitgezet omdat het land van herkomst hen er niet in laat. Het Openbaar ministerie zal binnenkort met een verbeterplan komen om de van oorlogsmisdaden verdachte vreemdelingen aan te pakken.
De adviescommissie voor vreemdelingenzaken adviseerde Justitie nog eens goed te kijken naar de wetgeving voor de kinderen van die 1-Fers. “De kinderen zouden niet ongelimiteerd de gevolgen dienen te dragen van het enkele feit dat ze het kind zijn van een vermoedelijke oorlogsmisdadiger. (..) In een deskundigenrapport is geconcludeerd dat deze kinderen na vijf jaar verblijf in Nederland dermate zijn geworteld dat een gedwongen terugkeer van deze groep schadelijk is voor hun ontwikkeling.”
Jarenlang stond de regering voor het dilemma dat 1-Fers niet via hun kinderen alsnog een verblijfsvergunning moesten kunnen afdwingen. Op 10 september werden de Tweede Kamer en het kabinet het erover eens dat “partners en kinderen voortaan, als ze tien jaar in Nederland zijn, een aanvraag mogen indienen voor een permanente verblijfsvergunning. Voor later overgekomen of geboren kinderen is de verblijfsduur van de moeder bepalend.”
De campagnevoerders Comité Foute Kinderen Bestaan Niet, Defence for Children International (DCI) en Justitia et Pax zijn blij met het besluit. “De enige reden waarom de kinderen niet onder de pardonregeling vielen, was het ‘1-F-stempel’ van hun vader. Na tien jaar verblijf in Nederland vervalt het ‘1-F-stempel’ voor de kinderen en is er geen reden meer om hen uit te sluiten van de pardonregeling. De staatssecretaris verwacht dat tussen de twee- en driehonderd kinderen en gezinsleden hiermee alsnog onder de pardonregeling komen te vallen,” liet DCI weten.
De strijd is volgens DCI nog niet gestreden. Zij zouden de termijn van tien jaar naar beneden willen aanpassen; “Voor velen is dat hun hele leven, voor elk kind meer dan de helft van zijn leven. De verplichtingen van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK) brengen met zich mee dat steeds gekeken zal moeten worden of de ontwikkeling van een kind niet te veel wordt geschaad als het kind wordt uitgezet nadat het geworteld en ingeburgerd is in Nederland. Een termijn van vijf jaar zou wat dit betreft een omslagpunt kunnen zijn.”
Vreemde situaties doen zich nu nog voor in de gezinnen van een 1-F-migrant. De oudere kinderen van boven de 18 kunnen zelfstandig asiel aanvragen en worden individueel beoordeeld. Hun jongeren broertjes en zusjes konden dat niet. Zij moeten afwachten wat de politiek over hen beslist.
Meer weten? Zie:
1-Fers smeken niet meer, zij eisen hun recht, fotoserie, 3 oktober 2008.
Genoeg is genoeg, video, 10 oktober 2008.
Strijd voor rechtvaardigheid zit in het bloed, audioslideshow, 17 oktober 2008.
1-Fers slapen op het Plein, audioslideshow, 31 oktober 2008.
Terug op het Plein, fotoserie, 29 november 2008.
Protest voor het recht op eerlijk proces, audioslideshow, 10 december 2008.
Iedereen heeft toch recht op een vader? fotoserie, 26 december 2008.
Beschuldigd van ernstige misdrijven zonder bewijs audioslideshow, 11 januari 2009.