24 februari, 2009 | Auteur: Dorèndel Overmars | Beeld: Alex Wolf | Trefwoord: roemenie

'Ik wilde alleen maar een goed leven voor mijn zoon'

Zeshonderd euro heeft hij over, na anderhalf jaar van ellende in Nederland, om terug te keren naar Roemenië. “Ik wilde alleen maar een goed leven voor mijn zoon Jonut”, legt Joam Barabas de reden waarom hij in Nederland wilde wonen, werken en leven uit.

Het grootste deel van dit geld moet hij gebruiken om met zijn vrouw en twee kinderen terug te reizen naar het land dat hij achter zich liet omdat de economie er grillig is, de scholing miserabel en de armoede groot.
Barabas werkte vanaf zijn dertiende op het land; lichamelijk zwaar werk voor een kind. Lange dagen maakte hij om samen met zijn ouders en zes broers te kunnen overleven. “We leefden in armoede, dat wil ik niet voor mijn zoon. Ik wil dat hij wel kan leren”, vertelt Barabas die, terwijl er voor Roemenen geen gratis taalcursussen zijn, redelijk Nederlands spreekt. Al het werk wil hij doen als hij zijn gezin maar kan onderhouden. Werk vinden lukt niet, evenals huisvesting, daarom gaat hij terug naar Roemenië. De toekomst die hij voor zijn zoon in gedachten had valt hiermee in duigen.

De familie Barabas kwam in september 2007 naar Nederland. Roemenië trad op 1 januari 2007 toe tot de Europese Unie waardoor het gezin in principe recht had om te verblijven in Nederland, maar er was nog geen volledige vrije toegang tot de arbeidsmarkt. Deze beperking zou per 1 januari 2009 worden opgeheven. In november 2008 besloot de regering echter dat de gesloten arbeidsregeling langer van kracht moet blijven. In combinatie met een dreigende uitzetting uit hun illegaal verkregen huurwoning de bottelnek voor dit gezin.

Teleurgesteld gaan ze terug naar Roemenië. Terug naar een plaats waar ze samen met zestig andere gezinnen één koudwaterkraan moeten delen. “Als ik heel hard werk kan ik in Roemenië tweehonderd euro per maand verdienen. Maar een brood kost daar € 1,10. Hier kan ik appels en bananen voor mijn kinderen kopen, dat is daar geen optie”, zegt Barabas met een verslagen blik in zijn ogen.

De familie vond bij aankomst in Nederland woonruimte op een camping en Barabas vond een baantje als reclamepostbezorger. Voor 410 euro per maand verbleef het gezin in een slecht onderhouden caravan. Ze hadden geen warm water en het dak lekte boven het bed. Ramona Barabas was indertijd zwanger van hun tweede zoon Darius en ze hadden moeite om de eindjes aan elkaar te knopen.

In februari 2008 deelde de campingbaas mee dat het terrein zou worden opgeknapt en weer in gebruik worden genomen als ‘echte’ camping. De familie moest de schamele caravan verlaten. Barabas zag in de Lidl een briefje van iemand die een woning aanbood in Utrecht. Voor zeshonderd euro per maand kon hij een flat aan de Maria van Hongarijedreef huren. De verhuurder, genaamd Mustafa Ali Basha toonde de Roemeen een contract, inde 700 euro borg en overhandigde de sleutel.

De familie trok in september 2008 zielsgelukkig in de flat. Zoon Jonut was inmiddels zeven jaar en mocht naar Taalschool Het Mozaïek. Deze school verzorgt onderwijs aan kinderen van vier tot veertien jaar die niet of onvoldoende de Nederlandse taal spreken.

Werk vinden voor langere tijd bleek lastig. Barabas had een aantal tijdelijke contracten bij Select Mail en werkte korte tijd als elektricien. De vaardigheden hiervoor had hij in Roemenië in de praktijk geleerd. Omdat hij geen officiële papieren had werd hiervoor geen werkvergunning verstrekt en moest de werkgever hem weer ontslaan. Daarna werkte hij af toe ‘zwart’ als simlock-verwijderaar bij een telefoonzaak. Geen prettige manier van werken, maar dit probleem zou per januari 2009 opgelost zijn.

Toen Barabas naar de gemeente ging om zich in te schrijven als officiële inwoner van Utrecht kwam hij erachter dat er één en ander niet klopte. De woning die hij huurde bleek niet van Ali Basha te zijn, maar van woningcorporatie Mitras. Die wilde de woning verhuren aan de SSH, een corporatie voor studentenhuisvesting.

Mitras sommeerde de familie middels verschillende brieven om het huis te verlaten. Na tussenkomst van de SP en een plaatselijke wethouder mocht het gezin met de feestdagen blijven zitten. Eind januari was er weer een gesprek met de corporatie. Daarin werd de familie onomwonden meegedeeld dat ze eind februari het huis uit moesten zijn en dat dit anders zou worden ontruimd. Hierbij werd ook meegedeeld dat Nederland wel verantwoordelijkheid neemt voor de kinderen en dat die dan wellicht in pleeggezinnen terecht zouden komen.

Om dit te voorkomen gaat het gezin nu terug naar Roemenië. “Ik ben bang dat het niet zal lukken om daar werk te vinden, althans niet iets waarmee ik genoeg kan verdienen om mijn gezin te onderhouden. Waarschijnlijk kom ik dan alleen terug naar Nederland. Ga ik bij vrienden slapen en probeer ik zwart wat te verdienen. Dat levert meer op dan fulltime werken in Roemenië”, zegt Barabas.

In 2012 moeten alle landen de beperkingen op werkvergunning opheffen van de Europese Unie. Dan kan Barabas dus zijn gezin ook weer naar Nederland halen. Jonut is dan elf jaar oud en zal veel meer moeite hebben om de taal te leren en zich te ontwikkelen in de Nederlandse maatschappij.

Door de gedeeltelijk gesloten grenzen voor Roemenen en Bulgaren kan de Nederlandse economie nog sterker krimpen. “Iemand uit de IT-sector gaat niet ineens tomaten plukken”, zegt Piet Emmer, hoogleraar migratie aan de universiteit van Leiden. Meer lezen? Klik hier voor het achtergrondartikel.

Doneren

Door deze investering zorg ik ervoor dat de maker de volgende journalistieke productie realiseert.







Draag bij aan onafhankelijke makers

Onafhankelijke journalistiek begint bij makers die de tijd nemen om te luisteren, onderzoeken en verhalen menselijk te maken. Bij Small Stream Media staan die makers centraal: dichtbij, betrokken en vrij van commerciële druk. Met jouw bijdrage kunnen zij blijven publiceren, verbanden leggen en nieuwe stemmen laten horen. Je helpt eerlijke verhalen boven water te krijgen die anders onzichtbaar blijven. Draag bij aan onafhankelijke makers en bouw mee aan een platform waar kwaliteit, vertrouwen en impact voorop staan voor iedereen die betrokken is.