27 augustus, 2026 | Auteur: Clarine van Karnebeek | Beeld: Geesje van Haren | Trefwoord: nederland

Nederland ‘moet’ ontwaken uit 80 jaar vrede en zich voorbereiden op allerlei worstcasescenario’s

Geopolitieke chaos, Europa wankelt en het klimaat staat onder druk. Nederland ‘moet’ ontwaken uit 80 jaar vrede en zich voorbereiden op allerlei worstcasescenario’s. Om uit te zoeken wat dat betekent, voert de route van geloofsgemeenschap Staphorst , waar een nieuw munitiedepot gebouwd wordt, naar Valkenburg , waar een tsunami de gemeente in 2021 ontwrichtte en nu nog de ramp-na-de-ramp speelt. In Rotterdam is uitleg te vinden over de ‘crisisvoorbereidings-pilot’ met bewoners en de route eindigt op de Zuidas, want zelfs daar is weerbaarheid ‘hot’.

Het was een onwaarschijnlijk scenario: extreme overstromingen in het heuvellandschap van Zuid-Limburg. In de zomer van 2021 gebeurde het toch. “Het water kwam als een tsunami binnen en zette met bizarre snelheid en kracht grote delen van de gemeente onder water”, herinnert Daan Prevoo zich als de dag van gisteren. Prevoo is de burgemeester van de gemeente Valkenburg aan de Geul. Hij vervolgt: “Datzelfde water veroorzaakte eerst al gigantische schade in Duitsland en België, waar in die dagen 200 doden vielen. Dat er in Nederland toen geen doden zijn gevallen is een wonder.” 

De regio staat bekend om zijn pittoreske dorpjes. Het stadje Valkenburg is een toeristische trekpleister met kleine winkeltjes, cafés en boetiekhotels. De Geul loopt, als een gemoedelijk grachtje, door het centrum. De voormalige pastorie was het laatste huis dat in 2021 overstroomde in dit deel van het centrum. Jaren geleden kochten Isabel Schotanus met haar man en hun jonge kinderen dit als een vervallen monument met de markante toren. In de loop der jaren hebben ze de pastorie zorgvuldig gerenoveerd. De avond van de overstromingen waren ze op vakantie in Frankrijk. Ze hadden uitgebreid gekookt. Toen hun buurman belde met paniek in zijn stem. Hij vertelde over grote overstromingen in het centrum en vroeg of hij poolshoogte zou nemen bij hen thuis? Ze face timeden en zagen de ondergelopen eetkeuken, toren en verzopen meubels in de zitkamer. Maar het was donker en de beelden kwamen niet echt bij ze binnen. 

Pas toen ze de volgende ochtend terug naar huis reden sijpelden er onderweg meer en meer berichten binnen over de hevigheid van de overstromingen in Nederland, België en Duitsland. Hoe erg kon het zijn bij hen in het heuvelland? Het laatste stuk door België en Nederland kwamen ze in lange files terecht. Mensen die net als zij naar huis terugkeerden of juist de rampgebieden ontvluchtten. 

De rit duurde eindeloos en Valkenburg was hermetisch afgezet. De bewaker die ze toestemming gaf om door te rijden, wenste ze sterkte. Schotanus bleef denken: Schouders eronder, het komt goed. Maar de ravage die Schotanus en andere slachtoffers die dagen te wachten stond had niemand zien aankomen. Evenmin als de maanden en jaren die volgden: onbewoonbare huizen, horecabedrijven en hotels die dicht moesten, eindeloos getouwtrek met verzekeringen, moeizame renovaties, financiële zorgen, veel stress en grote wanhoop. 

Small Stream Media onderzocht Nederland in een crossborder onderzoek dat worst case scenario’s en overstromingen in acht Europese landen in kaart brengt en laat zien hoe de verschillende overheden reageren op een van de meest urgente en complexe gevolgen van de klimaatverandering.

Geopolitiek balanceren
Europa balanceert geopolitiek op een dun koord om toenemende dreigingen het hoofd te bieden. Nederland moet ontwaken uit 80 jaar vrede en zich voorbereiden op allerlei rampscenario’s. Elke dag rollen er nieuwe weerbaarheidsinitiatieven van de band. Bij de overheid en gemeenten regent het handreikingen en pilotprogramma’s. Het internet staat vol met vacatures die met weerbaarheid te maken hebben, want weerbaarheid is ‘hot’. 

Compositie: People looking at a screen, door Adrien Olichon, met AI-gegenereerd beeld

En ook zelfredzaamheid wordt volledig gepromoot. Met de overheidscampagne ‘Denk Vooruit’ moet zelfredzaamheid onder burgers vergroot worden. Afgelopen jaar viel bij alle huishoudens in Nederland de ‘Denk Vooruit’ folder op de deurmat: bereid je thuis voor, maak een plan met je familie en in je buurt. De Nederlandse overheid dringt aan op 72 uur zelfredzaamheid bij een (cyber)aanslag of ramp.

Leen van den Ouden, die jaren medeverantwoordelijk was voor het programma Weerbare Samenleving Rotterdam, vertelt dat de samenleving nu vooral is ingesteld op ‘flitsrampen’. “We moeten weer leren dat hulpdiensten ook tijd nodig hebben om bij je te komen, ze kunnen niet overal tegelijk zijn.”

Directeur Nationale Crisisbeheersing bij het Ministerie van Justitie & Veiligheid Marco Zannoni schetst het domino-effect dat ontstaat bij een langdurige volledige black-out: na twee uur doen telefoons het niet meer. Daarna volgen riolering, drinkwater, pinautomaten en tankstations. Volgens hem kunnen Nederlanders zich geen voorstelling maken van de samenleving waar ze dan in leven.

Marcel Penders is de coördinator van de Veiligheidsregio Zuid-Limburg. Hij ziet dat de campagne effect heeft: “Het bewustzijn bij burgers is al wel een beetje groter geworden. Vorig jaar werd je nog voor ‘prepper’ uitgescholden als je het over een noodpakket had. Inmiddels hebben meer mensen een noodpakket, water in huis en een soort plan met familie of de buurt.” 

Uit cijfers van marktonderzoeksbureau Markteffect in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid komt hetzelfde beeld naar voren. Zij publiceerden afgelopen september de resultaten over hoe Nederlanders naar noodsituaties kijken en zich daarop voorbereiden. De percentages laten zien dat 31% een noodpakket heeft, 18% een noodplan en 17% van de ondervraagden heeft afspraken gemaakt met de familie. Uit deze cijfers blijkt ook dat tweederde dus niet bezig is met voorbereidingen of noodscenario’s.  

Ondertussen werkt de overheid zelf verder aan weerbaarheid. In de Nota Ruimte voor Defensie wordt aangegeven hoe Nederland weerbaar moet worden en veilig kan blijven. Weerbaarheid eist fysieke ruimte op, is er te lezen. “Defensie zoekt naar ruimte binnen Nederland. Fysieke ruimte zoals kazernes en oefengebieden. Maar ook (milieu)ruimte om te kunnen varen, vliegen en rijden binnen passende normen”. Dat die uitbreiding ten koste gaat van andere functies, met name van natuur, maar ook van wonen, agrarisch gebied en sociale voorzieningen lijkt op de koop toegenomen te worden. De Nota rept daar niet over. En dat leidt tot zorgen bij omwonenden van verschillende plekken in het land waar die nieuwe defensielocaties definitief gemaakt worden. Anderen zien daar kansen.

Munitiedepot voor een weg
Bijvoorbeeld in Staphorst. Daar wordt het bestaande munitiedepot van 12 hectare gemoderniseerd en uitgebreid. Straks kunnen ook NAVO-partners gebruik van maken van dit nieuwe grootschalige depot in Overijssel. Het gemeentebestuur onder leiding van burgemeester Jan ten Kate heeft aangegeven dat de uitbreiding van het depot alleen mogelijk is als er een nieuwe toegangsweg wordt aangelegd vanaf de A28. Het verleggen van de weg is noodzakelijk, anders moeten de munitietransporten dwars door de drukke dorpskern van Staphorst, waar nu al dagelijks files zijn. Een nieuwe weg was een lang gekoesterde wens van het gemeentebestuur. 

Het wordt een kostbare operatie waar niet alleen defensie over gaat, maar ook andere departementen. Demissionair staatssecretaris van Defensie Gijs Tuinman complimenteert de gemeente voor hun ‘moed en lef’. 

Maar niet iedereen is positief. Er zijn grote zorgen over de 70 hectare natuur- en boerengrond die door het depot verdwijnt. Volgens het lokale initiatief Werkgroep Groenkracht zijn de gemeente en landelijke overheid niet zorgvuldig te werk gegaan bij de besluitvorming voor de locatie: “Bewoners hebben niet in de gaten dat de uitbreiding ook ten koste zal gaan van hun natuur- en recreatiegebied de Zwarte Dennen. Het is zelfs mogelijk dat er in de toekomst kernkoppen komen te liggen, maar daar mag defensie geen uitspraken over doen”, aldus de Werkgroep. Zij hebben daarnaast de vraag waar de natuurcompensatie gaat plaatsvinden. “Al die hectares natuur moeten volgens de omgevingswet gecompenseerd worden en dat is nog een hele puzzel in deze agrarische regio waar ook economische belangen spelen”. 

Whole of Society & All Hazard
Sinds 2010, duikt in internationale kringen de term ‘whole of society’ steeds vaker op als het gaat over veiligheid en weerbaarheid. Weerbaarheid is niet langer de rol van alleen de overheid, gemeenten en hulpdiensten, maar ook van de samenleving. Bereid je op alles voor, en neem maatregelen die veerkracht vergroten en de continuïteit in de samenleving waarborgen. In beleidskringen wordt het een ‘all hazard’ benadering genoemd. Nederland moet maatschappij breed weerbaar worden tegen hybride dreigingen, pandemieën en klimaatverandering. Bedrijven en ondernemers moeten meedenken over wat nodig is om belangrijke ketens van voedsel, transport en handel, niet stil te laten vallen. Maatschappelijke organisaties als bijvoorbeeld het Rode Kruis en het Leger des Heils zijn nodig bij het ondersteunen van de burgerlijke hulpverlening.

Vorig jaar besloot zakelijk dienstverlener Deloitte op eigen initiatief een informele kopgroep samen te stellen met partijen uit alle hoeken van de samenleving. Het balletje was gaan rollen nadat partner Sjoerd van der Smissen had samengewerkt met Luitenant-Admiraal Rob Bauer, toen nog commandant der strijdkrachten. 

“Veiligheid is van ons allemaal”

“Veiligheid is van ons allemaal”, aldus van der Smissen. Rob Bauer staat inmiddels op de loonlijst bij Deloitte. Zij zijn 22 partnerschappen aangegaan met het ministerie van Defensie, de gemeente Rotterdam, het Rode Kruis en allerlei commerciële partijen, waaronder Albert Heijn, KPN en de Rabobank. Het doel is om de krachten te bundelen en initiatieven met elkaar te ontplooien, om de samenleving weerbaarder te maken. Volgens Deloitte is daar een cultuuromslag voor nodig.

Het zal geen toeval zijn dat het bedrijf zich richt op hybride dreigingen, cybercrime en desinformatie. Vanuit de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) ligt er een duidelijke opdracht om burgers en bedrijven voor te bereiden op uiteenlopende hybride dreigingen, zoals een langdurige stroomstoring.

Oefenen met burgers, van Finland naar Rotterdam-Zuid
Ter inspiratie reisde een kleine delegatie van de kopgroep naar Finland. Weerbaarheid is daar al jaren onderdeel van het gewone leven. “Voor burgers in Finland is het de normaalste zaak van de wereld dat je tenminste 72 uur zelfredzaam bent. Daar moeten we in Nederland ook naar toe.” Volgens van der Smissen kan Nederland ook leren van de sociale cohesie in de Finse gemeenschappen. “Er zijn schuilkelders en voorraden eten voor iedereen.”

De reis leidde tot concrete actie. Deloitte en de Gemeente Rotterdam pakten door en organiseerden met een groep van 50 bewoners uit de wijk Bloemhof een crisisvoorbereidingsoefening met als thema: Wat als de stroom 72 uur uitvalt? De opkomst was 100%. Naast de vijftig bewoners was er een delegatie van twintig managers van onder meer Deloitte, Ahold, Het Rode Kruis, de Gemeente Rotterdam en de veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond. Zelfs Burgemeester Carola Schouten schoof aan. De black-out werd met filmpjes en radiofragmenten geënsceneerd. De avond was een groot succes en de ‘buurtpilots’ worden nu in verschillende buurten in Rotterdam georganiseerd. 

Landsbelang en korte lijnen
Oefenen met burgers zoals in Rotterdam, is nog niet aan de orde in de Overijsselse gemeente Staphorst. Maar volgens Hendrik Timmerman, ploegleider bij de vrijwillige brandweer, zijn ze daar gewend om zelf actie te ondernemen: “De overheid doet zijn best, maar als er een noodsituatie is, dan moet je het hebben van ‘de buurtschap’. Naastenliefde is hier nog echt van toepassing. De lijnen zijn kort. Ik kan zo de burgemeester bellen als dat nodig is.” 

Volgens gemeenteraadslid Alberto Schra (CU) leefde het thema ‘weerbaarheid’ tot voor kort niet zo in zijn regio. “Het dagelijks bestuur van deze boerengemeenschap is meer bezig met de impasse van de stikstofcrisis”, reageert het gemeenteraadslid. Zelfredzaamheid is hier van nature ingebed in de gemeenschap. “In de Tweede Wereldoorlog was het dorpje Rouveen bijna helemaal zelfredzaam. Tijdens de hongerwinter, werd de gemeente zelfs gevraagd om extra aardappels te verbouwen voor de rest van het land. We willen graag het landsbelang dienen, dat hoort bij onze gemeenschap en daarom staat het gemeentebestuur ook positief tegenover de uitbreiding van het munitiedepot”, aldus het gemeenteraadslid. 

Noodsteunpunten
Ondertussen worden er lokaal door burgermeesters, gemeenten en hulpdiensten volop plannen gemaakt om lokaal de weerbaarheid te vergroten. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) presenteerde in september 2025 de Handreiking Weerbaarheid en Veerkracht op lokaal niveau: hoe kunnen regio’s en gemeenten reageren op langdurige verstoringen.

Compositie: People looking at a screen, door Adrien Olichon, met AI-gegenereerd beeld

Het plan is om per 5.000 inwoners noodsteunpunten in te richten waar burgers tijdens een grote crisis van (medische) zorg, informatie, stroom en water voorzien kunnen worden. Brandweerkazernes worden tijdens een ramp vermoedelijk omgedoopt tot ‘hoofd coördinatie steunpunten’. Maar er zullen ook kleinere noodpunten komen, denk aan plekken als een moskee, buurthuis, kerk of voetbalkantine. Naast de logistiek van het inrichten, wordt het ‘bemensen’ van die noodsteunpunten een uitdaging. Het vraagt een andere aanpak. De hulpdiensten hebben namelijk ook hun ‘gewone’ taken tijdens een ramp en het is de vraag of getrainde vrijwilligers daadwerkelijk aanwezig kunnen zijn als de ramp plaatsvindt. In Utrecht oefent de gemeente daarom met bewoners om de noodsteunpunten te bemannen en analyseren hoeveel die steunpunten gaan kosten. 

In feite zijn de noodsteunpunten bedoeld als een versteviging van de bestaande crisisplannen. Vanuit het Ministerie van Justitie en Veiligheid is er budget toegezegd voor oefenpilots zoals in het Rotterdamse Bloemhof. In 2025-2026 is landelijk €14,5 miljoen euro beschikbaar gesteld, wat verdeeld is tussen de 25 Veiligheidsregio’s in Nederland. 

Vanaf 2027 is er landelijk structureel € 35 miljoen beschikbaar gesteld. René van der Linden, jarenlang woordvoerder bij de Veiligheid Regio-Rotterdam, denkt dat er meer nodig is om al die plannen rond te krijgen. “Reken maar uit wat alleen al een noodaggregaat op al die noodpunten kost.” Volgens hem zijn er in sommige buurten misschien meer noodpunten nodig op 5.000 bewoners, zoals in het centrum van Rotterdam waar veel woontorens zijn, of bij een seniorenflat. “Als de stroom daar uitvalt, dan stopt de elektrische pomp die het water omhoog pompt naar hogere verdiepingen. Vanaf de derde verdieping is er dan geen water meer”.  

“Tijd voor verslagenheid is er niet, je moet direct aan de slag”

Dat de druk op hulpdiensten enorm is tijdens een crisis, daar kan Daan Prevoo goed over meepraten. Tijdens de overstromingen van 2021 werkten de hulpdiensten in Valkenburg dagen en nachten door. Soms ten koste van de eigen thuissituatie. “Tijd voor verslagenheid is er niet, je moet direct aan de slag.” Daan Prevoo kan zich nog opwinden over de formele crisisprotocollen waar hij toen tegenaan liep. Het leidde tot absurde situaties: “Tot twee keer toe reed ik op en neer naar Maastricht omdat er eerst vergaderd moest worden over de noodbrug die ik had aangevraagd. De derde dag weigerde ik. Mijn gemeente stond in onder water! Pas de vierde dag kwam die noodbrug.” 

Landelijk beleid
Crisismanagers benadrukken de grote verschillen tussen de 25 Veiligheidsregio’s in Nederland. Juridisch adviseur en crisismanager, Willemijn van Blommestein, waarschuwt dat een duidelijk beleidskader vanuit het ministerie van Justitie en Veiligheid onmisbaar is. Tijdens de Coronacrisis ervaarde zij hoe ingewikkeld het is als dat ontbreekt: “Iedere regio heeft zijn eigen problemen en prioriteiten. Plattelandsregio’s zijn compleet anders dan regio’s in de Randstad. Zolang een crisis zich tot één enkele regio beperkt is dat geen probleem, maar als een crisis landelijk wordt zoals bij corona, dan moeten de regio’s met hetzelfde beleid worden aangestuurd.” 

De week na de overstromingen was er geen stroom in de getroffen delen van het centrum in Valkenburg. Schotanus zette net als andere slachtoffers met hulp van familie, buurtgenoten en vrienden, meubels en huisraad buiten. “Tapijten hingen door de straat, naast die van de buren. Iedereen leefde buiten. Overdag waren we aan het puinruimen en schoonmaken. Er leek geen einde te komen aan het zwarte slijk en de rioollucht in huis.” 

Mensen uit Valkenburg kwamen meerdere keren per dag met maaltijden en fietsten op en neer om telefoons en computers op te laden. Volgens Prevoo zijn bewoners, bedrijven en mensen van buitenaf, die spontaan hun hulp aanbieden extreem waardevol en zelfs onmisbaar geweest. “Die ‘informele zorg’ moet je koesteren en de ruimte geven”, aldus de betrokken burgervader Prevoo. 

Reuzenoodpakket
Prevoo denkt er weleens over na om een soort reuze noodpakket voor zijn gemeente samen te stellen en al die materialen in een loods neer te leggen. Valkenburg was niet ingesteld op die hevige overstromingen. Of het nu anders zou lopen als het weer zou gebeuren? Prevoo denkt van niet. Je ben ook afhankelijk van de besluiten die in België en Duitsland genomen moeten worden om het water bijvoorbeeld anders te leiden. “Er zijn wel gesprekken met de grensprovincies van de buurlanden, maar uiteindelijk kiezen de regio’s toch voor hun eigen regio. “Kon je maar een hoge muur in de heuvels neerzetten om het water tegen te houden”, zegt Penders van de Veiligheidsregio. 

Compositie: People looking at a screen, door Adrien Olichon, met AI-gegenereerd beeld

In Noord-Limburg aan de Maas is de situatie anders, daar zijn verschillende maatregelen genomen om bewoners tegen het water te beschermen. Denk bijvoorbeeld aan een verbreding van de oevers. Ook zijn de bewoners hier heel actief bij betrokken bij de besluitvorming over waterveiligheid. Met resultaat. Want in 2027 wordt een ultramoderne waterkering opgeleverd. 

In de regio Noord-Limburg waar het water vanuit de Maas vaker extreme noodsituaties heeft veroorzaakt, vertelt horecaondernemer Pieter Verschuren, dat je maar beter zelfredzaam kunt zijn. “Als ik had gewacht op de overheid had ik de IJsbranderij allang kunnen sluiten.” Hij heeft een eigen systeem ontwikkeld waarmee hij de waterstanden meet om het risico op overstromingen in te schatten: “Als ik zie dat het kritisch wordt dan bel ik mijn overbuurman van het tuincentrum en vraag ik of hij ‘stand by’ wil zijn met zijn vrachtwagen.” Met hulp van kennissen uit de buurt kan hij in een paar uur de voormalige watermolen ontruimen, inclusief de bar en het café. Alles wordt vakkundig uit elkaar geschroefd en gaat de vrachtwagen in. Toen Verschuren zelf ook nog in het dorp woonde, deed hij thuis hetzelfde: met de buurman de houten planken loshalen, terwijl zijn vrouw de keuken inpakte. Samen demonteerden ze kastjes en zetten ze die op klossen. 

Verschuren kan zich nauwelijks voorstellen dat het water straks geen rampsituaties meer zal veroorzaken. Ook niet met de nieuwe waterkering. De overstromingen in 2021 kostte hem, naast de enorme ravage, financiële schade en zorgen, ook weken omzet, want het was zomer en dus hoogseizoen. Zijn spaarpotje was al jaren geleden op en de verzekering keert nooit wat uit is zijn ervaring. Maar Verschuren kan niet opgeven, alles zit in dit bedrijf. De zorgen hebben hem wel vaak uit zijn slaap gehouden, de situatie heeft zijn weerslag gehad op het gezin. 

Het wordt formeel de ‘nafase’ genoemd, maar Michel Dückers, bijzonder hoogleraar Crises, Veiligheid en Gezondheid vindt dat onterecht. Voor slachtoffers begint het dan pas. “Als samenleving betalen we de prijs voor de welvaarts- en veiligheidswinst van de laatste jaren. In de actuele discussie over maatschappelijke weerbaarheid krijgen herstel en nazorg weinig aandacht. Terwijl de gevolgen in de nafase langdurig doorwerken”. 

Schotanus vindt dat ze niet mag klagen, want de verzekering heeft hen uiteindelijk goed geholpen. Zij hadden het geluk met een kundige tussenpersoon die uiteindelijk alles regelde met de verzekering. Niets uit het huis kon gered worden. Water maakt alles kapot en nog altijd ruikt ze de Geul als ze de pastorie binnenkomt. Ook zij hebben veel gedoe gehad om het huis weer op orde te krijgen. Ze woonden op een zolderkamer met hun jongste dochter die haar middelbare school nog aan het afronden was. Ze had niet gedacht dat de overstromingen zoveel teweeg zouden brengen in haar leven en nog, want stromend water vindt ze ongemakkelijk. Lange tijd voelde zij zich niet veilig in de pastoriewoning die altijd haar thuishaven was geweest. 

De ‘ramp-na-de-ramp’ is volgens Prevoo misschien wel het ergste. Hij kent mensen die er niet goed uit zijn gekomen of nog altijd bezig zijn met de afwikkeling. Er is te weinig aandacht voor de slachtoffers die tot op de dag van vandaag een pilletje nodig hebben om te gaan slapen of om de dag door te komen. Kun je echt voorbereid zijn op een ramp? Het is een vraag waar hij geen antwoord op heeft. 

Doneren

Door deze investering zorg ik ervoor dat de maker de volgende journalistieke productie realiseert.







Draag bij aan onafhankelijke makers

Onafhankelijke journalistiek begint bij makers die de tijd nemen om te luisteren, onderzoeken en verhalen menselijk te maken. Bij Small Stream Media staan die makers centraal: dichtbij, betrokken en vrij van commerciële druk. Met jouw bijdrage kunnen zij blijven publiceren, verbanden leggen en nieuwe stemmen laten horen. Je helpt eerlijke verhalen boven water te krijgen die anders onzichtbaar blijven. Draag bij aan onafhankelijke makers en bouw mee aan een platform waar kwaliteit, vertrouwen en impact voorop staan voor iedereen die betrokken is.