23 maart, 2009 | Trefwoord: oost-afrika
Klimaatverandering treft nomaden in Hoorn van Afrika
De Hoorn van Afrika is één van de armste en droogste gebieden van het Afrikaanse continent. De strijd om te overleven wordt in de toekomst nog meer bemoeilijkt door de klimaatveranderingen. 'Bomen langs de weg worden een zeldzaamheid'.
"Ik ben opgegroeid in dit gebied. Ik kan me de droogte van de jaren '80 herinneren, dat was erg. Maar zoals het nu is, zo heb ik het nog nooit gezien. Dit is het derde achtereenvolgende jaar van droogte, er groeit nauwelijks meer iets op dit land." Een foto van verpieterd kafferkoren, een graan in het gebied dat lijkt op maïs, illustreert de woorden van Longole Hannah.
Hannah is afkomstig uit Karamoja, een noordoostelijk gelegen regio van Uganda. Het is één van de deelnemers aan het wereldcongres van Humanitaire Studies dat in februari in Groningen werd gehouden. Met haar verhaal opent Hannah de bijeenkomst over klimaatsverandering en de toekomst van de semi-nomadische stammen in de Hoorn van Afrika: Het Somalische Puntland en de landen dieper Afrika in.
In de Hoorn wordt zeventig procent van het landoppervlak gebruikt door rondtrekkende herdersvolken, met kuddes die kunnen bestaan uit kamelen, koeien, schapen en geiten. In het regenseizoen wordt de bodem gebruikt voor akkerbouw. De gebieden waar deze mensen rondtrekken zijn de droge en halfdroge gebieden; steppes en savannes, met hoge temperaturen en weinig regen. Bovendien is de regenval moeilijk voorspelbaar. Daardoor is dit gebied niet geschikt als vaste vestigingsplaats. Het land heeft tijd nodig om te herstellen na een periode van begrazing en beplanting. Ook kan de regen lang uitblijven, waardoor het drinkwater opraakt. De stammen trekken dan weer naar een ander gebied.
Deze manier van leven begon ongeveer 5.000 jaar geleden. Het klimaat van de Sahara veranderde. Het werd een veel droger gebied en om te overleven, moesten de mensen gaan trekken. Het is een hard bestaan. Volgens hulporganisatie Oxfam wonen hier de armste en kwetsbaarste mensen van Afrika. Ze hebben te kampen met allerlei problemen. Politiek en economisch tellen ze niet mee, er wordt nauwelijks geïnvesteerd in hun ontwikkeling en de strijd om de schaarse natuurlijke hulpbronnen wordt steeds omvangrijker en gevaarlijker.
Klimaatsverandering
Dit laatste wordt versterkt door een nieuw probleem: de verandering van het klimaat. De verwachting is dat het weer extremer wordt. Voor Uganda betekent dit dat droogte in de toekomst vaker voorkomt, langer aanhoudt en heviger zal zijn. Het begin van het regenseizoen verschuift en wordt moeilijk voorspelbaar. Ook de aard van de regenval zal veranderen: steeds vaker beschadigen hoosbuien de infrastructuur en spoelen de gewassen weg. Dit alles met voedseltekorten en honger tot gevolg.
Deze weersextremen waren in Karamojo de afgelopen jaren goed waar te nemen. In 2006 was het zo droog, dat er nauwelijks iets groeide. In juli tot en met september 2007 spoelden hoosbuien, de ergste in dertig jaar, de gewassen weg. Van de cassave, een belangrijk product in het regionale dieet, bleef weinig over. Ook 2008 was een slecht jaar. In april zaaide de bevolking voor het eerst weer in, maar door gebrek aan regen ontkiemden de zaden niet. Tot vier keer toe probeerden de mensen plantjes op te kweken, maar alle keren was het tevergeefs. In de oogsttijd werd er volgens het Wereld Voedsel Programma van de VN slechts dertig procent van de normale hoeveelheid voedsel binnen gehaald. Dat wreekt zich nu.
Normaal begint de voedsel schaarse periode in maart, maar nu al, nog voordat deze periode begint, zijn veel mensen verzwakt door het gebrek aan voedsel. De nieuwe oogst wordt pas in oktober verwacht. Volgens Hannah zijn de mensen enorm wanhopig. Vorig jaar merkte ze het al, toen ze in augustus bij haar oma op visite kwam: "Alle buren kwamen binnen om te zien wat ik uit de stad meegenomen had. Maar wat ik had, was alleen genoeg voor mijn oma en neef. De zichtbare teleurstelling en wanhoop waren zo vreselijk om te zien, dat ik binnen tien minuten weer terug vluchtte naar de auto."
Overal wordt het weer extremer. Maar mensen die nu al kwetsbaar zijn, bijvoorbeeld door armoede en een falende overheid, krijgen het extra zwaar te verduren. Hier is, in opdracht van het Bureau voor Coördinatie van Humanitaire Zaken van de Verenigde Naties en hulporganisatie CARE, onderzoek naar gedaan. Deskundigen combineerden in verschillende delen van de wereld de geografische gegevens en voorspellingen voor klimaatsverandering met informatie over menselijke kwetsbaarheid. Zo kwamen ze in 2007 tot een rapport van de humanitaire risicogebieden bij een veranderend klimaat. De Hoorn behoort tot één van de zo genoemde ‘hotspots' als het gaat om potentiële menselijke catastrofes. Karamoja staat er aan het begin van, volgens het Wereld Voedsel Programma sinds februari.
Hannah bevestigt dit op de bijeenkomst. Ze toont een foto van een zichtbaar vermoeid, uitgemergeld jongetje, zittend op een dorre ondergrond. Van de miljoen inwoners, schat UNICEF dat er 700.000 tekort hebben aan voedsel. Om toch te kunnen eten, worden bomen gekapt om dat kaphout te verkopen in de stad. Hannah: "Rond belangrijke vestigingsplaatsen en langs de wegen worden bomen een zeldzaamheid. Het gevolg voor de omgeving is vernietigend." Het gebrek aan bomen en struiken leidt tot verwoestijning van de bodem, wat het gebied uiteindelijk onleefbaar maakt. Ondertussen groeit de bevolking in het gebied nog steeds, wat de strijd om de schaarse middelen doet toenemen. Dit vergroot de kans op ernstige conflicten.
Onveiligheid
Dat is te merken in Karamoja, waar de onveiligheid is toegenomen. Regelmatig vinden gewelddadige overvallen plaats, waarbij het vee gestolen wordt. Diefstal van naburig vee is niet nieuw. Vroeger gebeurde dat ook, met speren en stokken. Maar met de komst van automatische vuurwapens in de jaren tachtig, durfde in die periode bijna niemand het gebied nog in. Alleen noodhulporganisaties en militairen kwamen er nog. Om haar gezag te herstellen, en de veediefstal te stoppen, vroeg de overheid de mensen in 2001 vrijwillig afstand te doen van de wapens. Dit was weinig succesvol. Slechts 3.000 van de naar schatting 40.000 wapens werden opgehaald. De veediefstallen gingen door, met veel slachtoffers tot gevolg. Met de gedwongen ontwapening, later, werd het er voor de bevolking bepaald niet veiliger op. Een rapport uit 2007 van het Kantoor van de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten meldt dat de uitvoerende militairen ernstige mensenrechtenschendingen hebben begaan, zoals moord, marteling, verkrachting en vernieling van eigendommen.
Vroeger deed het vee dienst als levensverzekering. De dieren waren de meest betrouwbare voedselbron en werden niet vaak verkocht. Als de oogst tegenzat, konden de dieren altijd nog naar nattere gronden worden gedreven. Door de onveiligheid en de droogte, is het bezit van vee steeds minder een zekerheid geworden waarmee toekomstige tegenslagen overwonnen kunnen worden.
De onzekerheid van dit bestaan, maakt dat veel mensen naar de stad trekken. In een onderzoek uit 2001 van de University of Reading wordt aan mensen van dertig verschillende stammen in Noord Kenia gevraagd hoe zij over hun bestaan denken. Maar liefst 75 procent zegt, dat hun manier van leven ernstig wordt bedreigd. Als reden wordt vooral de droogte genoemd. Duidelijk is, dat de druk op de semi-nomadische levenswijze groot is. Toch denken alle leden op de bijeenkomst dat klimaatsverandering niet het einde ervan hoeft te betekenen. Helen Bushell van Oxfam benadrukt dat het zal gaan om het vermogen je aan te passen aan omstandigheden, en dat de semi-nomadische stammen in de Hoorn van Afrika dat altijd al doen.
Flexibiliteit is het kenmerk van hun bestaanswijze. Wel moeten de mensen weerbaarder worden gemaakt. Overheden moeten onderwijs en gezondheidszorg bieden, maar ook moet er flink geïnvesteerd worden in het gebied. Zo moeten markten beter toegankelijk worden, en de mensen moeten weersvoorspellingen kunnen ontvangen. Ook politieke representatie wordt als belangrijk beschouwd, zodat de mensen meer inbreng krijgen in hun eigen ontwikkeling. Aanpassing. Dat is volgens Oxfam uiteindelijk het sleutelwoord. En aanpassen, dat doen deze mensen al duizenden jaren.