13 juli, 2026 | Auteur: Imke Kleingeld | Beeld: Imke Kleingeld | Trefwoord: nederland

Tijdens de Nacht van de Vluchteling wandelen 10.000 mensen door heel Nederland

Het schemert. Wie langer is dan een meter tachtig kijkt in de rij op honderden achterhoofden uit. Schouders, ieder behangen met een eigen rugzak. De een wekt de indruk een doorgewinterde langeafstandsloper te zijn: een drinksysteem waarvan het slangetje ter hoogte van het sleutelbeen uit de rugzak verschijnt, een extra paar supersonische schoenen dat bungelt aan de veters.

De ander oogt minder voorbereid. Iemand staat op slippers. Onrustig verplaatst hij zijn gewicht van het ene naar het andere been, popelend om de eerste stap te zetten. Zal hij de hele tocht op slippers afleggen? Alle neuzen wijzen dezelfde kant op: naar de ingang van het Fenix Museum, het startpunt van de Nacht van de Vluchteling in Rotterdam.

In de nacht van 20 juni wandelen zo’n 10.000 mensen afstanden van 10 tot 50 kilometer door heel Nederland. Met één gezamenlijk doel: geld inzamelen voor noodhulp aan mensen die wereldwijd moeten vluchten voor oorlog en geweld. Dit jaar levert dat een recordbedrag van 2,1 miljoen euro op. Zelfs hitte en noodweer, waardoor enkele routes moesten worden geschrapt, houden de deelnemers niet tegen.

Het finishen van de groepen die 10 en 20 kilometer aflegden, vormt het startschot voor de mensen die 40 of 50 kilometer lopen. De voldane, opgeluchte blikken van de mensen die aankomen, ontmoeten ietwat gespannen gezichten. Het is half elf ‘s avonds, de eerste wandelaars zetten een voet de nacht in. De een volgt de ander. Het duurt niet lang voordat een grote sliert aan gele hesjes de Erasmusbrug passeert. 

De lucht kleurt oranjerood. Het is een troostend gezicht, die ondergaande zon. Alsof ze met haar betoverende laatste stralen wil laten weten dat ze niet lang weg zal blijven. Ze belooft voor de wandelaars er erg in hebben weer op te komen. 

Kortste nacht van het jaar
Het is de kortste nacht van het jaar, maar dat dit voor veel wandelaars allesbehalve zo zal voelen, is nu nog niet te merken. Een opgewekte stoet aan mensen loopt al babbelend Rotterdam uit. Langs de door regenboogkleuren verlichte Euromast, waar de beveiligster de stoet vrolijk succes wenst. Langs een tijdelijke noodopvang voor asielzoekers aan de Aelbrechtskade, waar net iemand met een 20 kilometer medaille zijn fiets parkeert. Even blijft hij staan om de voorbijtrekkende stoet na te kijken. Een glimlach van oor tot oor zegt meer dan woorden.

Met iedere minuut wordt het donkerder. Hoe verder je de stad uit loopt, hoe minder licht, hoe minder levendigheid. Gordijnen schuiven dicht. Schemerlampen doven. Nederland gaat slapen.

Op de eerste rustlocatie staan koffie en thee klaar. Aan een tafel eten twee kleine, oudere vrouwen een krentenbol. Ze dragen allebei een bijna identiek rond brilletje. Tweelingzussen zouden het kunnen zijn, maar wat vooral opvalt is een onvoorwaardelijke vriendschap.

Een paar meter verder strikt een man zijn veter. Op het eerste gezicht lijkt hij een scout, maar zijn das vertelt een ander verhaal. Het sjaaltje om zijn nek draagt de kleuren van de Ethiopische vlag, bijeengehouden door een dasring in de vorm van een klomp. De man loopt deze nacht om geld op te halen voor de humanitaire crisis in het land waar de wortels van zijn familie liggen. Het is niet de eerste keer dat hij meedoet. Op de vraag hoe het is om alleen te lopen, volgt een verbaasde blik. “Kijk met hoeveel we zijn.” Tijdens deze nacht, zegt hij, is niemand alleen.

Na ongeveer 20 kilometer verdwijnt Delft achter de wandelaars. Het is inmiddels drie uur en de pas zit er nog flink in. Onder het ritme van kikkers en krekels vloeien de minuten in elkaar over. In de verte zijn al een tijdje flitsen te zien. De dreigende lucht houdt men wakker. Zaklampen worden een overbodige luxe en plots begint het te regenen. 

Vermoeidheid
Een jonge man uit Oman loopt voor de vijfde keer mee. Bij de start raakt hij bevriend met een leeftijdsgenoot uit Berkel en Rodenrijs. Ze blijven steeds in elkaars buurt. Terwijl de geur van nat gras en warm asfalt opstijgt, vissen ze elkaars regenjas uit de rugzak. Ze praten onafgebroken verder. In het Nederlands, omdat de man uit Oman de taal wil oefenen. Hun verhalen verdrijven de stilte.

Na de regen dient de vermoeidheid zich aan. Wegwijspijlen lijken zich ineens te verstoppen. Iedereen zoekt zijn eigen tempo en de stoet valt langzaam uiteen. Het besef dat de helft nog niet eens is bereikt, komt hard binnen. Bij de derde rustpost, op 25 kilometer, scheiden de routes zich. Bekende gezichten verdwijnen de ene of de andere kant op. Een vader en zijn jonge dochter vechten tegen de slaap. Zij zit met een koptelefoon half over haar oren te scrollen op haar telefoon. Hij kijkt bewonderend naar de deelnemers die nóg tien kilometer verder zullen lopen.

De 50-kilometer groep blijft met 180 over. Het pad slingert verder. Krekels maken plaats voor vogelgezang. Een haan kraait. De natuur ontwaakt. Met de opkomende zon ontvouwt de Zoetermeerse Meerpolder zich. Het landschap verrast en geeft nieuwe energie. Dan duikt hij weer op: de jongen op de slippers. Nog altijd draagt hij ze. Zijn linkerhiel landt inmiddels naast het voetbed, maar hij loopt door.

Het is acht uur ’s ochtends. Fietsers passeren. De dijk ligt vol langwerpige klinkers, in een strak visgraatpatroon gelegd. Het wegdek golft en helt. Wie bovenop alle zeurende blaren een verzwikte enkel wil voorkomen, houdt de blik voortdurend naar beneden gericht. Stap voor stap. Het is onmogelijk de ogen te focussen met al die lijnenspellen door elkaar. Het is bedwelmend. Maar de stoet zet door.

Voor de deelnemers is deze nacht een uitdaging die eindigt bij een finish, een medaille en verhalen om thuis te vertellen. Voor miljoenen mensen op de vlucht bestaat zo’n eindpunt niet. Ook zij lopen door de nacht, maar zonder routebordjes, zonder rustposten, zonder gele hesjes en zonder applaus. De duisternis is voor hen geen decor, maar bescherming. Niet om de zonsopgang tegemoet te lopen, maar om ongezien te kunnen blijven. Terwijl veel wandelaars met dit gegeven in gedachten dichterbij de finish komen, zijn er elders talloze mensen voor wie iedere nacht opnieuw het begin van de volgende vlucht betekent. 

Doneren

Door deze investering zorg ik ervoor dat de maker de volgende journalistieke productie realiseert.







Draag bij aan onafhankelijke makers

Onafhankelijke journalistiek begint bij makers die de tijd nemen om te luisteren, onderzoeken en verhalen menselijk te maken. Bij Small Stream Media staan die makers centraal: dichtbij, betrokken en vrij van commerciële druk. Met jouw bijdrage kunnen zij blijven publiceren, verbanden leggen en nieuwe stemmen laten horen. Je helpt eerlijke verhalen boven water te krijgen die anders onzichtbaar blijven. Draag bij aan onafhankelijke makers en bouw mee aan een platform waar kwaliteit, vertrouwen en impact voorop staan voor iedereen die betrokken is.