10 april, 2010 | Auteur: Winny de Jong | Beeld: Erik Wallert | Trefwoord: nederland
Te koop: nier + beenmrg, zgan
De wereld zuchtte op 1 juni 2007 opgelucht toen bleek dat BNN’s Grote Donor Show geënsceneerd was. Bijna drie jaar later is de grootste en échte donorshow nog steeds bezig. Hoe kan het dat paradigma’s Nederland weerhouden van de oplossing voor het donortekort?
Orgaanhandel, het verkopen van organen, weefsels en cellen of delen daarvan bij leven of dood, is nog altijd illegaal. Ethische bezwaren weerhouden legalisatie – ook al zijn die bezwaren gebaseerd op een paradox. In oktober 2009 publiceerden de Verenigde Naties (VN) en de Raad van Europa het rapport ‘Trafficking in organs, tissues and cells and trafficking in human beings for the purpose of organ removal’, een onderzoek naar mensen- en orgaanhandel. In dit rapport stellen de VN en de Raad dat ieder mens de baas is over zijn of haar lichaam.
Tegelijkertijd wordt orgaanhandel veroordeeld. De paradox is onthuld: uit respect voor De Mens moéten de Raad en de VN de controle over jouw lichaam wel uit handen geven aan jou. Denk niet dat dit betekent dat je jouw eigen organen mag verkopen. Dát kunnen ze niet toestaan. Dat veel landen orgaandonatie – het weggeven van organen zonder beloning – wel toestaan, lijkt zowel de VN als de Raad van Europa niet te deren.
De algemeen heersende moraal is dat het ethisch onaanvaardbaar is wanneer arme mensen organen afstaan voor geld. Met het toestaan van orgaanhandel krijgt elk orgaan een waarde conform de markt. De wet van vraag en aanbod voorziet dat de prijzen voor organen er niet om zullen liegen. Deze marktwerking zou rationele beslissingen in de weg staan, aldus bio-ethicus en medeauteur van het VN-rapport Arthur Caplan. De combinatie van structurele armoede en het vooruitzicht van snel geld zou arme mensen verblinden. Bovendien zou armoede een verplichting vormen voor het afstaan van organen voor geld. En dat is verboden: het afstaan van organen moet geheel vrijwillig en zonder dwang plaatsvinden.
Is het echt ethisch onaanvaardbaar als armen organen afstaan om geld te verdienen? Professor John Harris van de Universiteit van Manchester vindt van niet: “Mensen zouden het recht moeten hebben eigen lichaamsdelen te verkopen.” Volgens collega en bio-ethicus Julian Savulescu zijn mensen altijd al bereid geweest risico’s te nemen voor geld. In dit geval een risico dat orgaandonoren nu nog nemen zonder daarvoor beloond te worden. Dit maakt een verbod op orgaanhandel volgens Savulescu dubbel onrechtvaardig: “Met zo’n verbod zeg je tegen een arm persoon: ‘Jij kunt niet hebben wat de meeste anderen hebben en we gaan jou niet laten doen wat je wilt doen om dergelijk bezit te bereiken’.”
De risico’s die een orgaantransplantatie met zich meebrengt, blijken nihil te zijn. De kans op overlijden tijdens bijvoorbeeld een niertransplantatie bedraagt slechts 0.03 procent. Dit blijkt uit meerdere onderzoeken, óók uit het onderzoek van de Verenigde Naties en de Raad van Europa. Het afstaan van een of meerdere organen heeft daarbij nauwelijks effect op de levenskwaliteit. Zo kan er maximaal eenderde deel van de lever gedoneerd worden; na donatie maakt het menselijk lichaam de lever opnieuw aan. Ook met één nier kun je prima leven. Alleen het op hoog niveau uitoefenen van sporten waarbij het lichaam veel water verliest, is niet meer mogelijk. Maar, orgaantransplantatie of niet, een professionele voetbalcarrière zal voor de meeste mensen altijd een jongensdroom blijven.
Ook de wetenschap zou profiteren van de legalisering van orgaanhandel. Omdat de kosten van een orgaantransplantatie met de introductie van orgaanhandel tot op de cent te berekenen zijn, wordt deze ‘business’ aantrekkelijk voor ondernemers. Op 30 maart jongstleden kondigde het Amsterdams Medisch Centrum (AMC) aan te beginnen aan de ontwikkeling van een kunstmatige alvleesklier. Patiënten met diabetes type 1 produceren zelf geen insuline meer. Deze ‘bloedsuiker’ is de energiebron van je organen en spieren – niemand kan zonder insuline. Daarom moeten deze patiënten, om normaal te functioneren, regelmatig hun bloedsuikerspiegel controleren en zonodig insuline injecteren. Een kunstmatige alvleesklier controleert niet alleen gemakkelijker, maar ook preciezer; hierdoor kunnen veel negatieve bijeffecten worden voorkomen.
Volgens de internist en wetenschappelijk coördinator van het project, Hans de Vries, stamt het idee om een kunstmatige alvleesklier te maken uit de jaren zestig. “Het was destijds een mooi concept, maar zowel een insulinepomp als een bloedsuikerspiegelsensor bestond toen nog niet. Nu zijn we verder dan ooit.” Dat komt niet in de laatste plaats door de 10,5 miljoen euro subsidie van de Europese Unie. Geld dat Europa nu nergens anders aan kan uitgeven. Bovendien is het onderzoek een samenwerkingsverband tussen zeven universiteiten en vijf technische bedrijven. Was de gezondheidswetenschap toegankelijker geweest voor het bedrijfsleven, dan was de kunstmatige alvleesklier wellicht in de jaren zestig al ontwikkeld. Want vooralsnog hopen alle partijen ‘een mogelijk eindproduct’ binnen tien jaar op de markt te brengen.
Voor de gezondheidszorg zou orgaanhandel ook een positieve impuls zijn. Door elk lichaamsdeel van een prijskaartje te voorzien, worden de mensen geconfronteerd met hun levensstijl. De doeltreffendheid van geld is al meerdere malen bewezen. In 2006 werd de tabakaccijns in Nederland aanzienlijk verhoogd. Gevolg? Een duidelijke daling van het aantal rokers. Een onderzoek van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) toont aan dat als de prijs van een pakje sigaretten met twintig procent omhoog gaat, het aantal jonge rokers met 20.000 daalt. Het ‘Nationaal Programma Tabaksontmoediging 2006-2010’, bewijst dat het verhogen van de kosten de meest effectieve manier is voor het ontmoedigen van tabakgebruik onder jongeren. En verreweg de meeste rokers, zo blijkt ook uit het onderzoek, zijn verslaafd geraakt aan sigaretten toen ze jong waren. Voorkomen is nog altijd beter dan genezen.
In het huidige kapitalistische klimaat blijkt geld de doorslaggevende factor voor het aannemen van een gezonde(re) levensstijl. Wanneer jouw organen dankzij de legalisatie van orgaanhandel geld waard zijn, is gezond leven een investering – je lijf is een vleesgeworden spaarrekening. De kans bestaat dat je geen organen wilt verkopen. Geen zorgen, cashen kan ook na de dood. Stel nu dat je jouw gezonde organen in kunt zetten als uitvaartverzekering? Met de legalisatie van orgaanhandel zou de verkoop van je organen of weefsel je begrafenis kunnen bekostigen. Het zou de ultieme verzekering zijn voor een uitvaart zoals jij die wilt.
Ten slotte verbetert orgaanhandel – of de werking van een orgaan- en weefselmarkt – ook de positie van de patiënten die wachten op een donororgaan. Door organen niet langer weg te geven maar te verkopen, verandert de patiënt in een consument. En in het huidige systeem hebben consumenten meer rechten en zeggenschap dan patiënten. Wellicht had hiermee de dood van de 31-jarige Britse soldaat Matthew Millington voorkomen kunnen worden. Millington kreeg in april 2007 nieuwe longen – de longen van een voormalig kettingroker. De medicijnen die ervoor moesten zorgen dat zijn lichaam de longen zou accepteren, stimuleerden tevens de groei van een kankergezwel. Chemotherapie mocht niet baten. Matthew Millington overleed in februari 2008 aan de gevolgen van longkanker.
Een vertegenwoordigster van het Britse cardiologisch ziekenhuis Papworth, waar de transplantatie plaatsvond, verklaarde: “Als we geen longen zouden transplanteren van rokers, dan zouden er mensen sterven door het donortekort. We kunnen rokerslongen niet weigeren.” Als Millington consument was geweest, had hij de kans gehad zijn lot te beïnvloeden. Consumenten mogen kwaliteitseisen stellen, patiënten mogen slechts de dokter bedanken.
In Nederland wachten ongeveer 1.500 mensen op een donororgaan. Zelfs wanneer iedereen donor zou zijn tenzij mensen weigeren, blijft het donortekort bestaan. Van de 1.500 mensen die wachten op een orgaantransplantatie, zullen er honderden sterven voordat er een orgaan beschikbaar is. Vooralsnog is er geen oplossing voor het donortekort voor handen. En of orgaanhandel het antwoord is, blijft in het midden. Zeker is wel dat paradoxale bezwaren het zicht vertroebelen – en dat doet de zaak sowieso geen goed.
Voorals nog is orgaanhandel illegaal; via www.jaofnee.nl kun je een donorcodicil aanvragen.
Meer weten? Zie: www.donorregister.nl.