2 mei, 2010 | Auteur: Vivian Bos | Beeld: Erik Wallert | Trefwoord: oekraine
De minderheidspositie van de Krimtataren: een taak voor de EU
Het was deze week ruzie in het Oekraïense parlement. Er werd zelfs gevochten door leden van de regeringspartij en de oppositie. Reden van dit opstootje was het debat over de marinebasis op de Krim. Deze basis, ook wel de Zwarte Zeevloot genoemd, huurt Rusland van Oekraïne. Dit contract loopt in 2017 af, maar de in februari gekozen president Janoekovitsj wil het verlengen tot 2042. Met deze toenadering tot Rusland wordt de deur richting het Westen steeds meer gesloten.
De Krim is tegenwoordig een autonome provincie van Oekraïne, maar dit is niet altijd zo geweest. In 1954 deed Sovjetleider Chroetsjov de Krim cadeau aan Oekraïne, volgens de Russen zonder gegronde reden. De motivatie was de driehonderdste verjaardag van de vriendschap tussen Rusland en Oekraïne. Het strategisch en historisch rijke gebied is een bekende vakantiebestemming voor inwoners van Oost-Europa. Het heeft een mooie kuststrook aan de Zwarte Zee en staat bekend om zijn heerlijke wijnen.
Voor Rusland was de Krim in het verleden belangrijk omdat het een handelsroute was richting Turkije en de Middellandse Zee. Nu huurt Rusland slechts nog de Zwarte Zeevloot in de havenstad Sebastopol. Maar veel Russen zien het schiereiland nog altijd als onderdeel van Rusland. Er woont op de Krim ook een grote meerderheid etnische Russen.
Voormalig president van Oekraïne Joesjtsjenko weigerde met de Russen in gesprek te gaan over de verlenging van het huurcontract, maar nog geen half jaar president, en Janoekovitsj gooit de onderhandelingen open. Spanningen tussen Rusland en Oekraïne zijn er al jaren op de Krim, waar meer aan de hand is dan de ruzie om de handelsbasis. Een minderheidsgroep, de Krimtataren zorgen voor grote interetnische problemen op de Krim. Hier hebben ze een belangrijke reden voor.
Geheimen uit de Tweede Wereldoorlog
Tussen 1941 en 1948 deporteerde Stalin meer dan drie miljoen mensen vanuit hun thuisland naar speciale nederzettingen in de Sovjet-Unie, duizenden kilometers ver weg. Hiervan kwam één op de tien om. Deze deportaties tijdens de Tweede Wereldoorlog worden wel ‘de grootste verborgen zaken van massale etnische zuiveringen in de twintigste eeuw’ genoemd. Veel volkeren die toen zijn gedeporteerd, zijn nu minderheidsgroeperingen in de nationale staten van de voormalige Sovjet-Unie. Deze groepen lijken alleen met hulp van de internationale gemeenschap enig vooruitzicht op een betere toekomst te hebben.
In nieuwe Oost-Europese nationale staten die zijn ontstaan na de val van de Sovjet-Unie, zoals Oekraïne, leven minderheidsgroepen die dagelijks in aanraking komen met discriminatie en armoede. Een aantal van deze groepen is slachtoffer geweest van de deportaties, waaronder de Krimtataren, een Turkssprekende moslimgroep. Deze bevolkingsgroep wil een nieuw bestaan opbouwen op de Krim.
De Krimtataren werden in 1944 als bevolkingsgroep van de ene op de andere dag onder erbarmelijke omstandigheden in treinen gedeporteerd van de Krim naar Siberië en Centraal-Azië. Voor dit volk, dat al een lange voorgeschiedenis kent op de Krim, is deze gebeurtenis een zwarte bladzijde in hun geschiedenis. Als argument gold dat het had samengewerkt met nazi-Duitsland. Maar kun je om deze reden een hele bevolkingsgroep deporteren, inclusief vrouwen en kinderen? Bewezen is namelijk dat er, net als in andere landen, samenwerking is geweest met de Duitsers, maar dat er slechts een klein aantal Krimtataren bij betrokken was. Dit waren veelal Krimtataren die als gevangene van het Duitse leger tegen de Russen vochten – de meeste Krimtataren dienden het Sovjetleger. Een ander motief is dat Stalin af wilde van gewantrouwde moslimvolkeren die hem zouden belemmeren bij zijn mogelijke plannen Turkije aan te vallen.
Groen licht om terug te keren
Vanaf de jaren tachtig van de vorige eeuw kregen de Krimtataren groen licht om terug te keren naar de Krim. De meesten kwamen uit Oezbekistan. Eenmaal terug troffen zij een moeilijke economische en sociale situatie aan met een overgrote meerderheid aan Russische inwoners. De Russen voelden zich na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie bedreigd door de onafhankelijkheid van Oekraïne, maar door de autonome status en de conservatieve regering op de Krim bleef de provincie Russisch georiënteerd.
Na de terugkeer belandden de Krimtataren in buitenwijken van de steden, waar ze zelf hun huizen moesten bouwen. Ook hadden ze geen enkel recht op de eigendommen die hen in 1944 waren afgenomen en werden ze niet bijgestaan door de Oekraïense regering om te integreren in de samenleving. Daarnaast duurde het bijna tien jaar voordat de meesten een geldig Oekraïens paspoort bezaten. Het gevolg hiervan was dat ze geen werk konden krijgen of onderwijs konden volgen. In het jaar 2000 was zestig procent van de Krimtataren werkeloos.
De terugkeer van ongeveer 250.000 Krimtataren zorgde in de jaren negentig voor angst voor een etnisch conflict op de Krim. Er zijn verschillende voorbeelden bekend waarbij de transitieperiode na de val van het communisme in combinatie met een diversiteit aan etnische volkeren op een ramp is uitgelopen. Gewapende conflicten vonden onder andere plaats op de Balkan, in Tsjetsjenië, in Nagorno Karabach en in 2008 nog in Georgië om de onafhankelijkheid van de provincies Abchazië en Zuid-Ossetië. Toch bleef het conflict op de Krim uit.
Krimtataarse ‘kracht’
Doordat de Russisch georiënteerde bevolking in de meerderheid was, maakten de Krimtataren op voorhand al geen enkele kans. Maar een andere belangrijke reden dat er geen conflict is uitgebroken, is dat de Krimtataren een opgeleid en slim volk zijn. De Krimtataarse Mejlis vertegenwoordigt als bestuurlijk orgaan het volk waarbij het geen gebruikmaakt van gewelddadige middelen, maar de dialoog aangaat met verschillende partijen op de Krim en de Oekraïense regering. Krimtataren hebben geen afkeer tegen een bepaald land; ze willen in vrede leven in hun thuisland met andere volkeren. Hoewel het moslims zijn, hebben ze een seculiere manier van denken, waarin zowel mannen als vrouwen worden ingezet in de strijd om erkenning. Dit heeft er ook voor gezorgd dat hun culturele waarden kunnen voortbestaan.
Toch neemt de afgelopen jaren het aantal demonstaties van de Krimtataren toe. Elk jaar gaan ze op hun feestdag, 18 mei (de dag van de deportatie), de straat op om hun stem te laten gelden. Het hoogste doel is de erkenning van de Mejlis als politiek orgaan, om vanuit die positie de rechten van de Krimtataren te verwerven. In de grondwet zouden ze de status van oorspronkelijke bewoners moeten krijgen, zodat ze zich erkend voelen op de Krim en niet als nationale minderheid worden betiteld. Maar van deze erkenning wil de Oekraïense regering niets weten. Dit is de reden dat de Krimtataren ongeveer het enige volk op de Krim is dat sterke steun geeft aan de toenadering van Oekraïne tot het Westen. Ze denken dat organisaties als de NAVO en de Europese Unie hun problemen kunnen oplossen omdat zij mensenrechten hoog op de agenda hebben staan.
Door het matige optreden van de Oekraïense regering om de belangen van de Krimtataren te behartigen, kan de kwestie in de toekomst wel problemen opleveren. Zoals de Krimtataren zijn er veel meer bevolkingsgroepen in Oost-Europa. Deze volkeren worden als minderheid niet erkend in de samenleving. Vaak doet de nationale regering te weinig om voor deze groepen op te komen. Nu de verkiezingen van afgelopen februari in Oekraïne door de Russisch georiënteerde president Janoekovitsj zijn gewonnen, is de hoop op westerse toenadering voor de Krimtataren vervlogen. Er is een taak weggelegd voor de internationale gemeenschap om de aandacht voor de problemen van de Krimtataren te vergroten, op te komen voor hun rechten, en een financiële bijdrage te leveren om de sociaal-economische situatie te verbeteren. Alleen dan is een kans dat er veranderingen plaatsvinden die aan de behoeften van de Krimtataren voldoen. Met de pro-Russische koers die Janoekovitsj vaart lijkt toetreden tot de NAVO of de EU in elk geval nog ver weg.