30 mei, 2013 | Trefwoord: armenie

De hoop op een nieuwe Armeense Lente is nog niet vervlogen

De Armeense president Serzh Sarkisian is na de verkiezingen van 18 februari aan zijn tweede termijn begonnen. Niet omdat de 58-jarige Sarkisian zo populair is, integendeel. Zijn beleid wordt gekenmerkt door corruptie en economische stagnatie. Maar een alternatief lijkt niet voorhanden. De onvrede neemt toe, voornamelijk onder de jonge generatie.

Op de stenen trappen van de tweehonderd meter hoge Cascade in de Armeense hoofdstad Jerevan zit een verliefd stelletje met elkaar te vozen. Een groepje hangjongeren luistert naar de muziek die uit een smartphone klinkt. Op de kunstschaatsbaan even verderop is het een komen en gaan van jongelui op zoek naar afleiding en gezelligheid.

De universiteiten in Jerevan zitten vol met gemotiveerde studenten. De tientallen karaokebarren in de Armeense hoofdstad hebben aan klandizie geen gebrek. Maar de jeugd heeft het niet makkelijk. De helft van de Armeense jongeren tussen 18 en 28 jaar zit zonder baan en ook de vooruitzichten zijn weinig rooskleurig. De Armeense regering, onder leiding van de conservatieve president Sarkisian, staat niet bepaald bekend om haar innovaties of haar vele investeringen in de economie.

“Economisch gezien staat Armenië op de rand van de afgrond”, zegt Arpine Galfayan (28), van het Armeense Institute for Democracy and Human Rights. “Er zijn nauwelijks banen, lage lonen en er is geen open markt. Bovendien kunnen we met onze export geen kant op.”

Het land in de Zuidelijke Kaukasus leeft al jaren op gespannen voet met zijn buurlanden. De grens met Azerbeidzjan is dicht vanwege de oorlog die Armenië begin jaren negentig voerde met de Azeri’s om het betwiste stuk land Nagorno-Karabach. De ontkenning van de Armeense genocide (aan het begin van de twintigste eeuw) door Turkije, is reden waarom ook de westgrens van Armenië voorlopig gesloten blijft. En de overige twee buurlanden Georgië en Iran worden evenmin als betrouwbare partners gezien.

Maar dat de Armeense economie op zijn gat ligt, is volgens Galfayan niet alleen maar aan “geografische pech” te wijten. Ze vindt dat de overheid te weinig moeite doet om de economie weer overeind te helpen. “We kunnen ons hier niet ontplooien, omdat de regering haar bevolking domweg die kans niet biedt. Dat frustreert enorm. Het hebben van ambitie is zinloos in Armenië. De wil om te veranderen is er wel, maar de mogelijkheid niet.”

Volgens de 22-jarige Qnarik Khudoyan is geld nog steeds het toverwoord. “Geld en goede contacten. Als je die twee hebt, kom je er wel in Armenië, anders niet”, zegt Khudoyan, die fel van leer trekt als de huidige regering ter sprake komt. “Het is één corrupte bende. Er zijn een paar mensen die hier de touwtjes in handen hebben. De goede banen worden niet verdeeld op basis van kennis of bekwaamheid, maar op basis van vriendjes- en familiepolitiek.”

Khudoyan zet zich al een aantal jaar fanatiek in voor de oppositie, maar haar partij Aradrutjaun (Gerechtigheid) kon de afgelopen verkiezingen geen vuist maken. “Wat de Armeniërs missen is een boegbeeld. Ze hebben niemand om op te stemmen en stemmen daarom maar niet. Dat maakt de weg vrij voor Sarkisian en zijn Armeens Republikeinse Partij.”

De uitspraak die de Armeense premier Tigran Sargsian in een interview deed, heeft kwaad bloed gezet bij veel jonge Armeniërs. “Hij zei dat de jongeren die hier niet tevreden zijn, maar beter weg kunnen”, zegt Galfayan. “Hij is het leeuwendeel van de Armeniërs dus liever kwijt dan rijk.” Galfayan denkt dat de tweede termijn van Sarkisian en zijn premier wel eens een opstand teweeg zou kunnen brengen. “Nog vijf jaar onder het bewind van deze twee schurken trekken veel Armeniërs niet.”

Via Facebook werden oproepen gedaan om na de verkiezingen de straat op te gaan. Het zou niet voor het eerst zijn dat ontevreden jongeren hun stem laten horen. Vlak na de presidentsverkiezingen van 2008 verzamelden duizenden Armeniërs zich rondom de twee standbeelden op het Operaplein in het centrum van Jerevan. “Er zijn toen zelfs doden gevallen, maar dat is door de regering in de doofpot gestopt. Er is nooit officieel onderzoek naar gedaan.” Het maakt Galfayan hels en strijdbaar, maar tegelijkertijd ook machteloos. “Er is geen politieke of rechterlijke macht op wie de Armeniërs terug kunnen vallen.”

Galfayan geeft ook een sneer naar de internationale pers en gemeenschap, die in haar ogen te weinig belangstelling hebben voor Armenië. “Er was hier in 2008 sprake van een revolutie, maar omdat er geen internationale aandacht voor was, ebde het fanatisme langzaam weg. Het was als een Armeense Lente die nooit tot bloei kwam.”

Nu kijken de twee reusachtige standbeelden aan de voet van het Operahuis nog uit op een leeg plein, maar als het aan Galfayan ligt, is dat plein binnenkort weer gevuld met jonge Armeniërs die protesteren tegen de onvermurwbare regering. “We moeten ons niet neerleggen bij de status quo en gezamenlijk in opstand komen. De revoluties in de Arabische wereld hebben bewezen dat het volk wel degelijk macht heeft, als er maar een sterk en hecht collectief is.”

Khudoyan, die zelf alleen in een donkere, lawaaierige kroeg af wil spreken om er zeker van te zijn niet afgeluisterd te worden, denkt dat er teveel angst heerst onder de bevolking om een werkelijke opstand te beginnen. “De regering probeert de Armeniërs op allerlei manieren in de gaten te houden en houdt ons constant doemscenario’s voor. Zo zou binnenlandse onrust Armenië geopolitiek alleen maar zwakker maken en Turkije en Azerbeidzjan in de kaart spelen. Alleen al door de angst voor een mogelijke nieuwe oorlog lijken veel Armeniërs bereid in gebreken te blijven leven.”

Ook de herinneringen aan de verkiezingsonrust van 2008 hebben een beklemmende werking op het Armeense volk, denkt Khudoyan. “Er vielen acht doden en meer dan honderd gewonden na iets wat een vreedzame demonstratie had moeten zijn. Mensen zullen nu wel twee keer nadenken voor ze met anti-regeringsleuzen de straat op gaan.”

Ondanks de sombere teneur, hoopt Arpine Galfayan dat de Armeense Lente alsnog tot bloei kan komen. De Armeniërs die niet langer in onvrede willen blijven leven lijken daarmee voor een moeilijke keuze te staan: of de angst overwinnen en in opstand komen, of toegeven aan de wens van premier Sargsian en het land verlaten.

Doneren

Door deze investering zorg ik ervoor dat de maker de volgende journalistieke productie realiseert.







Draag bij aan onafhankelijke makers

Onafhankelijke journalistiek begint bij makers die de tijd nemen om te luisteren, onderzoeken en verhalen menselijk te maken. Bij Small Stream Media staan die makers centraal: dichtbij, betrokken en vrij van commerciële druk. Met jouw bijdrage kunnen zij blijven publiceren, verbanden leggen en nieuwe stemmen laten horen. Je helpt eerlijke verhalen boven water te krijgen die anders onzichtbaar blijven. Draag bij aan onafhankelijke makers en bouw mee aan een platform waar kwaliteit, vertrouwen en impact voorop staan voor iedereen die betrokken is.