13 februari, 2014 | Auteur: Clara van de Wiel | Beeld: Clara van de Wiel | Trefwoord: mexico

Correspondent: Cees Zoon

Cees Zoon (63) zit sinds 2003 als correspondent in Mexico-Stad, Mexico. Hij begon als vaste correspondent voor de Volkskrant, maar werkt sinds 2009 als freelancer voor onder andere NOS Radio, VRT, De Tijd en De Groene Amsterdammer. 

Hoe staat het ervoor met de berichtgeving over het buitenland in de Nederlandse media? Dat onderzochten 18 deelnemers van de Beyond your World-editie Onderzoek buitenlandjournalistiek. Zij interviewden correspondenten in meer dan 10 landen.

“Al tijdens mijn studie Spaanse Taal- en Letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam schreef ik boekrecensies voor De Volkskrant. Na mijn afstuderen kon ik blijven. Eerst als sportredacteur en daarna bij de literatuurredactie. Kranten hadden in die tijd nog geld als water. Het enige dat ik deed was schrijvers interviewen en daarvoor vloog ik de hele wereld over. Vaak bleef ik wel een week weg. In 1990 ging ik als correspondent naar Oost-Europa, om in 1995 naar Madrid te worden gestuurd.

In de jaren tachtig had ik al eens een jaartje de taken overgenomen van de correspondent hier, dus toen deze positie in 2003 vrijkwam vroeg de krant mij. Maar na zes jaar zeiden ze het contract met mij op. Vanaf dat moment werk ik hier als freelancer.

Ik wist in theorie alles van Latijns-Amerika. Ik had de taal en de geschiedenis gestudeerd en in allerhande actiecomités gezeten. Maar toen ik hier aankwam begreep ik meteen dat daar allemaal geen moer van klopte. Dat het veel ingewikkelder zit. Bijvoorbeeld dat alle landen hier ontzettend van elkaar verschillen. Dat als je in Chili bent geweest, het daar radicaal anders is dan in Midden-Amerika.

Wat ik nog steeds niet begrijp is dat er hier zoveel niet functioneert, terwijl het grote geheel wel blijft functioneren. Dat je het bijvoorbeeld niemand aan zijn verstand kunt peuteren dat het helpt als je op tijd komt. Ik ben nog steeds de enige idioot in deze stad die altijd op tijd is. Als je op een persconferentie een half uur te laat komt, dan ben je nog de eerste. Daar blijf je je over verbazen. Maar het gekke is, dat ik als ik in Nederland ben en hetzelfde doe, dat ik dan altijd te laat kom.

Nederlanders denken dat iedereen elkaar hier afmaakt. Mijn eigen moeder moet ik dat ook steeds uitleggen. Dan heeft ze me weer op de radio gehoord, dat er lijken zijn gevonden. Dan zeg ik ‘Ja mam, die liggen niet bij mij voor de deur, hoor!’. Er is natuurlijk veel geweld. Maar negentig procent van de Mexicanen zijn de vriendelijkste en meest welopgevoede mensen die je je kunt voorstellen. Dat eenzijdige beeld, dat vind ik heel treurig. Als media bellen, is het altijd voor verhalen over ofwel menselijk geweld, ofwel natuurgeweld. Geweld verkoopt. Verhalen over de cultuur, daar zit helemaal niemand meer op te wachten.

Waar ik niet bij stil had gestaan is de verschrikkelijke bureaucratie. Je hebt wel een idee, maar je weet niet dat het zo erg is. Om een verblijfsvergunning te krijgen moet je ieder jaar naar een speciaal kantoor. En elk jaar verzinnen ze wel iets nieuws dat je mee moet nemen. Telkens word je weer teruggestuurd. Op een gegeven moment kende iedereen me in dat gebouw, want ik maakte met iedereen ruzie. Dat helpt niet, want Mexicanen worden geacht gedwee te doen wat zo’n lulhannes achter het loket ook zegt. Dat zijn dingen die je de eerste twee jaar nog opbreken. Daarna leg je je er maar bij neer.

Trots ben ik op mijn werk als ik merk dat mijn jarenlang opgebouwde kennis en ervaring zich terugbetalen. Toen Eva Morales president van Bolivia werd, kende ik hem bijvoorbeeld al, als leider van de gevechten op straat. Ik was daarom de eerste die een interview met hem had. Ik was ook de enige Nederlander die er tijdens de ondergang van Argentinië in 2001 bij was. En ik was de eerste Nederlandse journalist die in Berlijn zat terwijl de muur viel. De volgende dag kwam iedereen. Maar ik was erbij!

Nederland, dat vind ik een land van onverbeterlijke kankeraars. Ik word daar zo moe van. Het dondert niet waarover, iedereen klaagt. Ze hebben geen idee hoe goed ze het daar hebben. Hier in Mexico leeft zeventig procent van de mensen op of onder de armoedegrens. Maar ze kunnen hier feesten, dat houd je niet voor mogelijk. En ze hebben hier misschien te weinig regels, maar in Nederland mag je helemaal niks. Ik ben al drieëntwintig jaar weg en zou er niet meer willen wonen. Ik moet er niet aan denken.”

Doneren

Door deze investering zorg ik ervoor dat de maker de volgende journalistieke productie realiseert.







Draag bij aan onafhankelijke makers

Onafhankelijke journalistiek begint bij makers die de tijd nemen om te luisteren, onderzoeken en verhalen menselijk te maken. Bij Small Stream Media staan die makers centraal: dichtbij, betrokken en vrij van commerciële druk. Met jouw bijdrage kunnen zij blijven publiceren, verbanden leggen en nieuwe stemmen laten horen. Je helpt eerlijke verhalen boven water te krijgen die anders onzichtbaar blijven. Draag bij aan onafhankelijke makers en bouw mee aan een platform waar kwaliteit, vertrouwen en impact voorop staan voor iedereen die betrokken is.