2 april, 2010 | Beeld: Nicole Westerkamp | Trefwoord: nederland
Grote kloof tussen Roma-beleid en doelgroep
Het Landelijk Steunpunt Roma Gemeenten is eindelijk een feit. In 2008 luidde de gemeente Nieuwegein de noodklok. Nu, twee jaar later, is 600.000 euro vrijgemaakt om beleid te ontwikkelen dat de Roma-problematiek kernachtig moet aanpakken. Maar de kloof tussen doelgroep en beleid is zo groot dat zelfs de oprichting van het steunpunt commotie veroorzaakte. Zou integratie via andere wegen een uitkomst kunnen bieden?
Peter Snijders, directeur van basisschool De Achtsprong in Amsterdam Zuidoost, wilde niet afwachten. Vooruitlopend op landelijk beleid heeft de basisschool samen met de afdeling Leerplicht een eigen methode ontwikkeld. Het verzuim op de school was hoog. De kinderen kwamen gewoonweg niet naar school. “De Roma-cultuur is van oudsher niet gericht op het volgen van onderwijs. Een paar jaar basisschool wordt vaak gezien als voldoende. Meestal hebben de ouders zelf niet meer onderwijs genoten. Om dit te doorbreken moet je ondersteunen en handhaven. Dat is de kern van ons succes.”, vertelt Peter Snijders.
Om het verzuim tegen te gaan ontwikkelde De Achtsprong een streng beleid dat sinds vorig schooljaar in uitvoer is. “Bij de deur staan letterlijk twee leerplichtassistenten die laatkomers aanspreken op hun gedrag. Als iemand niet komt opdagen, dan bellen we nog diezelfde ochtend de ouders. Heeft dat geen effect, dan gaan we op huisbezoek.” Sinds de invoering van deze methode is het schoolverzuim op De Achtsprong drastisch afgenomen. De twintig Roma-kinderen die eerst frequent afwezig waren, zitten nu allemaal op school en ze zijn zelfs op tijd.
De methode van Snijders bleef niet onopgemerkt bij de lokale politiek. Uit handen van de toenmalige Amsterdamse wethouder Lodewijk Asscher ontving de schoolleiding van De Achtsprong in februari dit jaar de verzuimpluim. Leraren, kinderen en hun ouders vierden dit moment gezamenlijk. Vooral de ouders benadrukten dat zij niet hadden kunnen voorzien dat zij zich zo betrokken zouden voelen bij de school van hun kinderen.
Toch heeft Peter Snijders zijn doel nog lang niet bereikt. Op de korte termijn werkt de methode van De Achtsprong goed, maar op de lange termijn werkt het alleen als er in het landelijk beleid iets verandert: “Er zouden wettelijk gezien meer mogelijkheden moeten komen om schoolverzuim aan te pakken. Alleen een totaalpakket van handhavende en ondersteunende maatregelen kan verbetering brengen. Essentieel voor een verbeterende situatie is dat het beleid ouders en kinderen betrekt. Onderwijs is een recht en daarom is het belangrijk het te handhaven. Er moeten wetten worden ingesteld die dit mogelijk maken.”
De aanpak van de Roma-problematiek staat hoog op de agenda van de elf zogenaamde ‘Roma-gemeenten’; Berkel-Enschot, Capelle aan de IJssel, Ede, Epe, Gilze-Rijen, Lelystad, Nieuwegein, Oldenzaal, Spijkenisse, Veendam en Utrecht. Al jaren zitten zij met de handen in het haar. Zij kunnen niet tot een oplossing komen van de problemen rondom de Roma-groepen. Minister Van der Laan besloot daarom de partijen bijeen te roepen nadat de problematiek was besproken in de Tweede Kamer op 4 december 2008. Bij het overleg dat daarna plaatsvond waren alle ministeries aanwezig. Hierdoor kon de basis worden gelegd voor samenwerking. Het resulteerde in een brief van minister Van der Laan waarin de aanpak voor Roma in Nederland uiteen wordt gezet en de oprichting van het Landelijk Steunpunt Roma Gemeenten werd aangekondigd.
De brief stuitte direct op boze reacties. De bewoording in de brief zou niet politiek correct zijn. “Het was een brief vol stigmatiserende stereotypen en zonder enig historisch besef. Geen goed uitgangspunt voor discussie in de Kamer”, stelt onderzoeker Huub van Baar van de Universiteit van Amsterdam op 8 oktober 2009 in Trouw. Ook bij de Landelijke Sinti Roma Organisatie is de brief niet in goede aarde gevallen zo blijkt uit een eerder artikel in Trouw op 26 augustus 2009. “De brief van de minister is een belediging. Zijn plan heeft geen draagvlak. Onze landelijke organisatie bestaat tien jaar, mijn naam is zuiver, maar er is nooit met ons overlegd. Ik kom uit Macedonië: deze procedure doet me denken aan het communistische systeem daar”, stelde Gjunler Abdula van de Roma Emancipatie Organisatie.
Ondanks alle commotie is het Landelijk Steunpunt Roma Gemeenten begin dit jaar opgericht. De deelnemende gemeenten hebben hun voorstellen voor effectief beleid ingediend. Hierbij staat een aanpak centraal die niet alleen de symptomen moet bestrijden, maar het onderliggende probleem aan de basis moet aanpakken. Onderwijs wordt als één van de speerpunten gezien. Iedere gemeente heeft hiervoor haar eigen voorstel ingediend, waardoor op termijn duidelijk wordt welke aanpak goed werkt. Deze kennis wordt dan weer tussen de gemeenten uitgewisseld, wat zou moeten zorgen voor meer expertise op dit gebied.
Astrid van den Hurk, woordvoerder van de KPC Groep benadrukt het belang van onderwijs. De KPC Groep is een landelijk opererende adviesorganisatie. Regelmatig helpen zij de overheid om oplossingen te ontwerpen voor actuele ontwikkelingen en problemen in het onderwijs. “Juist Roma-kinderen hebben baat bij goed onderwijs. Zo ontwikkelen zij taalvaardigheid en krijgen ze normen en waarden mee. Dan kunnen zij deelnemen aan de maatschappij”, zegt Astrid van den Hurk. Zij pleit voor lange termijn oplossingen. “We moeten niet meteen gouden bergen verwachten. Een lange adem is nodig om de complexe problematiek op te lossen. Daarom is het belangrijk successen te koesteren en de opgedane kennis uit te wisselen. Lokaal kan beleid goed werken, zoals op basisschool De Achtsprong, maar ergens anders kan de problematiek verschillen en is net een andere aanpak nodig. Daarom is die uitwisseling nodig en het landelijk steunpunt vervult hierin een belangrijke rol.”
Peter Snijders sluit zich volledig bij deze stellingname aan. “Hoewel de kinderen op De Achtsprong nu netjes naar school komen, is het belangrijk deze lijn door te zetten”, zegt hij. ”Bij veel Roma houdt het na de basisschool op. Wij proberen ze ook naar het voortgezet onderwijs te krijgen. Hiervoor is een intensieve en soms onorthodoxe aanpak nodig. Soms haalt een leerplichtambtenaar een kind letterlijk uit bed en brengt het voor een intakegesprek naar een school voor voortgezetonderwijs. Deze persoonlijke aanpak heeft effect: de Roma-kinderen die hier vorig jaar van school zijn gegaan, nemen allemaal nog steeds deel aan het voortgezet onderwijs.”
Naast de strenge handhaving biedt de school via lokale instanties ook ondersteuning voor de ouders, die vaak niet weten hoe om te gaan met aanmaningen, gemeentelijk schrijven en andere formulieren. Zo wordt bijvoorbeeld door bureau Kansrijk Zuidoost wekelijks een ouderspreekuur georganiseerd op school. Snijders: “De ouders komen gemakkelijker naar school, omdat dit bekend voor hen is. De drempel is minder hoog. Dat grijpen wij, in het kader van de brede school, aan om ook de ouders te ondersteunen waar dit nodig is. Uiteindelijk willen we dit uitbreiden naar thuisbegeleiding in de vorm van Spel aan huis”, aldus Snijders. Hij ziet veel potentie voor zijn methode in de toekomst.
De Achtsprong in Amsterdam Zuidoost is één geval. Door het toedoen van een gedreven directeur en schoolorganisatie is het hen gelukt goed contact op te bouwen met de Roma-kinderen en hun ouders aan school te binden. Die gezinnen hebben nu de kans te integreren via het onderwijs. Maar met dit ene initiatief zijn nog niet alle problemen opgelost. Daarvoor moet het Landelijk Steunpunt Roma Gemeenten nu zorgen.