15 december, 2015 | Auteur: Florien Willems | Beeld: Florien Willems | Trefwoord: nederland
NGO in Myanmar: Impact binnen kaders van de regering
‘Het is nog steeds moeilijk om als ngo binnen Myanmar te werken,’ zegt dr. Zaw Min Sein, oprichter van de Myanmarese ngo Swanyee. De regering in het Aziatische land bepaalt de kaders voor het werk. Corruptie speelt er een belangrijke rol bij het krijgen van de juiste papieren. Ondanks de regels van de regering vertelt Sein op een verrassend open en eerlijke manier over het werk als ngo in zijn land. ‘Echt vrij om in alle sectoren te werken zijn we niet.’
In zijn kantoor in een mooie wijk in Yangon staan diverse Boeddhabeelden en loopt iedereen op blote voeten. Er staat een maquette van hoe dr. Zaw Min Sein het ideale project voor zich ziet. De airconditioning zorgt voor een aangename koelte binnen, terwijl buiten een deken van benauwdheid over de stad ligt en het kwik tot boven de dertig graden stijgt.
Dr. Zaw Min Sein vertelt over de oprichting van Swanyee, het idee ontstond eind jaren tachtig. In die tijd was het absoluut niet gangbaar om een ngo te starten. De regering stond helemaal niet open voor ngo's. Swanyee heeft de eerste jaren illegaal gewerkt. “Het was zo moeilijk om een registratie te krijgen. In 2006 deed ik mijn eerste poging om een registratie te bemachtigen. Pas in 2012 lukte dit. Een jaarlijkse bijdrage en "kadootjes" aan de regering zijn nodig om de registratie te krijgen en te houden. Dat is corruptie. Daaraan moet ik meewerken. Zo werkt dat nu eenmaal in onze cultuur.”
Het hebben van een registratie maakt het werken makkelijker, zeker bij samenwerking met internationale organisaties én bij het krijgen van donorgelden. “Als je geen registratie hebt, kan de regering je arresteren. Je kunt wel gewoon werken, maar dan informeel. Als je naar lokale overheden gaat en vertelt wat je komt doen is het al gauw goed.”
Zaw is Swanyee gestart uit onvrede over de regering. “Tijdens mijn studententijd hadden we een conflict met de regering over onder andere armoede in het land.” Een aantal studenten vluchtte destijds Myanmar uit. Zaw koos voor een ander pad. Hij bleef in het land, maakte zijn studie Public Administration af. “De kennis die ik tijdens mijn studie opgedaan had over sociale ontwikkeling kon ik goed gebruiken om een ngo te beginnen.”
Kaders van de regering
Het werk zelf was in het begin lastig. Het militaire regime wilde niet dat ngo’s zich met allerlei zaken bemoeiden. Hun werkveld werd begrensd tot specifieke onderwerpen die van tijd tot tijd veranderden. Sinds 2011 heerst er geen militair regime meer in Myanmar. De grenzen gaan meer en meer open voor buitenlandse invloeden en de controle van de regering wordt minder. Dit zou het makkelijker maken voor ngo’s om hun werk uit te voeren.
Dr. Zaw Min Sein vertelt echter dat het nog steeds heel lastig is. “De regering houdt nog steeds niet van ngo’s. Bij de start van een project moeten we altijd bedachtzaam zijn op de ideeën van de regering.” De regering bepaalt onderwerpen waarbinnen ngo's "vrij" kunnen werken. Buiten die kaders wordt het lastig. Zaw: “In dit land werk je niet sámen met de regering, maar je moet werken volgens hun perceptie.”
Ngo's in Myanmar kunnen nog steeds niet als gelijke partner met de regering werken en al helemaal niet los van de overheid. Als voorbeeld geeft Zaw HIV/aids. De regering wilde eerste niet dat ngo's zich hiermee zouden bemoeien. Nu kan het wel, maar dit kan zo weer veranderen. Werken aan armoedebestrijding ligt momenteel gevoelig en de deelname van nationale ngo's in vredesopbouw in post-conflictgebieden wordt ook tegengehouden.
Grotere impact
Ondanks de geringe vrijheid om te werken, heeft Zaw wel het idee dat ngo's meer impact hebben gekregen. “We hebben meer impact dan tien jaar geleden. In de gebieden waarbinnen we wél mogen werken gaat het goed. We werken met lokale overheden en zij zien dat ze de hulp van nationale ngo's nodig hebben. Wij begrijpen de lokale context.”
Lokale overheden werken dus steeds beter samen met nationale ngo's. Zaw ziet dat de nationale overheid langzaamaan haar beleid verandert: ook zij hebben nationale ngo's nodig. Hij heeft echter weinig vertrouwen in dat er op korte termijn veel gaat veranderen, maar het gaat gestaag de goede kant op. Zaw is positief: “Het is en blijft voorlopig moeilijk om hier als ngo te werken, maar onze impact wordt steeds groter.”
Weinig donorgelden
“In Europese landen kunnen ngo’s vrij werken. Hier kan dat niet. Er zijn grenzen. Vooral voor ngo’s die werken met politiek gevoelige onderwerpen.” Deze grenzen zorgen voor belemmeringen in de samenwerking van ngo's met buitenlandse partners. “Internationale donoren sturen momenteel geen donorgelden omdat zij wachten op de veranderingen na de afgelopen verkiezingen. Het beleid kan zomaar weer veranderen.”
Het krijgen van donorgelden is sowieso een probleem voor veel nationale Birmese ngo's. Vaak krijgen de internationale ngo's de voorkeur. Het al dan niet hebben van een registratie speelt hierin zeker een rol, volgens Zaw. “Maar”, vertelt hij, “bij vlagen komt er ineens veel geld. Bijvoorbeeld toen cycloon Nargis het land trof. Nationale ngo's zijn toen massaal betrokken in de hulpacties. Daarna veranderde de tendens weer. We weten nooit zeker of we daadwerkelijk geld krijgen van partners. Hier moeten we mee dealen.”
Volgens Zaw begrijpen internationale donoren vaak niet hoe het werkt in Myanmar. Daardoor is het lastig om donorgelden te krijgen. "Ze hebben moeite met de corruptie, maar zo werkt het hier nu eenmaal." Ook willen internationale partners vaak werken aan onderwerpen die dus eigenlijk niet kunnen. "Ik probeer hen uit te leggen dat het voor ons heel tricky is om aan vredesopbouw te werken." Om toch iets op deze onderwerpen te kunnen doen geven veel donoren volgens Zaw liever direct geld aan de regering omdat ze denken dan invloed te kunnen uitoefenen op het beleid.
Zelfvoorzienend in de toekomst
Zaw is positief over de toekomst van zijn ngo. Om niet meer afhankelijk te zijn van donorgelden is hij een social business begonnen. Hij verkoopt duurzame mest aan boeren en met de opbrengst hiervan kan hij weer nieuwe projecten steunen. "Ons streven is om ooit zelfvoorzienend te zijn en dus we proberen om zelf geld te verdienen om in projecten te steken."
Wanneer Zaw zijn eigen geld verdient is ook het afhankelijkheidsprobleem van donoren opgelost. Verder kan hij alleen maar hopen dat het beleid van de nieuwe Birmese regering snel verandert zodat ngo's hier in de toekomst net zo vrij kunnen werken als in Europese landen. Maar er is nog een lange weg te gaan.