4 november, 2007 | Auteur: Dorèndel Overmars | Beeld: Suzanne Jager | Trefwoord: nederland
Gehandicapten ontspannen bij De Vosjes
Huifbedrijden bij De Vosjes. Een vorm van ontspanning voor minder validen van alle leeftijden, soorten en maten. Toen Frans de Laat jaren geleden arbeidsongeschikt raakte verzon hij deze ludieke vorm van ontspanning voor gehandicapten. Met behulp van een grote groep pony’s, huifkarren en vrijwilligers, runt Frans zijn stichting. Een concept waarmee hij een glimlach op het gezicht, een glinstering in de ogen of even rust bij zijn klanten bereikt. De Vosjes is gestationeerd op het Prisma terrein – een instituut voor gehandicapten – in Biezenmortel (Noord-Brabant).
Wat huifbedrijden inhoudt? Op een strakgespannen zeil met daarover een kleed kunnen mensen liggen in een speciale huifwagen. Twee pony’s stappen onder het zeil vlot voort, hun konten masseren het lichaam van de passagier. Dit is volgens Frans erg goed voor de doorbloeding en de darmwerking. “De konten van de paarden masseren het lichaam. Mensen die normaal gelaxeerd moeten worden hebben dit na een uurtje in het huifbed niet meer nodig, zo goed stimuleert het de spijsvertering,” vertelt hij.
Vooral meervoudig gehandicapten kunnen van veel geneugten in het leven niet genieten omdat hun geestelijke of fysieke gestel dit niet toelaat. Zo kunnen velen niet makkelijk paardrijden door de bossen. Met de huifbed-karren kan dat wel. Er kunnen wel zeven huifbed-karren achter elkaar worden gespannen, in zijn eentje ment Frans dan alle veertien benodigde pony’s.
Frank ligt voor het eerst sinds uren even helemaal stil. Dit is voor hem niet gewoon. Frank is spastisch en ligt daarom eigenlijk nooit lang stil. Maar tijdens het huifbedrijden ontspant zijn lichaam, een half uur lang heeft hij geen onverwachte stuiptrekkingen.
Zijn begeleidster vertelt waarom dit voor Frank een goede vorm van vermaak is: “Het is voor Frank in bijvoorbeeld een discotheek geen pretje. Daar maken lichtflitsen hem onrustig en versterken zijn spasmen alleen maar.”
Eens in de twee weken komt hij naar Biezenmortel. Frank zou wel vaker willen komen, maar dat kan niet omdat het een dag reizen is en de kosten te hoog zijn. Een speciale taxi haalt en brengt hem van en naar huis. “Het huifbedrijden kost maar acht euro, maar zo’n taxi kost twintig euro. Toch is het echt belangrijk voor hem,” aldus de begeleidster. Dus komt Frank zo vaak als mogelijk.
De ‘kleintjes’ tilt Frans eigenhandig in en uit de huifbedden, maar hij heeft een rugblessure en loopt daarom met een speciaal korset. Voor de grotere klanten heeft hij een speciale lift gemaakt, deze takelt de klanten zo uit de rolstoel naar het bed. Frans en vrijwilliger Piet hebben dat duidelijk vaker gedaan, in een vloek en een zucht is Frank van zijn rolstoel naar het huifbed verplaatst. Een speciale draagzak wordt aan de lift bevestigd, die takelt hem omhoog. Heel even zweeft Frank door de lucht, dan daalt hij alweer neer tussen de warme dekens van het huifbed.
Frans was in de dertig toen hij een ongeluk kreeg dat zijn leven voorgoed veranderde. Tijdens zijn werk raakte hij verstrikt tussen een sjofel en een trekker. “Ik heb acht maanden van top tot teen in het gips gelegen, plat op bed. Heel lang heb ik geweigerd om te eten of drinken, voor mij had het leven geen zin meer. Maar ik had ook nog twee kleine kinderen, van wie eentje gehandicapt is. Voor hen vond ik de kracht om door te gaan.” Hij overleefde en hoe. Doktoren zeiden dat Frans nooit meer zou kunnen lopen. Lange tijd zat hij in een rolstoel en onder de medicatie om de pijn te verlichten. Frans herstelde zich. Deed een stalenkorset om, dat zijn ruggenwervels tegen elkaar duwt, en leerde weer lopen.
Inmiddels is Frans 57 jaar. Al tien jaar lang is hij zeven dagen per week in de weer met zijn paardjes. Daarnaast geeft hij tennisles, staat hij achter de bar in de kantine én kookt hij regelmatig uitgebreide maaltijden, want dat is zijn allergrootste hobby. “De dokter snapt niet dat ik geen medicijnen meer slik, maar die troep vergiftigt je alleen maar. De pijn, tja die heb ik de hele dag. Dat is gewoon een kwestie van een knop omzetten. Ik sta nooit op twee benen, de linker staat altijd op rust. Mocht ik ooit in een rolstoel komen dan verbouw ik de huifwagens gewoon zo dat ik wel door kan gaan met De Vosjes. Ik geniet iedere dag van dit werk.”
Rakker is een veulentje van nog geen half jaar oud. Toch vindt Carlijn hem maar eng: “Bijt hij niet of schopt hij?” “Nee hoor,” zegt Frans die er gemoedelijk op zijn knieën bij zit: “Hij is juist bang voor jou.” Rakker kijkt inderdaad wat schichtig om zich heen, maar blijft zoet staan terwijl Carlijn voetje voor voetje dichterbij schuifelt. Ze overwint haar eigen angsten door toch voorzichtig het paardje te strelen. Daarna glimlacht ze: “Maar hij stinkt wel. Gelukkig niet zo erg als die grote paarden.”
Normaal gesproken rijdt Pieter zelf paard op een speciale manier. Als iemand achter hem gaat zitten kan hij namelijk rechtop blijven zitten. Vandaag mag hij ook een keertje huifbedrijden. Hij vindt het een pracht en glimlacht van oor tot oor. Vooral de knuffels die is de kar hangen fascineren hem, hij grijpt ze om de beurt vast. Alle huifbed-karren zijn op het plafond versierd met de knuffels, er hangen er zeker tweehonderd per kar.
De eerste knuffels kreeg Frans van dankbare passagiers, hij hing ze op in de karren. Mensen ontdekten dat en kwamen na verloop van tijd zakken vol knuffels afleveren bij Frans. Toen de huifkarren vol waren hing Frans de stal waar de karren staan vol met knuffels. Tijdens het tienjarig bestaan in september dit jaar schreef Frans een wedstrijd uit, mensen die konden raden hoeveel knuffels er in de stal en de karren hingen kregen tien huifbed-ritten gratis. Het goede antwoord: 12.161.
De hele dag is Frans in de weer. Naast het opvoeden en verzorgen van de paarden en het rondrijden van zijn klanten maakt hij ook nog een groot deel van zijn tuig zelf. “Anders wordt het onderhoud te duur.” Op een oude trapnaaimachine verwekt hij stukken leer tot bruikbaar tuig.
Ook het bekappen van de paardenhoeven doet Frans zelf, want dat is stukken goedkoper. Frans die van het boerenland komt, leerde het ambacht hoefsmeden al als jongetje. Ietwat bewerkelijk is het wel met zijn ‘stalen’ rug. “Ik bind een touwtje om de benen van het dier en leer ze van jongs af om dan dat been op een bok te zetten. Op de hoogte van die bok kan ik namelijk wel bekappen, maar de hele tijd die benen optillen dat gaat niet met mijn rug.”
Olaf mag vandaag ook huifbedrijden, normaal kan hij niet op zaterdag want dan gaat hij zwemmen. Deze zaterdag is een uitzondering, zijn klasgenootje Carlijn mag bij hem in de wagen zitten op de menstoel “Echt een feestje,” noemt Carlijn dat. De twee giechelen wat af. Ze hebben zichtbaar en hoorbaar plezier. Ook na de rit straalt Olaf nog.
Trots houdt Indy de leidsels vast, terwijl twee forse donkerbruine pony’s in flink tempo voortdraven voor de kar. Als er een auto voorbij komt, grijpt Frans even naar de leidsels om de viervoeters de berm in te dirigeren. Indy is vandaag zeven jaar geworden, haar verjaardagsfeestje viert ze door onder meer met een groep vriendjes en vriendinnetjes een huifkartocht te maken door het mooie landschap van Biezenmortel. Tussendoor ravotten ze een uurtje in de Drunense duinen. Deze Kinder- en vrijgezellenfeestjes organiseert Frans ook. “Daarmee verdien ik wat extra geld om de pony’s te onderhouden en zo kan ik de kosten voor het huifbedrijden zo laag mogelijk houden.”
Terwijl de kinderen door de duinen rennen kunnen de pony’s even uitrusten. Frans zorgt goed voor zijn dieren, één van hen is flink bezweet. Frans legt liefkozend een schapenvacht om zijn hals: “Hij moet geen kou vatten, het is een fijn paard. Vannacht blijven deze twee ook op stal want anders moeten ze te warm de wei in.”
Nonchalant leunt Frans op de rug van Wichel, één van zijn 22 pony’s. “De eerste maanden wilde hij niet voor de kar, maar met een beetje geduld bereik je een hoop.” Frans is nooit bang voor zijn dieren, velen heeft hij zelf gefokt en opgevoed.
Hij tilt zijn broekspijp op, op zijn been wordt een flinke jaap zichtbaar. “Wichel raakte me vorige week toen ik Mambo (een andere pony) uit de wei haalde. Hij draaide zich om, terwijl hij wegrende sloeg hij zijn benen naar achter en raakte hij net mijn been. Maar ja, dat kan gebeuren.”