16 september, 2025 | Auteur: Monica Lam | Beeld: de redactie | Trefwoord: nederland
Ongedocumenteerde Surinamers krijgen na decennialang wachten verblijfsrecht
Al tientallen jaren wonen naar schatting ruim duizend Surinamers zonder papieren in Nederland. Dankzij een tijdelijke regeling konden zij onlangs een Nederlandse verblijfsvergunning aanvragen. Maar niet iedereen voldoet aan de voorwaarden. Tweederde valt af. "Andere oud-Nederlanders hebben recht op verblijf in Nederland, maar Surinaamse oud-Nederlanders worden categorisch uitgesloten. En daar is geen goede reden voor”, verklaart advocaat Bezem van Prakken d’Oliveira.
In Nederland leven meer dan duizend ongedocumenteerde Surinamers. Wie bij de onafhankelijkheid van Suriname op 25 november 1975 niet koos voor de Nederlandse nationaliteit, werd automatisch Surinamer. En wie geen keuze maakte, verloor automatisch het Nederlanderschap.
Tot 1981 konden Surinamers wel nog onder soepele regels naar Nederland reizen en op die manier aanspraak maken op de Nederlandse nationaliteit. Maar niet iedereen was toen goed op de hoogte van de wijzigingen. Sommige minderjarigen verloren het Nederlanderschap omdat hun ouders kozen voor de Surinaamse nationaliteit. Anderen waren onvoldoende geïnformeerd of overzagen de consequenties van hun keuze niet.
Als gevolg verhuisden er Surinamers naar Nederland zonder Nederlands paspoort. Dat gebeurde om allerlei redenen, bijvoorbeeld vanwege gezinshereniging of naar aanleiding van de politieke onrust die ontstond na de staatsgreep van Desi Bouterse in 1980. In Nederland hadden zij geen verblijfsrecht, ze leefden hier ongedocumenteerd, trokken in bij familieleden of leefden op straat.
Onder de radar
Naar aanleiding van de wetswijzigingen werd de toegang tot voorzieningen, zoals zorg, onderwijs en huisvesting gekoppeld aan rechtmatig verblijf. Dit had allerlei gevolgen voor de Surinamers zonder papieren. Sommigen belandden in armoede en raakten dakloos.
Vanwege de schrijnende situatie van deze groep startte in januari 2025 een tijdelijke regeling: de zogenoemde Verblijfsregeling voor Surinaamse oud-Nederlanders (ook wel Suriname-regeling genoemd). Deze gaf Surinamers geboren vóór 25 november 1975, die de afgelopen tien jaar onafgebroken in Nederland woonden en geen strafblad hadden de kans op een verblijfsvergunning.
Het ASKV (Amsterdams Solidariteits Komitee Vluchtelingen) werd landelijk verantwoordelijk voor de intake. “We hebben bijna duizend aanmeldingen gehad,” vertelt projectmedewerker Feline Lucas. “Maar we konden niet voor iedereen een aanvraag doen, want niet iedereen voldeed aan de voorwaarden. Uiteindelijk hebben we zo’n 340 aanvragen naar de IND gestuurd. De IND verwerkt momenteel nog de laatste aanvragen. We verwachten dat rond de 300 mensen uiteindelijk een vergunning krijgen door de regeling.”
Lucas sprak de afgelopen periode Surinamers die soms dertig of veertig jaar in Nederland onder de radar leefden. “Ze vermeden elk contact met officiële instanties uit angst om opgepakt te worden. Zelfs bij ons intakegesprek waren sommigen bang dat er ineens politie voor de deur zou staan.”
"De gevolgen zullen bij sommige Surinaamse oud-Nederlanders voelbaar blijven"
De gevolgen daarvan zullen bij sommige Surinaamse oud-Nederlanders voelbaar blijven, zelfs bij degenen die nu een verblijfsvergunning hebben gekregen, vertelt Lucas. “Na zoveel jaar te hebben geleefd in angst, voel je je nooit helemaal meer veilig. Nederland heeft altijd gezegd: 'jij hoort hier niet'. Dat doet pijn, vooral voor Surinamers die Nederland zien als hun moederland.”
Regenboog Groep
De nieuwe regeling kwam tot stand dankzij druk van mensenrechtenorganisaties, waaronder de Amsterdamse organisatie de Regenboog Groep. Deze organisatie biedt onder meer hulp aan daklozen en kwam zodoende steeds vaker in aanraking met oudere Surinamers die al vele jaren zonder verblijfsvergunning in Nederland wonen. Eerder pleitten zij voor het legaliseren van hun verblijf en voor de herinvoering van de regeling ‘verruimde gezinshereniging’. Deze regeling werd in 2012 afgeschaft waardoor alleenwonende ouderen vrijwel geen kans meer hebben om bij hun meerderjarige kinderen in Nederland verblijfsrecht te krijgen.
Hun oproep, gesteund door juristen en advocaten, bereikten de landelijke politiek. Uiteindelijk stemde een meerderheid van de Tweede Kamer in 2024 in met de maatregel die nu bekendstaat als de Suriname-regeling. Van 1 januari tot en met 30 juni van dit jaar konden Surinaamse oud-Nederlanders een verblijfsstatus aanvragen. De status heeft veel gevolgen voor Surinamers die tot voor kort ongedocumenteerd in Nederland leefden, vertelt Lucas.
“Als je ongedocumenteerd bent, heb je alleen recht op basiszorg. Specialistische en preventieve zorg. waar bijvoorbeeld het bevolkingsonderzoek onder valt, is bijna niet toegankelijk", aldus Lucas. "Een Surinaamse vrouw kreeg onlangs te horen dat ze een verblijfsvergunning kreeg. Daarna bleek ze een agressieve vorm van borstkanker te hebben. Is dit toeval, vraag ik me af, of had dit veel eerder ontdekt kunnen worden met een reguliere mammografie?”
Hoopvol
De oudste aanvrager in de regeling is geboren in 1929, blijkt uit gegevens van het ASKV. “Deze persoon heeft een verblijfsvergunning gekregen,” vertelt Lucas opgelucht. De gemiddelde aanvrager komt uit 1965 en was dus minderjarig toen zij in 1975 de Nederlandse nationaliteit kwijtraakten. Qua gender gaat het ongeveer gelijk op, aldus de cijfers van het ASKV.
Lucas spreekt cliënten die weer hoopvol naar de toekomst kijken doordat zij een verblijfsvergunning hebben gekregen. “Ze hoeven niet dankbaar te zijn, maar dat zijn ze wel en dat zegt heel veel over deze mensen. Ze kijken vooruit en willen hun leven oppakken.” Eén van die personen is de 68-jarige Remy* uit Amsterdam. In 1976 kwam hij met een Surinaams paspoort naar Nederland, een jaar na de onafhankelijkheid. “Mijn familie stuurde me naar Nederland, omdat ik mijn moeder problemen gaf,” vertelt hij.
"In de gevangenis werd ons niks gevraagd omtrent nationaliteit."
Waar de meeste Surinamers zelfstandig een keuze konden maken of ze wel of geen Nederlander wilden blijven na de onafhankelijkheid, was de situatie voor Remy anders. “In 1974 werd ik veroordeeld voor anderhalf jaar cel omdat ik een horloge had gestolen. Hierdoor zat ik tijdens de onafhankelijkheid vast. In de gevangenis werd ons niks gevraagd omtrent nationaliteit. Ik had geen keuze om te zeggen dat ik Nederlander wilde blijven.” Dit leidde zelfs tot een opstand in de gevangenis, vertelt Remy, maar tevergeefs. Na zijn vrijlating had Remy een Surinaams paspoort, en was hij geen Nederlander meer.
Spanningen
Desondanks werd Remy in 1976 door zijn moeder naar Nederland gestuurd. Zijn broer ving hem op. Die woonde in Arnhem samen met zijn Nederlandse vrouw. Remy trok bij hen in, maar dat verliep niet altijd vlekkeloos. “Hij regelde werk voor mij, maar thuis ontstonden er spanningen. Mijn broer hielp mij daarna aan een eigen kamertje, maar de spanningen bleven. Dit had ook gevolgen op de werkvloer. Hierdoor raakte ik mijn baan kwijt.”
Tot 1980 bleef Remy in Arnhem wonen. Daarna vertrok hij naar Amsterdam, waar verleidingen van de straat op de loer lagen. “Ik was geen makkelijke jongen toen. Maar ik ben inmiddels veranderd.” Zo doet Remy al jarenlang vrijwilligerswerk. En hij kreeg een kind met een Nederlandse vrouw, waar hij vol trots over vertelt. “Hij studeert inmiddels!” Omdat Remy al die tijd zonder papieren leefde, had het vaderschap ook consequenties. “Mijn zoon kon niet mijn achternaam dragen. Want als je geen geldig identiteitsbewijs hebt, kan je je kind niet erkennen.”
Remy spreekt niet met iedereen over het feit dat hij tot voor kort zonder papieren in Nederland leefde. “Iemand die geen belangstelling toont, daar vertel ik het niet tegen. Maar ik sprak wel met mensen erover. Want als je niet praat, kan je ook geen hulp krijgen.” Die hulp kreeg Remy van familie en vrienden, maar ook van een broederlijke organisatie waar hij lid van is. “We vormen onderling een ketting. We helpen elkaar waar het kan. Als iemand een klusje nodig had, vroegen ze mij. Op die manier kwam ik aan geld.”
Nieuwe zorgen
In april van dit jaar kreeg Remy zijn verblijfsvergunning. Dit brengt een einde aan een periode van 49 jaar waarin hij zonder papieren leefde. “Ik hoorde over de regeling op het nieuws. Daarna heb ik mij meteen gemeld bij het ASKV. Ik was één van de eerste.” Wat de verblijfstatus betekent voor Remy? “Ik heb minder zorgen, ik voel me vrijer. Het voelde alsof ik eerst leefde als een mol onder de grond en nu ben ik boven de grond. Maar ik doe niet anders dan voorheen. Voorheen keek ik ook niet achter mijn schouders om.”
“Ik heb minder zorgen, ik voel me vrijer."
De verblijfsvergunning zorgt tegelijkertijd voor nieuwe zorgen voor Remy. “Ik moest aan de gemeente Amsterdam mijn postadres doorgeven, wat nodig is voor een burgerservicenummer en dat is weer nodig om een bankrekening te openen. Ik wacht daar nog steeds op.”
Hoewel Remy veel heeft meegemaakt, zijn er nog steeds dingen die hem positief houden, vertelt projectmedewerker Lucas. “Remy heeft me vaak verteld hoe belangrijk de broederlijke organisatie voor hem is, en dat er zoveel mensen achter hem staan dat hij zich gelukkig niet alleen voelt. Hij is ook lid van een toneelgroep. Toen ik met hem over zijn toekomst sprak, benoemde hij het Ajax-stadion waar een kennis van hem werkt. Hoewel hij inmiddels 68 jaar is, zou hij graag nog willen werken. Al is het maar iets kleins.”
Rechtszaken
Voor Remy en vele anderen heeft de Suriname-regeling een einde gebracht aan een onzeker bestaan in Nederland. Toch heeft de regeling niet voor alle duizend Surinamers zonder papieren een oplossing gebracht. Tweederde valt buiten de boot. Zo vertelt de Utrechtse organisatie STIL dat zij maar één cliënt naar het ASKV konden doorverwijzen. “Vijf hebben we niet verwezen omdat ze niet aan de voorwaarden voldoen.” Ook het Wereldhuis in Den Haag kon niet iedereen doorsturen, volgens het Wereldhuis kwam dat omdat sommige ongedocumenteerde Surinamers in Nederland na de onafhankelijkheid zijn geboren of de afgelopen tien jaar niet onafgebroken in Nederland verbleven.
"Het zijn schrijnende gevallen en ik acht het niet in lijn met de geest van de regeling om deze voorbeelden uit te sluiten.”
Eva Bezem, advocaat bij Prakken d’Oliveira, zet zich al jarenlang in voor Surinaamse ongedocumenteerden. In de afgelopen jaren heeft Bezem ruim 200 personen bijgestaan. Momenteel staat zij personen bij die niet voldoen aan de voorwaarden van de Suriname-regeling. De redenen daarvoor lopen uiteen, vertelt Bezem: “Omdat ze tussendoor gedwongen zijn uitgezet naar Suriname of daarheen moesten voor een ziekte of overlijden in de familie. Of omdat ze dachten een verblijfsvergunning bij hun partner in Paramaribo op te kunnen halen, maar tussentijds was de relatie ineens uit. Of omdat ze tijdelijk in een ander EU-land verbleven of omdat ze in Nederland in die tien jaar een tijdje wél een geldige verblijfsvergunning hadden. Een zeer klein percentage heeft net een te zwaar strafblad, ook al is hun gedrag nu dan wel verbeterd en vormen ze geen gevaar meer voor de Nederlandse openbare orde. Het zijn schrijnende gevallen en ik acht het niet in lijn met de geest van de regeling om deze voorbeelden uit te sluiten.”
Bezem is onlangs een bezwaarprocedure gestart voor circa 45 Surinaamse oud-Nederlanders die niet voldeden aan de voorwaarden. “Het idee van de tijdelijke regeling is voortgekomen uit de vaststelling dat de Vreemdelingenwet Surinaamse oud-Nederlanders discrimineert. Andere oud-Nederlanders hebben recht op verblijf in Nederland, maar Surinaamse oud-Nederlanders worden categorisch uitgesloten. En daar is geen goede reden voor”, verklaart Bezem.
Momenteel neemt de IND de hoorzittingen van de bezwaarschriften af. Eind oktober worden de besluiten verwacht.
*Om de privacy van Remy te beschermen wordt alleen zijn voornaam gebruikt.