2 januari, 2012 | Auteur: Vincent Oude Lansink | Beeld: Geesje van Haren | Trefwoord: macedonie
Komt Macedonië/Skopje of FYROM in de NAVO?
Op 5 december 2011 deed het Internationaal Gerechtshof een uitspraak in het conflict over de Macedonische naamkwestie. De Grieken zijn het niet eens met de naam van de voormalige deelrepubliek van Joegoslavië, maar dit mag volgens de uitspraak geen reden zijn voor Griekenland om de toetreding van Macedonië tot de NAVO te blokkeren. Een overzicht van een conflict waarin twee publieke opinies lijnrecht tegenover elkaar staan.
In het kort komt de naamkwestie erop neer dat Griekenland claimt dat de naam Macedonië tot het Grieks historisch erfgoed behoort. Toen Macedonië in 1991 onafhankelijk werd onder de officiële naam ‘Republiek Macedonië’, stuitte dit meteen op weerstand bij de Grieken, die dit zagen als een teken dat Macedonië aanspraak zou willen maken op Grieks Macedonië. De Grieken noemen het land Skopje of gebruiken FYROM (‘Former Yugoslavian Republic of Macedonia), de naam waaronder Macedonië lid werd van de VN in 1993. In dit artikel wordt ‘Macedonië’ gebruikt, omdat dit de naam is waaronder de meeste mensen in Nederland de kleine republiek kennen. Dit wordt hier expliciet vermeld, omdat deze keuze niet opgevat dient te worden als een politiek standpunt.
De kwestie is voor buitenstaanders vaak moeilijk te begrijpen. Dit komt, doordat er twee groepen tegenover elkaar staan met twee verschillende waarheden. De politici die deze groepen kiezen en ook vertegenwoordigen, verkeren in een wisselwerking met de publieke opinie van hun electoraat. Zij kunnen zich gesteund voelen door die publieke opinie, maar deze kan hen ook afstraffen. De Macedonische naamkwestie is verworden tot een verschil in interpretatie van de geschiedenis, waarbij elke interpretatie van de ene of andere kant kan worden bestempeld als onjuist.
De kwestie
In het begin van de twintigste eeuw was Zuidoost-Europa een multi-etnische smeltkroes die nog grotendeels werd geregeerd door de Ottomanen. Hun heerschappij stond onder grote druk door de opkomst van het nationalisme en de natiestaat. Griekenland was in 1829 al onafhankelijk geworden en maakte net als Bulgarije en Servië aanspraak op de historische regio Macedonië. Alle drie de landen verkregen uiteindelijk delen van de regio die ongeveer driemaal zo groot was als het huidige Macedonië. Zo zijn er nu in Griekenland drie regio’s die respectievelijk West-, Centraal- en Oost-Macedonië heetten. Mede door de druk van de drie regionale grootmachten ontstond er in het gebied wat we vandaag de dag in Nederland kennen als Macedonië, een nationalistische beweging. In de twee Balkanoorlogen die plaatsvonden in 1912 en 1913 en de Eerste Wereldoorlog die erop volgde, vochten Servië, Bulgarije en Griekenland onder andere om het Macedonische territorium. Servië won deze strijd en Macedonië, min of meer in de huidige vorm, werd een deel van Joegoslavië. Nog steeds zijn de Macedoniërs de Joegoslavische leider Tito dankbaar voor het feit dat hij hen in 1946 een nationale republiek gaf.
Griekenland is een land dat cultureel aan Zuidoost-Europa verwant is, maar dat politiek en economisch gezien de afgelopen 65 jaar een andere koers heeft gevaren. Griekenland kwam na de oorlog in de invloedsfeer van het Westen in tegenstelling tot de rest van Oost-Europa dat achter het IJzeren Gordijn verdween. Een woelige periode volgde met een burgeroorlog, een militaire junta en verschillende staatsgrepen. Toen Griekenland in 1981 in de Europese Gemeenschap werd opgenomen, werd dit als een beloning gezien voor de democratisering en stabilisering van de politiek. Dit proces ging met vallen en opstaan, maar uiteindelijk zorgde het voor een stijgende welvaart, terwijl de andere landen in Zuidoost Europa communistisch en arm bleven.
Macedonië was de armste republiek van Joegoslavië, dat in het begin van de jaren negentig op gewelddadige manier uit elkaar viel. In 1991 verklaarde Macedonië zich onafhankelijk, om aan het geweld te ontsnappen. De nieuwe staat koos de naam ‘Republiek Macedonië’. De Grieken vonden het geen probleem dat Tito de Socialistische deelrepubliek Macedonië creëerde, maar een land met de naam Macedonië ging ze te ver. Volgens de Macedoniërs zijn zij altijd al Macedoniërs geweest en is de naam dus logisch, volgens de Grieken is er sprake van identiteitsdiefstal. Behalve diplomatieke druk en het tonen van de militaire spierballen, ging Griekenland ook over tot het instellen van een economische blokkade in 1994, iets wat op dat moment een ramp was voor Macedonië, dat door het uiteenvallen van Joegoslavië en de oorlog zijn hele economie in elkaar zag storten.
De naamkwestie gaat er dus om dat Griekenland erop staat dat Macedonië zijn naam verandert, omdat de Grieken denken dat Macedonië zijn oog heeft laten vallen op de drie noordelijke regio’s en hun hoofd- en havenstad Thessaloniki. In 1993 trad Macedonië toe tot de Verenigde Naties als FYROM. Dit laatste was wel acceptabel voor Griekenland, maar na 1993 niet meer voor de Macedoniërs. Toen Macedonië in 2008 wilde toetreden tot de NAVO onder zijn officiële naam, sprak Griekenland een veto uit tegen toetreding. Tot vandaag de dag zijn er onderhandelingen gevoerd over de kwestie, zonder resultaat.
Macedonië vocht het veto van Griekenland zelfs aan bij het Internationaal Gerechtshof met de uitspraak van 5 december als resultaat. Macedonië en Griekenland hebben namelijk ooit een akkoord gesloten om de economische blokkade uit 1994 te beëindigen. In dit akkoord staat volgens de rechters echter geschreven dat Griekenland Macedonië niet de toegang tot internationale organisaties mag weigeren. Griekenland bestrijdt deze interpretatie van het akkoord.
Zolang de naamkwestie voortduurt, kan Macedonië niet worden toegelaten tot de NAVO en de EU, iets wat het land heel graag wil. Dit is echter geen reden voor de Macedonische regering om toe te geven en als FYROM de NAVO binnen te treden. De laatste jaren is de Macedonische regering nog halsstarriger geworden. Al vanaf het begin van de Macedonische natiestaat wordt gebruik gemaakt van nationale symbolen die de Grieken als hun eigendom beschouwen, bijvoorbeeld Alexander de Grote. Sinds 2006 heet het nationale vliegveld van Macedonië in Skopje naar Alexander de Grote en op dit moment wordt er in het centrum van Skopje een 23 meter hoog beeld gebouwd van een ruiter die verdacht veel op Alexander de Grote lijkt.
De regering heeft veelal de steun van de meerderheid van de publieke opinie, al is er in Macedonië een belangrijke complicerende factor. Zoals Raymond Detrez, auteur van het boek ‘Macedonië; land in de wachtkamer’ en Balkankenner opmerkt, is er in Macedonië een Albanese minderheid van ongeveer 25 procent van de bevolking die om dit alles niets geeft. In 2001 brak er een korte burgeroorlog tussen het Macedonische regeringsleger en Albanese rebellen uit en tot vandaag de dag zijn er spanningen tussen de Albanese minderheid en de regering. Niet voor niets uitte de raad van Europa twee weken geleden nog forse kritiek op het gebrek aan tolerantie tegenover minderheden van de Macedonische regering, iets wat koren op de molen van de Grieken is. Tot nu toe zijn er nog geen Macedonische politici opgestaan die de naam FYROM willen accepteren om zo maar toegelaten te worden tot de NAVO, terwijl de Albanese politici niets liever willen. De huidige Macedonische premier Gruevski is echter altijd duidelijk geweest in zijn standpunt: Macedonië moet en zal Macedonië heten.
Aan de andere kant van de grens in Griekenland is de publieke opinie eensgezind. Bruno Tersago is verslaggever voor de VRT en de Standaard en woont al 12 jaar in Griekenland. Hij meent dat de publieke opinie in Griekenland altijd tegen de naam Macedonië zal zijn. De Grieken zien Macedonië als een onlosmakelijk deel van Griekenland en zien het gebruik van Alexander de Grote en andere Griekse nationale symbolen als provocatie van een nationalistische regering die uit is op expansie. Volgens Bruno Tersago is het ook niet handig voor politici om tegen de publieke opinie in te gaan: “In 1991 zei toenmalig premier Mitsotakis dat die hele naamkwestie binnen een paar jaar wel vergeten zou zijn en dat ze zich in FYROM mochten noemen wat ze wilden.” De regering van Mitsotakis kwam mede hierdoor uiteindelijk ten val en zijn politieke carrière was over.
Op het moment heeft Griekenland uiteraard belangrijkere zaken aan zijn hoofd, toch is de uitspraak van 5 december niet ongemerkt voorbij gegaan. De extreemrechtse L.A.O.S. partij had aangekondigd uit de regering te stappen als het Internationaal Gerechtshof zich in het voordeel van Macedonië zou uitspreken. Dit deed de partij uiteindelijk niet, maar partijleider Georgos Karatzaferis kwam wel met het idee een referendum te houden over welke naam de Grieken het acceptabel zouden kunnen vinden voor het land dat zij Skopje noemen, naar de hoofdstad van Macedonië. De Grieken kwamen een aantal jaren geleden met het voorstel aan Macedonië om de naam Noord-Macedonië aan te nemen, maar dit bleek ook onacceptabel. Net zoals alle voorstellen gedaan vanuit Macedonië. Het resultaat is dat Macedonië niet kan toetreden tot de NAVO en dat de internationale gemeenschap toekijkt naar deze voor de meeste mensen onbegrijpelijke kwestie tussen twee landen die nu bekend komen te staan als notoire ruziemakers. De secretaris-generaal van de NAVO, Anders Fogh Rasmussen heeft ook al te kennen gegeven dat het veto van Griekenland uit 2008 gewoon overeind blijft. Ondanks de uitspraak van het Internationaal Gerechtshof, blijft het conflict voorlopig dus muurvast zitten.