22 januari, 2015 | Auteur: Joël Oosterhagen | Trefwoord: oeganda
Bevrijd uit een Oegandese kindergevangenis
In Oeganda worden straatkinderen die overlast veroorzaken opgesloten in Kampiringisa. Volgens de Oegandese overheid is het een rehabilitatiecentrum, hulporganisaties noemen het een kindergevangenis. De vrienden Samuel, Ivan en Emmanuel zaten jarenlang vast, totdat ze met hulp van buitenaf werden bevrijd.
Dat ze uit Kampiringisa mochten, was voor Samuel (18), Ivan (17) en Emmanuel (18) een totale verrassing. “Ben ik aan het dromen?”, was Emmanuels eerste reactie. “Ik kon het niet geloven dat er iemand van mij hield”, vervolgt hij. In 2009 kwam de Vlaamse hulpverleenster Nathalie, zoals elke donderdag de kinderen in Kampiringisa bezoeken. Normaal gaf ze hen dan wat te eten en verzorgde ze de zieke kinderen, maar deze keer had ze ook goed nieuws voor het drietal. Na maanden van onderhandelen met de kinderbescherming en de rechter, had ze het eindelijk voor elkaar gekregen om de jongens mee te nemen. Ze kwamen terecht in het opvangcentrum van Nathalie om verzorgd te worden en onderwijs te krijgen, net zoals de andere 83 bevrijdde kinderen in het centrum.
De eerste weken in het opvanghuis waren voor de jongens wat onwennig, omdat ze de luxe niet gewend waren. “Wij hadden nog nooit in een echt bed geslapen en sliepen daarom eerst ook gewoon op de grond”, vertelt Samuel. Het drietal kreeg begeleiding en met behulp van sociale werkers probeerden ze stapje voor stapje hun verleden te verwerken. “Alle gebeurtenissen maken je nuchter en vormen je persoonlijkheid”, laat Samuel weten. Na al die jaren was hun leven in één keer veranderd, terwijl ze daarvan voorheen nooit durfden te dromen.
Verleden verwerken
Nog voordat de jongens in de kindergevangenis en uiteindelijk in het opvangcentrum terechtkwamen, leefde het drietal op straat. Na het overlijden van Samuels moeder, kwam hij op straat terecht. De broertjes Ivan en Emmanuel werden als peuters op straat gezet, nadat hun ouders vanwege armoede niet meer voor hen konden zorgen. Om in leven te blijven, was bedelen de enige optie. De jongens leerden elkaar op de straten van de Oegandese hoofdstad Kampala kennen en samen met andere straatkinderen begonnen ze met stelen. Ivan: “Allemaal probeerde je te overleven en dan zocht je elkaar op.”
Oeganda kent al jaren het grootste aantal straatkinderen ter wereld. Duizenden vullen het straatbeeld van Kampala. Om het aantal enigszins terug te dringen en om ervoor te zorgen dat de kinderen niet voor overlast zorgen, worden jaarlijks de straten ‘schoongeveegd’ door de politie. Zo gebeurde dat ook toen Ivan, Samuel en Emmanuel rond de tien jaar oud waren. Ze werden meegenomen naar Kampiringisa, net buiten de hoofdstad. “We hadden al vaker van deze plek gehoord en waren daar bang voor”, zegt Ivan.
Heropgevoed
Kampiringisa is een plek die ooit bedacht is door de Engelse kolonisator als rehabilitatiecentrum voor kinderen van drie tot achttien jaar. Kinderen die op straat leven, gestolen hebben of moeilijk opvoedbaar zijn, worden hiernaartoe gestuurd om heropgevoed te worden. Later kunnen ze dan weer de maatschappij in, was het idee. Maar toen de Britten in 1962 vertrokken, raakten de gebouwen in verval en had de Oegandese overheid onvoldoende geld om het centrum financieel in stand te houden. Langzaam veranderde het opvoedcentrum volgens hulporganisaties in een uitzichtloze kindergevangenis. Naar kinderrechten werd niet gekeken en de jongeren werden opgesloten in vieze, slecht onderhouden cellen.
Ook de drie vrienden kwamen in zo een cel terecht. De eerste zes weken zaten ze gevangen in een kleine ruimte met nog een aantal kinderen. De situatie was slecht. In de hoek stond een emmertje waar ze in konden poepen en plassen, het dak lekte en er was weinig te eten. Medische zorg kregen ze niet. “Een jongen had wonden en infecties aan zijn been, waardoor het ging rotten. Uiteindelijk is hij in de cel overleden”, vertelt Ivan.
Toen de drie gevangenen de zes weken hadden overleefd, mochten ze zich voegen bij de ongeveer vierhonderd andere kinderen. De opsluiting was een proef die alleen de sterksten overleefden. De wil om te ontsnappen moest hierdoor verdwijnen. Eenmaal uit de cel werd de situatie niet beter. “Bewakers gebruikten ons om hun bokstechnieken te verbeteren en huilen mocht niet”, zegt Samuel. Er waren geen bedden, drinkwater moest onderaan de berg uit een riviertje gehaald worden en eten was schaars. Het beetje eten werd over de grond gegooid, waarna iedereen het eraf at.
Hoop op een betere toekomst zou voor de jongens nooit komen. “Je had niks te verliezen en het beste was gewoon om dood te gaan”, zegt Emmanuel koelbloedig. Maar toch hield het drietal moed. Als echte vrienden bleven ze in de ruim twee jaar gevangenschap volhouden door elkaar te ondersteunen. Op de donderdagen kregen ze weer een beetje hoop als Nathalie kwam. “Af en toe mocht er iemand met haar mee naar haar opvanghuis en dat wilden wij ook”, aldus Ivan. Doordat ze zagen wat Nathalie allemaal bereikte, vonden ze kracht om te blijven leven. Samen met medewerkers van haar organisatie, was Nathalie de enige die de kindergevangenis bezocht. Beetje bij beetje lukte het hen om de omstandigheden te verbeteren.
Nadat Ivan, Emmanuel en Samuel bevrijd werden, is de situatie nog beter geworden. Door contacten te leggen met de directeur en het ministerie heeft Nathalie ervoor gezorgd dat de oorspronkelijke opzet van Kampiringisa weer terug is. Er is nu elke dag genoeg te eten en te drinken, er zijn bedden en de kinderen krijgen zelfs onderwijs. De bedoeling is dat er geen kinderen meer naar het opvangcentrum van Nathalie gaan, omdat de situatie in Kampiringisa steeds beter wordt. “De omstandigheden nu zijn een contrast met een aantal jaar geleden”, vertelt Emmanuel. De vrienden hebben die veranderingen niet meegemaakt, omdat het na hun bevrijding pas werd gerealiseerd. Toch hebben zij in de tussentijd hun leven kunnen opbouwen door te starten met een studie.
Na een moeilijke jeugd dromen de tieners nu van een betere toekomst. Ze hebben grootste plannen. Emmanuel is bezig met een studie om hotelmanager te worden: “Ik hoop mijn eigen hotel te kunnen bouwen.” Samuel is gek van muziek en gelooft dat hij in de toekomst geld gaat verdienen als dj: “Met mijn liedjes over mijn leven wil ik anderen inspireren.” Ook Ivan hoopt mensen te kunnen inspireren met zijn leven. Hij studeert toerisme en hoopt nieuwe culturen te ontdekken. Ivan is bezig met een boek over zijn leven: “Ik wil iedereen ervan overtuigen dat het leven mooi is en de moeite waard is.”