5 juli, 2021 | Auteur: Marlies Rothoff | Trefwoord: nederland
Na vijf procedures mag Merhawitóch blijven: ‘IND maakte een fout’
Vier jaar en vijf asielprocedures verder heeft de Eritrese Merhawi Zersenay (19) een verblijfsvergunning. “Hij is door het dolle heen,” vertelt zijn advocaat Andrea Pool. Merhawi zijn vergunning gaat door een fout van de IND met terugwerkende kracht in op 2 augustus 2017, de dag dat hij aankwam in Nederland. Sindsdien probeert hij een vergunning te krijgen, maar steeds werd hij afgewezen.
Merhawi heeft een zwaar jaar achter de rug. Zijn verhaal kwam eerder naar voren in het artikel ‘Europees hof: het Nederlands beleid voor minderjarige vluchtelingen moet anders’. In 2020 kreeg hij net voor de coronapandemie te horen dat zijn vierde asielaanvraag werd afgewezen. Het probleem was dat hij kort daarna achttien zou worden. Op je achttiende kun je als je aanvraag is afgewezen niet meer rekenen op de steun die je eerst had van voogden, het COA of het AZC waar je zit. Er wordt gewezen op de rechten die je hebt, maar ook dat je in vluchtelingendetentie terecht kan komen. Dat wilde Merhawi niet en dus vluchtte hij weg uit het AZC. Hij leefde een tijdje op straat en kwam via een omweg terecht in de noodopvang in Utrecht.
Pool legt uit hoe het kan dat hij nu opeens wél een verblijfsvergunning krijgt: “Het probleem lag voornamelijk bij het feit dat hij geen identiteitskaart had en dus niet kon bewijzen wie hij was. Als je niet kunt bewijzen wie je bent, kun je eigenlijk niet in Nederland verblijven. Om dit probleem te ondervangen heeft Merhawi allerlei documenten bij elkaar geschraapt, zodat hij toch nog kon laten zien wie hij was.”
Echter, werden die documenten volgens Pool eerst afgewezen. Ze dook nog eens in de zaak en kwam achter het volgende: “Er is bij Merhawi nooit door de Immigratie en Naturalisatiedienst (IND) getwijfeld of hij uit Eritrea kwam, wel werd er gedacht dat hij geen risico zou lopen bij terugkeer. En daarmee was de kous af”.
Maar advocaat Pool zag dat het oordeel daar wringt. “Er hangt een consequentie aan als je gelooft dat iemand uit Eritrea komt. Dan mag iemand in principe al blijven omdat Eritrea als onveilig wordt bestempeld.”
Omdat Merhawi op het moment van zijn laatste asielprocedure in Utrecht woonde, belandde zijn dossier bij het Asielketenoverleg van die gemeente, waarbij zowel Pool, de IND, Vluchtelingenwerk, Dienst Terugkeer en Vertrek (DT &V) en de gemeente aanwezig waren. “We hadden het geluk dat daar sinds een paar weken een IND-medewerker zat die stukken kritischer bekeek. Deze nam het dossier mee en gaf toe dat er in 2017 een fout is gemaakt door de IND en dat in de zaak van Merhawi de toen geldende werkinstructie over Eritrea niet is meegenomen in het eindoordeel.”
In die werkinstructie staat dat, als je geloofde dat iemand uit Eritrea komt, er aangenomen kan worden dat deze persoon illegaal het land verlaten heeft en daardoor problemen kan ervaren met terugkomst.
De fout die door de IND is gemaakt is een kwalijke zaak, reageert Pool. “Merhawi heeft nu onnodig op straat geleefd, omdat hij nergens anders heen kon. Deze situatie had voorkomen kunnen worden als er meteen goed in de zaak was gedoken door IND en daarbij niet door andere medewerkers voor waar wordt aangenomen wat er eerder door de dienst is gezegd.”
Een woordvoerder van de IND geeft toe dat dit soort verschillen tussen medewerkers kunnen voorkomen en betreurt de fout. “De medewerker heeft altijd zelf ruimte om naast alle werkinstructies en kaders een oordeel over een zaak te maken. Daardoor kan het voorkomen dat de oordelen van medewerkers verschillen.”