30 juni, 2014 | Auteur: Jolien Scholte | Beeld: Davy de Lepper | Trefwoord: kaapverdie

Eindelijk Creools onderwijs in Kaapverdië

Basisonderwijs volgen in je moedertaal. Het lijkt logisch, maar Kaapverdië zet nu pas de eerste stappen naar Creools onderwijs. Kinderen leren nu in het Portugees, de taal van de oud-kolonisator, omdat Creools lang alleen een gesproken taal was. Maar dat is veranderd: in 1994 kwam er een Creools alfabet en in 2005 werden ook de grammaticaregels door de overheid erkend.

Er is een inhaalslag gaande van het Creools op het Portugees. Een onderdeel daarvan is het pilotproject voor tweetalig basisonderwijs, waar het Ministerie van Onderwijs mee is begonnen. Op twee basisscholen, één in de hoofdstad Praia en één op het platteland, krijgen de leerlingen gedurende een jaar ‘s ochtends Creoolse les van een leraar Creoolse taal en ’s middags Portugese les van een leraar Portugese taal. In de kleine, donkere klaslokaaltjes hangen handgeschreven posters met zowel Portugese als Creoolse woorden.

“Het project loopt nu ruim een half jaar en het gaat erg goed”, vertelt Fernando Jorge. Jorge is leraar op de Ponte D’Agua school in Praia. Omdat de leerlingen ’s ochtends in de ene taal en ’s middags in de andere taal les krijgen raken ze volgens hem niet in de war. Augusto Goncalves Borrein, de leraar Creools op de tweede pilotschool Flamengo in San Miguel, is ook tevreden met hoe zijn leerlingen de taal oppakken. “Er komen bij ons ook geregeld andere basisscholen uit de buurt kijken, omdat ze geïnteresseerd zijn in het project”, vertelt hij trots.

Leren in je moedertaal

Dat er van de pilotscholen één in de hoofdstad en één ver in het binnenland ligt, is geen toeval. “We willen na de pilotperiode kunnen vergelijken hoe de leerlingen in de stad en op het platteland het tweetalige onderwijs oppakken”, zegt staatssecretaris van Onderwijs Margarida Santos. Op beide basisscholen doen de leerlingen het goed, verklaren Borrein en Jorge, maar er is wel degelijk een verschil.

“Hier in het binnenland spreken de meeste kinderen geen Portugees, alleen Creools”, zegt Borrein. “Vooral in de eerste klas was het voorheen voor hen heel moeilijk, omdat ze meteen in het Portugees moesten leren schrijven en het dus eerst ook moesten leren spreken. Nu is dat veel gemakkelijker, ze spreken Creools en leren schrijven in het Creools. Dat is veel logischer. Portugees kunnen ze dan stapsgewijs leren.”

Staatssecretaris Santos vindt het van groot belang dat de jonge generatie Creools leert schrijven: “Het is onze moedertaal, onze emotie zit erin. Nu er regels zijn voor hoe we het schrijven, moeten we dat leren aan de nieuwe generatie.”

Jorge is er erg trots op dat hij de tweetaligheid als één van de eerste twee basisschoolleraren mag proberen. “Het voelt goed om in het Creools les te geven. Als we de kinderen het leren schrijven, raakt dat ingesloten en geaccepteerd in de samenleving. Nu gaat dat nog erg langzaam, omdat we gewend zijn in het Portugees te schrijven. Terwijl er eindelijk geen grenzen meer bestaan voor het gebruik van de Creoolse taal.”

Gebrek aan materiaal

De leraren zijn trots en de leerlingen presteren goed, maar niet alles in de pilot verloopt soepel. Borrein: “Ik heb een tekort aan lesmateriaal in het Creools, waardoor ik veel moet improviseren.” Hij wijst op een banner in het klaslokaal waar hij zelf met stift naast de Portugese woorden, de Creoolse vertaling heeft geschreven. Ook Jorge klaagt erover. “Ik ben uren bezig met het vertalen van lesmateriaal, want ik wil wel goed onderwijs kunnen bieden.”

Santos geeft toe dat dit voor de leraren extra werk is. “Nu is het nog een beetje vrijwilligerswerk voor de leraren. De materialen kunnen we pas gaan maken als we het tweetalig onderwijs landelijk gaan invoeren.” Volgens Jorge is het vooral een kwestie van prioriteiten stellen bij het ministerie. “De overheid wil wel tweetalig onderwijs introduceren op alle basisscholen, maar er is een gebrek aan focus. Ze zouden er meer mensen op moeten zetten, want nu blijft het bij praten.” Hij maakt een handgebaar: “blablabla.”

Santos stelt dat het niet een gebrek aan focus is, maar een gebrek aan geld. “Kaapverdië is geen rijk land, maar alle kinderen gaan wel naar de basisschool. Dat is heel belangrijk, maar het brengt ook uitdagingen met zich mee. Bijvoorbeeld de financiering van Creoolse schoolboeken voor alle 400 basisscholen.”

Het is daarom lang niet zeker dat de overheid na de pilotperiode het tweetalig onderwijs landelijk invoert, ook al was dat vanaf de start van het pilotjaar wel de bedoeling. Borrein en Jorge willen dat het ministerie er meer tijd en mankracht in investeert. Volgens Santos hoeven ze zich geen zorgen te maken, omdat het tweetalige onderwijs er uiteindelijk wel komt. “Misschien volgend jaar.”

Doneren

Door deze investering zorg ik ervoor dat de maker de volgende journalistieke productie realiseert.







Draag bij aan onafhankelijke makers

Onafhankelijke journalistiek begint bij makers die de tijd nemen om te luisteren, onderzoeken en verhalen menselijk te maken. Bij Small Stream Media staan die makers centraal: dichtbij, betrokken en vrij van commerciële druk. Met jouw bijdrage kunnen zij blijven publiceren, verbanden leggen en nieuwe stemmen laten horen. Je helpt eerlijke verhalen boven water te krijgen die anders onzichtbaar blijven. Draag bij aan onafhankelijke makers en bouw mee aan een platform waar kwaliteit, vertrouwen en impact voorop staan voor iedereen die betrokken is.