18 juni, 2026 | Auteur: Qali Nur | Trefwoord: nederland
Mensenhandel voor criminele uitbuiting neemt toe: kwetsbare jongeren slachtoffer van georganiseerde criminaliteit
Mensenhandel voor criminele uitbuiting neemt toe in Europa. Vooral kinderen en jongeren lopen gevaar. Daarvoor waarschuwt de Groep van Experts inzake Actie tegen Mensenhandel (GRETA) van de Raad van Europa in haar meest recente rapport. Volgens de experts is dringend optreden van overheden noodzakelijk om slachtoffers te beschermen tegen criminele netwerken die misbruik maken van hun kwetsbare positie. Tegelijkertijd moet worden voorkomen dat deze slachtoffers zelf als criminelen worden behandeld.
Bij criminele uitbuiting worden mensen gedwongen om strafbare feiten te plegen. Deze vorm van mensenhandel gaat vaak gepaard met andere vormen van georganiseerde criminaliteit, zoals drugshandel, vermogenscriminaliteit, mensensmokkel, witwassen, documentfraude en online oplichting.
GRETA wijst erop dat mensenhandelaren doelbewust gebruikmaken van de kwetsbare omstandigheden waarin slachtoffers zich bevinden. Armoede, dakloosheid, werkloosheid, een onzekere verblijfsstatus, beperkingen en verslavingen vergroten het risico op uitbuiting. Vooral kinderen en jongeren lopen gevaar en dan met name alleenreizende migrantenkinderen, kinderen die van hun familie zijn gescheiden, jongeren in residentiële zorginstellingen en kinderen uit achtergestelde minderheidsgroepen.

In het Verenigd Koninkrijk is gedwongen criminaliteit uitgegroeid tot de belangrijkste vorm van uitbuiting van minderjarige slachtoffers van mensenhandel, waarbij vooral Britse kinderen worden getroffen. Ook in Nederland worden kinderen slachtoffer van dit soort uitbuiting. In Albanië, Moldavië, Denemarken en Nederland was tussen de 7 en 15 procent van de slachtoffers slachtoffer van mensenhandel voor criminele uitbuiting.
Alleenreizende migrantenkinderen en jongeren makkelijk doelwit
Het Expertisecentrum Mensenhandel en Mensensmokkel (EMM) publiceerde in 2022 al een onderzoek naar de criminele uitbuiting van Noord-Afrikaanse alleenreizende migranten kinderen en jongvolwassenen. Uit dat onderzoek bleek dat er sterke aanwijzingen zijn dat deze jongeren worden uitgebuit voor criminele doeleinden.
Respondenten in het onderzoek schetsten een beeld van jongeren die worden aangestuurd en soms gedwongen door volwassenen om strafbare feiten te plegen. Kinderen en jongeren zouden door oudere personen worden meegenomen en geleerd krijgen hoe zij moeten stelen.
Uit cijfers van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen van het jaar 2024, blijkt dat de meeste geregistreerde minderjarige slachtoffers de Nederlandse nationaliteit hebben. Tegelijkertijd maken organisaties zoals het COA, Nidos, gemeenten, hulpverleners en de politie zich steeds meer zorgen over mogelijke criminele uitbuiting van alleenstaande kinderen in de opvang, maar in de officiële registraties zijn deze niet zichtbaar.
“Slachtoffers worden onder druk gezet of gedwongen activiteiten uit te voeren die strafbaar zijn of anderszins in strijd zijn met de wet.”
Ondanks de signalen worden de betrokken jongeren vaak vooral gezien als overlastgevers of criminelen. Volgens deskundigen is er onvoldoende aandacht voor de structuren achter de criminaliteit. Eerder onderzoek laat zien dat volwassen criminelen juist kwetsbare minderjarigen selecteren voor uitbuiting. Alleenreizende migrantenkinderen en jongeren zijn daarom een makkelijke doelwit. Zij hebben vaak geen familie in het land waar ze aankomen, verkeren in onzekerheid over hun verblijfsprocedure, kunnen niet legaal werken en voelen soms ook de verantwoordelijkheid om familieleden in het land van herkomst financieel te ondersteunen.
Niet herkend als slachtoffer
GRETA-voorzitter Conny Rijken waarschuwt voor de gevolgen wanneer slachtoffers niet als zodanig worden herkend. “Slachtoffers worden onder druk gezet of gedwongen activiteiten uit te voeren die strafbaar zijn of anderszins in strijd zijn met de wet. Wanneer zij niet als slachtoffer van mensenhandel worden herkend, leidt dit ertoe dat zij worden gearresteerd, vervolgd, gevangen gezet of worden uitgezet.”
Volgens GRETA is een goede toepassing van het zogenoemde non-punishment-beginsel essentieel. Deze bepaling uit het Verdrag van de Raad van Europa tegen mensenhandel verplicht landen om slachtoffers niet te bestraffen voor strafbare feiten die zij onder dwang hebben gepleegd om zo de rechten van slachtoffers van mensenhandel te beschermen.
Van de 47 landen die door GRETA zijn geëvalueerd, hebben inmiddels 22 landen specifieke wettelijke bepalingen ingevoerd om slachtoffers van mensenhandel te beschermen tegen strafvervolging voor dergelijke feiten. Hoewel dat een stap vooruit is, benadrukt GRETA dat verdere verbetering noodzakelijk blijft. “Het aantal landen met dergelijke regelgeving is toegenomen naar aanleiding van aanbevelingen van GRETA. Toch blijft verdere vooruitgang noodzakelijk en roepen wij de verdragsstaten op hun wetgeving en praktijk verder te versterken”, aldus Rijken.