15 juli, 2009 | Auteur: Laura Metiary | Beeld: Sonia Bicker | Trefwoord: nederland
Positieve ontwikkelingen ondanks toename borstkanker
Sylvia Millecam, Sylvie van der Vaart, Kylie Minogue. Zomaar drie bekende vrouwen die allemaal de strijd aan hebben moeten gaan met de ziekte borstkanker. Borstkanker is de meest voorkomende vorm van kanker onder vrouwen. Volgens de cijfers van KWF Kankerbestrijding wordt de ziekte jaarlijks bij 12.000 vrouwen in ons land vastgesteld.
Wereldwijd sterven er jaarlijks 7,9 miljoen mensen aan kanker. Eén op de acht Nederlandse vrouwen krijgt in haar leven te maken met borstkanker. De ziekte hoeft tegenwoordig niet meer tot de dood te leiden. Het onderzoek naar de ziekte vordert met grote stappen. Afhankelijk van het stadium overleeft ongeveer zeventig procent van de patiënten de tumor.
Het wetenschappelijk onderzoek naar borstkanker wordt sterk bevorderd door de verscheidene goede doelen die ons land telt. Pink Ribbon is één van de vele organisaties die zich inzet om het onderzoek naar borstkanker te financieren. Ook speelt het KWF Kankerfonds een belangrijke rol. KWF Kankerfonds ondersteunt patiënten, subsidieert onderzoek en geeft voorlichting. Op de website van de organisatie is te lezen dat er al vijf jaar op rij in de maand oktober door verschillende bedrijven campagne wordt gevoerd, waaronder HEMA, Hallmark, Hunkemöller, Didi en ICI Paris XL.
Wereldwijd boekt de wetenschap veel vooruitgang. In januari van dit jaar werd er aan de Universiteit van Sheffield een nieuw vaccin tegen borstkanker ontdekt. Een maand later werd bekend dat er in de Verenigde Staten een nieuwe borstkankertest was ontwikkeld (DyNeMo). En in maart ontving het Universitair Medisch Centrum Groningen 15 miljoen euro voor borstkankeronderzoek waarmee zij denken binnen vijf jaar nieuwe methoden te kunnen ontwikkelen.
In Nederland krijgen vrouwen tussen de 50 en 75 jaar iedere twee jaar een oproep om hun borsten te laten screenen. Tijdens het Bevolkingsonderzoek Borstkanker worden er röntgenfoto’s gemaakt (mammografie). Dit bevolkingsonderzoek zorgt ervoor dat er met regelmaat controle plaatsvindt en de ziekte dus in een vroeg stadium kan worden ontdekt. Hierdoor kan behandeling eerder plaatsvinden en neemt het aantal sterfgevallen af.
Borstkanker kan op verschillende manieren worden behandeld. Deze is afhankelijk van de leeftijd van de patiënt, de kenmerken van de tumor en het stadium van de ziekte. Daarbij zijn de wensen van de patiënt van groot belang. Zo kan gekozen worden voor een operatie, bestraling, chemotherapie, hormonale therapie of behandeling met monoklonale lichamen. Vaak wordt gekozen voor een combinatie van de diverse methoden.
Deelname aan het borstkankeronderzoek is geheel vrijwillig. Daarnaast kunnen vrouwen (en mannen) ten allen tijde naar de huisarts gaan als zij een verandering in de borst opmerken. Wanneer de huisarts er niet gerust op is, kan de desbetreffende patiënt worden doorverwezen naar de röntgenafdeling van het ziekenhuis of de mammapoli. De beoordeling van de huisarts is hiervoor doorslaggevend: Wanneer die zich enigszins zorgen maakt, wordt de patiënt doorgestuurd naar de afdeling mammapoli en wanneer de huisarts enkel twijfelt, wordt de patiënt doorverwezen naar de röntgenafdeling.
Mammapoli
Het verschil tussen de röntgenafdeling en de mammapoli is dat er op de foto’s van de röntgenafdeling ongeveer twee weken gewacht moet worden. Deze wachttijd is sterk verbeterd door de komst van de mammapoli. Zo ook in ziekenhuis Rivierenland, dat al sinds tien een mammapoli heeft. Sinds twee jaar zijn Tineke Deckers en Annelies Epping werkzaam op de afdeling chirurgie als nurse practitioners, vanaf september 2009 is ‘verpleegkundig specialist’ hun officiële titel. Vooral Deckers houdt zich bezig met de ‘mamma-afdeling’, ofwel met borstkanker.
Deckers en Epping bevestigen dat het aantal gevallen van borstkanker de laatste jaren is toegenomen. “Een paar jaar geleden had één op de tien vrouwen kans op de ziekte. Nu is die kans al één op acht”. Wel zijn de verpleegkundig specialisten positief gestemd. Zo’n zeventig procent van de patiënten overleeft de aandoening tegenwoordig.
Hun functie betekent een vooruitgang voor de behandeling van borstkanker. “Alles gaat nu sneller. Vroeger moest een vrouw bij wie borstkanker was geconstateerd zeker een week wachten op een ziekenhuisafspraak. Nu komt de patiënt direct bij ons terecht. De huisarts meldt de patiënt aan. Binnen twee dagen wordt de patiënt ontvangen. De onderzoeken die nodig zijn worden in principe dezelfde dag gedaan. De voorlopige uitslag is op diezelfde dag bekend. Binnen drie dagen kan de patiënt weer terecht om te praten over de behandeling. Vervolgens kan een eventuele operatie binnen een á twee weken plaatsvinden, maar dat hangt natuurlijk vooral af van de wens van de patiënt.”
De verpleegkundig specialisten nemen veel werk uit handen van de toch al drukke chirurgen. “Vroeger deden de chirurgen het vraaggesprek met de patiënt, het complete lichamelijke onderzoek en natuurlijk de operatie. Nu zijn er twee, drie vaste chirurgen die alle patiënten kennen. Wij doen het gesprek en regelen de onderzoeken, de chirurg hoeft enkel voor lichamelijk onderzoek langs te komen.” Decker en Epping zijn betrokken bij het complete proces. Het enige dat zij niet doen, is het mes hanteren. “Wij doen de hormoonbehandeling bij vrouwen in de overgang grotendeels alleen. Daar komt geen chirurg meer bij kijken. Hierdoor hebben zij meer tijd voor andere handelingen. Maar de chirurg blijft altijd de eindverantwoordelijke.”
Naast de behandeling, zijn Decker en Epping ook bekend met de ontwikkelingen in de wetenschap. “Maar wij zijn geen ziekenhuis dat experimenteel onderzoek doet”, legt Epping uit. “Alleen wanneer het onderzoek in de derde fase is beland, gaan wij het uitvoeren. Dit betekent dat de methode of het medicijn al op dieren en personen is getest. Voordat een patiënt aan een nieuwe methode wordt blootgesteld, gaat er eerst een heel protocol aan vooraf. Het wordt voorgelegd aan de patiënt, de patiënt krijgt de tijd om erover na te denken en uiteindelijk moet er getekend worden door beide partijen. Bij ons gebeurt dit bijvoorbeeld bij hormoonbehandeling: Steeds wordt er gekeken hoe lang een bepaalde dosis effectief is.”
Verlaging van de leeftijdgrens bij het bevolkingsonderzoek zal volgens de verpleegkundig specialisten geen verbetering vormen voor de behandeling. Bij ongeveer driekwart van de vrouwen wordt borstkanker geconstateerd als zij vijftig jaar of ouder zijn. Bij vrouwen onder de dertig komt borstkanker weinig voor. Dit heeft echter, in tegenstelling tot wat veel mensen denken, niets te maken met het feit dat borstkanker voornamelijk erfelijk bepaald zou zijn. Dat is namelijk niet zo. “Slechts tien procent van de gevallen is duidelijk erfelijk bepaald. Daarvan is maar drie procent met een gen aan te tonen. Pas vanaf ongeveer het 45ste levensjaar zijn de foto’s duidelijk genoeg voor een goede beoordeling. Bij jonge vrouwen is naast een mammografie ook vaak een MRI van de borst nodig om te kunnen bepalen welke behandeling nodig is."
Mentale (na)zorg
De meest belangrijke meerwaarde van de mammapoli lijkt toch wel de mentale zorg die zij de patiënten biedt. “We hebben meer tijd om ons met de patiënten bezig te houden”, legt Deckers uit. Op dit moment werken er in het ziekenhuis Rivierenland vier verpleegkundig specialisten in de oncologische zorg, waaronder Tineke Deckers en Annelies Epping. Beiden weten precies van elkaar wat ze kunnen verwachten en werken als een eenheid samen. “De patiënten krijgen met ons beiden te maken. Het is van belang dat de neuzen dezelfde kant op staan. Tineke werkt op precies dezelfde manier als ik. Als zij straks op vakantie gaat, staat de patiënt niet ineens raar te kijken omdat er een grote verandering plaatsvindt.”
Patiënten hebben constant te maken met Deckers en Epping. Zij voeren het gesprek, regelen de onderzoeken en zorgen voor de nazorg. Geestelijk moet dit rust opleveren bij de getroffen mannen en vrouwen. De patiënten worden regelmatig ingelicht over de procedure en zij kunnen ten alle tijden met vragen komen. Deckers legt uit: “Doordat wij bij elke stap in het proces aanwezig zijn, zijn wij als het ware de sociale kaart voor de patiënt. We hebben niet voor niets een Topzorgpredicaat van de zorgverzekeraar. In vergelijking met tien jaar geleden is er veel positief veranderd op het gebied van borstkanker, maar sinds de komst van de mammapoli en de verpleegkundig specialisten, is de zorg met sprongen vooruit gegaan.”
Na de behandeling maken de verpleegkundig specialisten de getroffen mannen en vrouwen bewust van het revalidatieprogramma ‘Herstel en Balans’. Dit programma helpt de situatie te accepteren en te leren leven met bijvoorbeeld een verwijderde borst, een borstprothese of met de tumor. Belangrijk is het contact met lotgenoten. Zo wordt er vanaf 1 september vanuit de Borstkanker Vereniging Nederland in ziekenhuis Rivierenland voorlichting gegeven over het aanschaffen en het dragen van een borstprothese. Dragers van borstprothesen informeren de patiënten en delen hun eigen ervaring. Leven met kanker of leven na een borstamputatie is niet makkelijk. Soms heeft een vrouw deskundige hulp nodig, op andere momenten thuiszorg. Maar alleen hoeft zij het niet te doen.
Meer weten? Zie: www.kwfkankerbestrijding.nl
Contact met lotgenoten kan fijn zijn. Voor meer informatie of een afspraak kan gebeld worden met de polikliniek chirurgie ziekenhuis Rivierenland; tel. 0344 674041 of kunt u terecht bij uw plaatselijke ziekenhuis.