20 mei, 2015 | Auteur: Jennifer Groeneveld | Beeld: Geesje van Haren | Trefwoord: nederland
Antikraak wonen vol uitdaging en onzekerheid
Goedkoop wonen, maar de kans dat je vaak moet verhuizen. Antikraak wonen was ooit begonnen om kraken tegen te gaan, maar tegenwoordig dient het ook als oplossing voor leegstand van vele panden. En natuurlijk zijn de lage huurprijzen aantrekkelijk, vooral voor studenten.
Antikraak is in het begin van de jaren tachtig als reactie op de kraakbeweging ontstaan. Ondanks dat verschillende panden het afgelopen jaar nog zijn gekraakt, is deze motivatie voor antikraak tegenwoordig minder aan de orde. Gemeenten houden wel rekening met de mogelijkheid dat hun pand gekraakt kan worden, maar er zijn meer redenen om een leegstaand pand om te toveren tot woonruimte. Met een leegstaand pand is er bijvoorbeeld ook kans op vandalisme. Met ingegooide ramen en bekladde muren is het pand al snel minder waard en minder aantrekkelijk voor een koper.
Veel studenten in Utrecht maken gebruik van antikraakwoningen. Waar zij wonen is heel verschillend, van een grote woning, een boerderij, een ziekenhuis tot een kantoorpand. Nick woont in zo’n leegstaand kantoorpand vlak naast het station van Utrecht. “Vanuit de opdrachtgever is veel onduidelijkheid naar de leegstandbeheerder over wanneer en wat er zal gebeuren met dit pand”, vertelt hij. Maar volgens de student zal het pand uiteindelijk wel gesloopt worden.
Linda woont ook antikraak samen met een goede vriendin, maar zij krijgen vooral eengezinswoningen aangeboden door hun leegstandbeheerder. “Momenteel zitten wij twee maanden in dit huis, helaas moeten we zaterdag alweer verhuizen naar een andere woning”, vertelt de studente. Volgens haar moet je voor de mogelijke snelle wisseling van huizen wel de middelen en contacten hebben.
De beheerders
Momenteel beheren verschillende antikraakorganisaties ongeveer 6500 panden in Nederland. Dit concludeerde Minister Blok voor Wonen en Rijksdienst in zijn rapportage met informatie van de leegstandbeheerders in mei 2014. In zijn rapportage staat dat in de panden ongeveer twaalfduizend bewoners zitten. Op dit moment heeft de Rijksoverheid zelf 162 panden bewoonbaar gemaakt met tussenkomst van leegstandbeheerders. Blok geeft “ter voorkoming van kraken” als reden in zijn rapportage.
Leegstandbeheerders Camelot en Interveste benaderen actief opdrachtgevers voor het beheren van leegstaande woningen en kantoorpanden. “Gemeenten en woningcorporaties behoren onder andere tot de opdrachtgevers voor ons”, vertelt Natalie Aubel van leegstandbeheerder Camelot. Volgens haar gaat de organisatie in gesprek met opdrachtgevers over hun wensen en de mogelijkheden. Hierover worden ter plekke in een contract afspraken gemaakt. “Eén voorwaarde voor het contract met de opdrachtgever is voor ons dat het pand minimaal drie maanden beheerd kan worden”, legt Aubel uit.
Bij Interveste stelt als minimum dat bruikleners, zoals zij antikraak huurders noemen, minimaal één maand het pand kunnen beheren. Als het om tijdelijke huur gaat, is dit zes maanden: “In het contract met de opdrachtgever staat, zoals afgesproken in de Leegstandwet, dat er minimaal zes maanden gehuurd kan worden als het om tijdelijke huur gaat”, aldus Maarten de Gans van Interveste. Hierin zit volgens hem een belangrijk verschil tussen tijdelijke huur en bruikleenovereenkomsten, zoals bij antikraak geldt. Het minimaal aantal maanden om een pand te beheren verschilt dus per antikraak organisatie.
Flexibel wonen
In het kantoorpand waar Nick woont, waren eerst verschillende bedrijven gehuisvest, verspreid over zeven verdiepingen. Maar met de nieuwe inrichting van het stationsgebied vertrokken de bedrijven naar nieuwe kantoorpanden in de buurt. Zo kwam het pand leeg te staan. Ruim anderhalf jaar geleden heeft een antikraakorganisatie het voor onbepaalde tijd in bruikleen gegeven aan Nick en twee andere bewoners. Alleen de begane grond en de eerste verdieping zijn bewoonbaar gesteld.
Nick laat het antikraakpand zien. “De beneden deur is wel dicht en op slot”, laat Nick zien. De voordeur zijn schuifdeuren die aan de binnenkant met houten balken dichtgehouden worden. Om de hoek van de schuifdeuren staat een losse douchecabine waar de huurders zelf een gordijn voor hebben gemaakt. “Er zijn iets van tien voordeursleutels, dus als andere mensen naar binnen zouden willen komen was dat al gebeurd”, vertelt Nick. De voordeur zit aan de zijkant aan de voorkant van het gebouw. Deze nooddeur is vlakbij de liften van het gebouw. De beheerder van het pand kan ieder moment naar binnen stappen volgens de student. “Bij hevige regenbuien staat er soms ook opeens een man in de kelder die dan het binnengelopen water weg moet pompen”, legt hij uit.
Antikraak wonen heeft volgens Nick verschillende voordelen. De vijfentwintigjarige student heeft tweehonderd vierkante meter voor zichzelf. Een keuken, woonkamer, tussenkamer en slaapkamer heeft hij voor zichzelf bewoonbaar gemaakt. Want het kantoorpand moet er vanaf de straat ook bewoonbaar uitzien. Voor Linda is de motivatie om voor antikraak te kiezen vooral de goedkope huur. “Vanwege het geld woon ik in antikraakpanden, want je betaalt veel minder huur dan gewoonlijk in Utrecht voor een heel huis”, concludeert zij.
Een nadeel van antikraak wonen is volgens Nick wel dat je flexibel moet zijn. Zo is in november 2014 de verwarming afgesloten in het gehele kantoorpand. De temperatuur in de woonkamer is zeven graden. Onlangs heeft Nick zijn slaapkamer verplaatst naar de kleinere kamer aan de achterzijde van het pand. Met heathers probeert hij het hier nu warm te houden om de winter door te komen. “Je moet wel flexibel zijn, want je moet er wel tegen kunnen, een winter zonder kachel, zoals nu”, vindt de student. Ook moet je het antikraak wonen volgens hem als een uitdaging zien.
Linda vindt ook, net als Nick, dat een antikraakhuurder flexibel moet zijn om op die manier te wonen. De onzekerheid hoe lang je in een woning kan blijven is volgens haar wel het grootste nadeel. De hoeveelheid bezichtigingen dragen hieraan bij, vindt zij. “In de eengezinswoningen waar ik heb gewoond waren vaak bezichtigingen.” Het huis moet volgens Linda altijd netjes zijn en niemand mag thuis zijn tijdens de bezichtiging. Daarbij vertelt zij: “Als het huis wordt verkocht moet je er binnen twee weken uit zijn.” Ondertussen zoekt de leegstandbeheerder wel naar een nieuwe woning.