30 december, 2015 | Auteur: Jesse van Amerongen | Beeld: Nienke van Boom | Trefwoord: nederland
Stelend door Europa
Nikolaj M. moet voor de politierechter verschijnen. De 30-jarige Roemeen wordt ervan verdacht een dure zonnebril uit de Bijenkorf te hebben gestolen. Het blijkt het verhaal van een draaideurcrimineel die zwerft door Europa.
Toen in de Bijenkorf op de Dam de Drie Dwaze Dagen in volle gang waren, stond Nicolaj aan de andere kant van de stad voor de rechter. Tien dagen daarvoor heeft hij in dronken toestand geprobeerd om een zonnebril van 336 Euro te stelen uit het warenhuis. Naar eigen zeggen zou hij daar 40 Euro voor krijgen van een man die hij op straat had ontmoet.
Als hij vandaag binnenkomt komt hij eerder over als een jongen, dan als een man van 30 jaar. Zijn donkere haar zit warrig, alsof hij er zo mee is opgestaan, en zijn kleren hangen slordig om zijn lijf. Zijn blik zit tussen slaperig en onverschillig in. Hij geeft zijn advocaat een ‘boks’ in plaats van een hand en neemt plaats naast zijn tolk. Zelf spreekt de man wel wat Nederlands, maar niet voldoende om de zaak zonder Roemeense tolk te kunnen volgen.
De ogenschijnlijke onverschilligheid van de verdachte kan ook komen, doordat hij maar al te bekend is met deze situatie. Hij is de afgelopen drie jaar al zes keer veroordeeld in Nederland voor verschillende kleine vergrijpen. Als politierechter De Vries hem vraagt waarom hij met de zonnebril naar buiten is gelopen, is Nikolaj duidelijk. “Ik wilde ‘m stelen”, vertaalt zijn tolk. Nicolaj weet dat ontkennen vandaag weinig zin heeft. Hij legt uit dat hij geen legaal werk kon krijgen in Nederland en geld nodig had.
Mr. De Vries zegt verbaasd te zijn over de luchtige toon waarop hij spreekt en vraagt hem of je in zo’n situatie zomaar moet stelen. “Het spijt me wat er gebeurd is”, antwoordt Nikolaj. Hij verklaart een drank- en drugsprobleem te hebben, dat erger wordt, omdat hij in Nederland niks te doen heeft. In het Nederlands spreekt hij de rechter aan: “Altijd alleen alleen alleen.” Hij voegt eraan toe dat hij soms niet meer weet wat hij doet als hij gedronken heeft. “Nou, dat is niet best”, verzucht de rechter.
Rondreizen
Nikolaj is nog maar net in Nederland. Daarvoor zat hij in Antwerpen. De afgelopen jaren is hij af en aan in Nederland geweest, maar ook in Duitsland, België, Spanje, Frankrijk en zijn thuisland Roemenië. Omdat Roemenen sinds 2014 vrijelijk de arbeidsmarkt van EU-landen mogen betreden, trekken velen via vrienden en familie door Europa op zoek naar werk. Volgens het CBS gaat veruit de grootste groep naar Spanje, maar als het daar niet lukt reizen ze door. Zo ook Nikolaj.
Hij staat ingeschreven op een adres in Amsterdam, maar het is niet heel waarschijnlijk dat hij daar ooit echt gewoond heeft. Er staat een ander naambordje bij zijn voordeur en zijn buren hebben nog nooit van hem gehoord. Ook zijn advocaat G. Palanciyan geeft na de rechtszaak toe dat het adres van de man waarschijnlijk “niks voorstelt”.
In gesprek met de advocaat doemt het beeld op van een man die als een spook door Europa trekt en op alle mogelijke manieren aan geld probeert te komen. Palanciyan is ervan overtuigd dat Nikolaj geen deel uitmaakt van een bende. Hij zegt in hem eerder een eenzame, zwervende man met een alcoholprobleem te zien.
Officier van justitie
In de rechtszaal gaat de officier van justitie niet mee in het verhaal van de verdachte. Ze stelt dat Nicolaj willens en wetens heeft besloten om een dure zonnebril te stelen. Ze voegt hieraan toe dat het extra kwalijk is dat Nikolaj in zijn proeftijd zat. Ook het verhaal van zijn alcoholisme gaat er bij haar niet in. De verdachte heeft in korte tijd een woonruimte gevonden waar hij staat ingeschreven en heeft ook nog eens vrienden gemaakt die hem helpen. Dit strookt volgens haar niet met het beeld van een hulpbehoevende alcoholist.
Omdat hij elke keer weer in de fout gaat, heeft een voorwaardelijke straf volgens de officier geen zin: ze eist één maand onvoorwaardelijk. Als advocaat Palanciyan begint aan zijn pleidooi, lijkt hij te weten dat er niet veel van deze zaak te maken is. Zonder al te veel overtuiging houdt hij een verhaal over de eerlijkheid van zijn cliënt, zijn alcoholproblemen en over hoe moeilijk het is om werk te vinden in deze tijden. Hij houdt vol dat zijn cliënt niet onverschillig is, maar zich echt schaamt voor wat hij gedaan heeft. Daarom vraagt hij een straf die gelijk is aan het voorarrest.
De rechter besluit het OM te volgen en geeft Nikolaj een maand celstraf plus de twee weken voorwaardelijk die hij nog had staan. Na afloop van de zaak geeft de advocaat toe dat zijn cliënt eigenlijk nog wel goed weg is gekomen. Zeker als je kijkt naar hoe vaak hij de afgelopen jaren de fout in is gegaan. Ook vreest hij dat zijn cliënt zijn leven niet snel zal beteren. “Die zien we hier waarschijnlijk wel terug”, zegt hij gelaten.