5 maart, 2012 | Auteur: Vincent Oude Lansink | Beeld: Vincent Oude Lansink

Is de Moldaavse nationale identiteit een Sovjetexperiment?

Voor de master Oost-Europese Studies aan de UvA schreef Vincent Oude Lansink zijn thesis over de Moldaavse nationale identiteit. Hij toetste de nationale identiteit van Moldavië aan de vele literatuur die er over nationalisme en natievorming bestaat. Bij zijn onderzoek stond één vraag centraal: heeft Moldavië een nationale identiteit? Met die vraag wil Vincent vaststellen of Moldavië een levensvatbare natie is.

Na zijn onderzoek kwam Vincent tot de eindconclusie dat er wel degelijk een Moldaavse nationale identiteit bestaat, maar dat die belemmerd wordt door vier factoren: de nauwe band met de Roemenen, de late modernisering, het multi-etnische karakter van Moldavië en de moeizame weg naar staatsvorming na de onafhankelijkheid.

De Moldaviërs

Tot 1812 vormde het gebied dat we vandaag de dag kennen als Moldavië, samen met het Noordwestelijke gedeelte van het huidige Roemenië het prinsdom Moldavië. Dit Noordwestelijke gedeelte van Roemenië staat ook bekend als Moldavië, maar zal verder Roemeens Moldavië worden genoemd. Toen (Oostelijk) Moldavië in 1812 werd geannexeerd door Rusland werden de Moldaviërs en de Roemeense Moldaviërs van elkaar gescheiden. De beide volken hadden nagenoeg dezelfde cultuur, maar door de scheiding ontstond een kloof.

Het prinsdom Moldavië was een vazalstaat van het Ottomaanse rijk van 1538 tot en met 1812. Dit was een tijd waarin etniciteit, natiestaat en nationaliteit volledig onbekende noties waren. Vaak vinden de nationale symbolen van verschillende landen hun oorsprong in deze tijd. Een goed voorbeeld hiervan is de Prins van Moldavië Ştefan cel Mare (1433-1504) wiens beeltenis vandaag de dag nog in heel Moldavië en Roemeens Moldavië te vinden is.

     Ştefan cel Mare, Soroca, Moldavië.

In de negentiende eeuw maakten drie grote multi-etnische rijken de dienst uit in Oost-Europa: het Russische, het Ottomaanse en het Oostenrijk-Hongaarse Rijk. In tegenstelling tot Noordwest-Europa was Oost-Europa een allegaartje van verschillende volkeren met verschillende talen, religies, leefgewoonten en culturen. Daarnaast bleef het achter op gebieden als industrialisatie, urbanisatie en het uniformeren van het onderwijs en bestuur. Deze ontwikkelingen speelden een grote rol bij het vormen van homogene naties.

Moldavië onderging een ‘Russificatie’. De tsaar stuurde vele Russen, maar ook andere etnische groepen naar Bessarabië als kolonisten. In het bestuur, onderwijs, de kerk en het publieke leven in de steden werd vanaf 1812 vrijwel alleen nog Russisch gesproken. Hier ontstond een reactie op. Een kleine groep Moldaviërs, vooral opgeleid in Moskou, riep een onafhankelijke Moldaavse republiek uit. Deze hield echter maar 2 maanden stand. In maart 1918 werd Moldavië weer deel van Roemenië, een land dat als winnaar uit de Eerste Wereldoorlog tevoorschijn kwam en groter werd dan ooit.

In de periode dat Moldavië weer bij Roemenië hoorde, van 1918 tot en met 1940, bleek echter dat in een eeuw tijd de kloof tussen de Roemenen en de Moldaviërs erg groot was geworden. De splitsing van 1812 bleek een definitieve breuk te hebben veroorzaakt, ondanks het feit dat de taal en de cultuur nog steeds veel overeenkomsten vertoonden. Terwijl Moldavië in de negentiende eeuw binnen het Russische rijk bekend kwam te staan als het ’Siberië van het Westen’, omdat het beschouwd werd als een geïsoleerde uithoek, ging de ontwikkeling van de Roemeense natie aan de Moldaviërs voorbij. De verschillende Roemeense regeringen kregen de kans hun bevolking te mobiliseren voor de Roemeense zaak, terwijl de Moldaviërs gedwongen werden om Russisch te spreken als ze iets wilden bereiken. Ná 1918 maakte de Roemeense regering echter de fout Moldavië te behandelen als een kolonie, waardoor de pogingen tot het ‘Roemeniseren’ van de Moldaavse bevolking vaak vruchteloos bleven.

Sovjetnationalisme

Na de Tweede Wereldoorlog werd Moldavië geannexeerd door de Sovjet-Unie en Moldavië en Roemeens Moldavië werden opnieuw van elkaar gescheiden. Door het Molotov-Ribbentrop Pact hoorde Moldavië nu bij de Sovjet-Unie. De Sovjet-Unie was een groot rijk met vele verschillende nationaliteiten. Ondanks het feit dat de Sovjets het nationalisme verafschuwden zagen ze toch de noodzaak om de vele nationaliteiten binnen de Sovjet-Unie een kans te geven hun nationaliteit te uitten en te promoten. Dit ging in tegen de Marxistische literatuur waar ze hun beleid op baseerden, maar ze besloten pragmatisch te werk te gaan in de hoop hun populariteit te vergroten. Door het volk voor het nationalisme te mobiliseren hoopten ze uiteindelijk op overtuiging van het communisme. In de ideale communistische samenleving, het uiteindelijke doel van de Sovjets, zou de loyaliteit aan de natie ondergeschikt zijn aan de loyaliteit aan de arbeidersklasse. Nationalisme zou dan tot het verleden gaan behoren. Uiteindelijk bleek dit beeld een utopie te zijn.

Voor Moldavië, dat in 1944 als nationale deelrepubliek bij de Sovjet-Unie werd ingelijfd, betekende dit alles dat er niet alleen werd begonnen met een geforceerde industrialisatie, urbanisatie en de hervorming van de landbouw, ook werd meteen begonnen met de uitvoer van een uitgekiend nationaliteitenbeleid. Een Moldaavse taal was al uitgevonden en werd verder uitgewerkt, Moldaavse folkloristische dansgroepen doorkruisten de gehele Sovjet-Unie, de geschiedenis werd wederom herschreven en tradities werden (her)uitgevonden. Essentieel was dat de Moldaavse nationale identiteit zoveel als mogelijk moest gaan verschillen van de Roemeense. Roemenië was dan wel een socialistische broederstaat, maar de Roemenen zijn er tot vandaag de dag van overtuigd dat Moldavië eigenlijk bij Roemenië hoort, iets wat de Sovjets beseften.

Obstakels

In 1991 werd Moldavië onafhankelijk. Er heerste een zwakke nationale identiteit, omdat er drie factoren waren die de vorming en ontwikkeling van een identiteit ernstig hinderden. Ten eerste was er sprake van een nauwe band met de Roemenen. De Moldaviërs spraken feitelijk dezelfde taal als de Roemenen en hadden mede door een gedeelde historie ook vele culturele raakvlakken met hen. Tijdens de Sovjetperiode werd er geprobeerd een unieke Moldaavse nationale identiteit te creëren die zoveel mogelijk van de Roemeense afweek. In de Sovjet-Unie en daarbuiten was het nooit erg ongewoon dat er een aparte taal en geschiedenis werden uitgevonden. In het geval van Moldavië moest de geschiedenis zo aangepast worden, dat Moldavië volgens deze een unieke natie was met zijn eigen tradities, symbolen en cultuur.

Naast de nauwe band met de Roemenen, vormde de late modernisering van Moldavië ook een obstakel voor de creatie en verspreiding van een nationale identiteit. Na bestudering van de literatuur over nationalisme en natievorming blijkt dat het ontstaan van natiestaten nauw verbonden is met moderniseringsprocessen. Klassieke auteurs zoals Eric Hobsbawm, Anthony Smith, Benedict Anderson en Ernest Gellner hebben het dan ook veel over modernisering door middel van industrialisatie, urbanisatie en het verspreiden van nationale identiteit via onderwijs en bestuur.

  Ştefan cel Mare, Suceava, Roemenië.

De Sovjets waren de eersten die werk maakten van de modernisering van Moldavië. De republiek werd dankzij het gunstige klimaat echter gezien als een goede moestuin van de Sovjet-Unie. De weinige industrie werd gevestigd aan de oostkant van de rivier de Dnestr. Arbeiders voor de industrie werden uit Rusland en Oekraïne gehaald. De gehele economie van Moldavië stortte dan ook in toen de Sovjet-Unie uit elkaar viel, omdat de enige afzetmarkt van al deze agrarische producten plots wegviel. Door deze agrarische specialisatie was de urbanisatiegraad in Moldavië erg laag.

Een derde obstakel was het multi-etnische karakter van Moldavië. Het Russische rijk en de Sovjets dwongen vele Russen, Oekraïners en andere nationaliteiten naar Moldavië te verhuizen. In 1989 was 65 procent van de bevolking Moldaavs, 13 procent Oekraïens, 13 procent Russisch en nog eens 9 procent had een andere etniciteit of nationaliteit. Het probleem was echter niet zozeer dat er vele verschillende etnische groepen in één land leefden, maar wel dat er in Moldavië een kloof ontstond tussen de meerderheid en de verschillende minderheidsgroepen. Door de intensieve promotie van de Moldaavse nationale identiteit hebben de Moldaviërs hun eigen identiteit ontwikkeld. Echter binnen de gehele Sovjet-Unie was Russisch de ‘lingua franca’. Dit gold ook voor Moldavië. In de industrie, het onderwijs en het bestuur was Russisch de voertaal, terwijl het Moldaavs de taal van de landelijke gebieden was en bleef. Er ontstond in de periode na 1944 een duidelijke scheiding tussen de Russischtalige minderheidsgroepen die over het algemeen geen Moldaavs leerden en de Moldaavse meerderheidsgroep.

Onafhankelijkheid

Toen in de jaren tachtig van de twintigste eeuw een golf van nationalisme door de Sovjet-Unie heenjoeg, werd er ook in Chişinău, de hoofdstad van de (nationale) deelrepubliek Moldavië, massaal gedemonstreerd. Honderdduizenden Moldaviërs kwamen naar de hoofdstad om te laten zien dat zij onafhankelijkheid wilden. Velen wilden af van het communisme, vele anderen van de onderdrukking en nog weer anderen wilden af van de overheersing van de Russen. Maar het eisen van onafhankelijkheid was een factor die al deze Moldaviërs verenigde. Op 27 augustus 1991 werd Moldavië daadwerkelijk onafhankelijk, maar al snel bleek dat er een significant aantal inwoners van de nieuwe republiek het hier niet mee eens was. Veel communisten die hoge functies bekleedden zagen hun loopbaan en toekomst in rook opgaan, maar ook enkele minderheidsgroepen kwamen in opstand.

In de oostelijke regio Transnistrië, bevond zich het merendeel van de industrie en een belangrijk deel van het Rode Leger. De bevolking aldaar bestond voor dertig procent uit Moldaviërs en voor de rest uit Russischtalige groepen als Russen en Oekraïners. Het uitzicht op een Moldaavse republiek, waarin de Transnistriërs als minderheid zouden worden gemarginaliseerd was voor hen een reden om een eigen strijd voor zelfbeschikking te beginnen. In eerste instantie wilden de Transnistriërs ervoor strijden deel uit te blijven maken van de Sovjet-Unie, maar toen deze ophield te bestaan, werd de onafhankelijke republiek Transnistrië uitgeroepen. Dit resulteerde uiteindelijk in een korte burgeroorlog in 1992 waarin de regering in Chişinău er niet in slaagde de regio te heroveren. Ook in het zuiden van Moldavië, lukte het de Gagaoezen, een kleine minderheid die ongeveer 3,5 procent van de bevolking uitmaakt, zich voor korte tijd af te scheiden.

Er blijkt nog een vierde factor te zijn die een nationale identiteit in de weg staat: de weg naar staatsvorming vanaf een onafhankelijk Moldavië is er voorlopig één met veel obstakels. Boven alles controleert de republiek een groot deel van zijn eigen territorium niet. Dit geldt voor Transnistrië, dat met de steun van het Kremlin een eigen staat op heeft gebouwd, en in mindere mate voor de regio Gagaoezië, waar Chişinău nog steeds weinig te vertellen heeft. Daarnaast faalde de economische transitie grotendeels en is er geen stabiele politieke kaste op het toneel verschenen. Dit laatste geldt natuurlijk voor vele Oost-Europese landen en voormalig Sovjetrepublieken, maar in Moldavië is er, in tegenstelling tot in deze landen, nog geen zicht op verbetering; niet voor niets werkt tegenwoordig plusminus 25 procent van de beroepsbevolking buiten Moldavië. Symbolisch is het feit dat vele Moldaavs sprekende Moldaviërs naar landen als Italië en Spanje gaan, waar talen worden gesproken die nauw verwant zijn aan het Moldaavs/Roemeens. De minderheden en stedelijke Moldaviërs, die vooral Russisch spreken, wijken uit naar de Oekraïne en Rusland. Zelfs buiten Moldavië blijven de vele scheidslijnen binnen de natie overeind.

Doneren

Door deze investering zorg ik ervoor dat de maker de volgende journalistieke productie realiseert.







Draag bij aan onafhankelijke makers

Onafhankelijke journalistiek begint bij makers die de tijd nemen om te luisteren, onderzoeken en verhalen menselijk te maken. Bij Small Stream Media staan die makers centraal: dichtbij, betrokken en vrij van commerciële druk. Met jouw bijdrage kunnen zij blijven publiceren, verbanden leggen en nieuwe stemmen laten horen. Je helpt eerlijke verhalen boven water te krijgen die anders onzichtbaar blijven. Draag bij aan onafhankelijke makers en bouw mee aan een platform waar kwaliteit, vertrouwen en impact voorop staan voor iedereen die betrokken is.